Opinie

In zo’n krijgsmacht wil ik niet dienen

Hybride oorlog In een krijgsmacht die serieus overweegt om met nepnieuws burgers te bestoken, zou ik geen officier willen zijn, schrijft . Dat treedt het oorlogsrecht met voeten.
Amerikaans gevechtsvoertuig dat wordt beschoten in Najaf, Irak, tijdens de shiitische opstand in 2004, gezien vanuit een ander gevechtsvoertuig
Amerikaans gevechtsvoertuig dat wordt beschoten in Najaf, Irak, tijdens de shiitische opstand in 2004, gezien vanuit een ander gevechtsvoertuig Foto Joe Raedle/Getty Images

‘Gedwongen’ door het internet en het handelen van onze vijanden, wordt het volgens de krijgsmacht tijd om terug te slaan. De trollen die nu met hun fakenews de zwakte van onze democratie blootleggen – de vrijheid van meningsuiting – moeten met gelijke munt terugbetaald worden.

„Wat als we een fakevideo zouden maken van een Talibanleider die dingen zegt die schadelijk zijn voor zijn positie?” Daarmee zouden we de inzetbaarheid van een Taliban-eenheid omlaag kunnen brengen, suggereerde luitenant-kolonel Gwenda Nielen in NRC (Krijgsmacht onderzoekt inzetten van desinformatie, 31/10). Zij maakt deel uit van de zogeheten Counter Hybrid Unit die Nederland moet helpen beschermen tegen dreigingen, waarbij „de vijand bijvoorbeeld politieke processen beïnvloedt [...] en nepnieuws verspreidt”.

Stomverbaasd heb ik het artikel gelezen; het bewust manipuleren van mensen, begrijp ik, moet gezien worden als een soort krijgslist. Nu is misleiding een militaire kunst die al eeuwen zijn nut bewijst op het slagveld, van Troje tot El-Alamein. „Verberg je motieven totdat het uiteindelijke doel bereikt is”, betoogde de Chinese militair strateeg Sun Tzu. Dus wat kan er mis zijn met de plannen van de krijgsmacht?

Om te beginnen dat Defensie zich in de kaarten laat kijken en tegenstanders een troef in handen geeft. Zelfs als we het nieuws niet manipuleren, kan die tegenstander vanaf heden openlijk aan onze waarheden twijfelen.

Winnen zonder strijd

In plaats van tanks inzetten moeten we vanaf nu gewapend met laster inbreken op Facebook-pagina’s om onze tegenstanders te beïnvloeden. Winnen zonder strijd dus, maar dat gaat eraan voorbij dat op die manier militaire middelen bewust tegen non-combattanten gebruikt worden. Nevenschade – denk aan het bombardement op het Iraakse Hawija – dient voorkomen te worden. Dit plan gaat daarmee lijnrecht in tegen het humanitair oorlogsrecht (het eerste aanvullende protocol bij de Geneefse Conventies) en maakt burgers tot een doel op zichzelf.

Het is, denk ik, deze regelgeving waarop Barbara Visser, de staatssecretaris van Defensie (VVD), doelde toen ze bij WNL aangaf dat het parlement er wel eerst een besluit over moet nemen. Ik kan me niet voorstellen dat dat ermee instemt. Het zijn methodes die aan het fundament van een democratie raken en die we krachtig veroordelen wanneer iemand als Poetin of Erdogan ze toepast. Overtuigd van de kansen die nepnieuws bieden, trappen de krijgsmacht en de staatssecretaris in de valkuil van het lonkende succes, zonder oog voor de gevaren. Ze lijken blind voor het feit dat nepnieuws als een boemerang kan terugkomen.

Nick Clegg: ‘Facebook is geen Darth Vader’

Massavernietigingswapens

Neem de oorlog in Irak in 2003. Om deze te rechtvaardigen moest de wereld geloven dat Saddam Hussein een bedreiging voor ons allemaal betekende. Dat werd het veronderstelde bezit van massavernietigingswapens en de bereidheid om die tegen ons in te zetten. De wapens zijn nooit gevonden, ze waren slechts een excuus om Irak binnen te vallen en Saddams regime omver te werpen.

Wel maakte die invasie op haar beurt het internationale terrorisme, en in het bijzonder Al-Qaida in Irak, sterker. Dat het Westen er niet in slaagde de massavernietigingswapens te vinden, werd een krachtig argument om te beweren dat het in werkelijkeid ging om een oorlog tegen de moslims. In de Iraakse provincie Al Anbar leidde dat tot een opstand, en nadat Al-Qaida daar was verslagen ‘reïncarneerde’ die beweging als Islamitische Staat. Waar het omver werpen van Saddams regime een eind had moeten maken aan de strijd, bleek dit het begin van een nieuwe oorlog.

Natuurlijk kun je zeggen dat Saddam Hussein zich gedroeg alsof hij de massavernietigingswapens wel degelijk bezat, maar ook in zijn geval geldt dan dat het effect van dit ‘nepnieuws’ dan precies datgene was wat hij ermee wilde voorkomen.

Lees ook deze column van Maxim Februari: Het wordt echt interessant aan de grens van de ethiek

Gedragsbeïnvloeding

Als je luistert naar Defensie en de staatssecretaris lijkt het alsof ze het ei van Columbus hebben gevonden. Mij lijkt het dat ze vooral de geesten rijp maken voor dit idee, een vorm van gedragsbeïnvloeding waarvoor in militaire kringen het woord ‘PsyOp’ bestaat (van psychological operations) – u en ik worden gemasseerd om het fundament van een democratie, de universele rechten van de mens ondergeschikt te maken aan een oorlogsdoel. En om in te stemmen met een overheid die voor ons aller bestwil mag liegen. Maar durven en kunnen we dan nog wel vertrouwen op die overheid als we er zelf mee in conflict zijn?

Natuurlijk, oorlog verandert door het internet van gedaante. Het slagveld is niet per definitie de plaats waar je alleen met tanks en soldaten toegang hebt. Ook op het web worden we bedreigd en aangevallen. Die informatieoorlog maakt dat we blootstaan aan een constante dreiging van manipulatie.

Daar moeten we ons zeker bewust van zijn en tegen verweren. Maar als het parlement en de strijdkrachten zich laten verleiden om onze eigen democratische normen los te laten, dan gaan we te ver. Dan bewijst Clausewitz, de Pruisische generaal en strateeg, opnieuw zijn gelijk met de waarschuwing dat oorlog „gekenmerkt wordt door een eigen logica die in theorie moet leiden tot het extreme”.

De werkelijke oplossing ligt in de waarheid en niets dan de waarheid. In een leger waar de leugen een wapen is en waar de krijgsmacht zich richt op burgers, zou ik geen officier willen zijn.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.