Twijfel en achterdocht, juist dát kan de NAVO niet hebben

NAVO-samenwerking De Franse president Macron noemde de NAVO onlangs „hersendood”. Heeft hij gelijk? Er zijn veel ruzies over strategie en missie.

Amerikaanse mariniers eind vorige maand bij Noors-Amerikaanse oefeningen in Setermoen, in het noorden van Noorwegen.
Amerikaanse mariniers eind vorige maand bij Noors-Amerikaanse oefeningen in Setermoen, in het noorden van Noorwegen. Foto’s Reuters

Emmanuel Macron praat veel, maar vorige week trok hij met één woord wereldwijd de aandacht: „hersendood”. In The Economist stelde hij dat de NAVO op politiek niveau eigenlijk niet meer functioneert.

Overtuigde atlantici hapten naar adem. Ze vonden de uitlatingen van de Franse president óf onverantwoord óf onjuist óf beide. In Berlijn reageerde kanselier Merkel bits dat dramatische woorden niet hielpen en dat zij de NAVO helemaal niet zo ziet. Uit Moskou kwam prompt bijval. „Goed gesproken”, zei een woordvoerder.

Lees ook over de Duitse reactie: De NAVO ‘hersendood’? Voor Duitsland is dat geen optie

Hoeveel leven zit er nog in alliantie? Is de NAVO een organisatie met zwakke plekken en hier en daar een meningsverschil? Of is het een vermolmd systeem, op sterven na dood?

De NAVO is een complexe organisatie, maar haar belangrijkste politieke kapitaal is één simpele belofte. De NAVO-landen beloven voor elkaar in te staan als één van hen wordt aangevallen. De belofte is vastgelegd in het fameuze artikel 5 van het NAVO-handvest. Er is dus maar één manier om echt zeker te weten of de NAVO niet meer functioneert: als in het geval van een aanval op een NAVO-land de overige landen de andere kant op kijken. Artikel 5 werd maar één keer aangeroepen: na de terroristische aanslagen op de Verenigde Staten van 11 september 2001.

Om te voorkomen dat het tot de ultieme test komt heeft de organisatie een product: afschrikking door eenheid. De vijand moet ook gelóven dat artikel 5 werkt. Kibbelende NAVO-partners doen daar afbreuk aan, al te eerlijke analyses door prominente NAVO-leiders eveneens.

Een verband gebouwd op solidariteit en eenheid kan één ding niet hebben: twijfel – en juist twijfel en achterdocht zijn in de afgelopen jaren de NAVO binnengeslopen en laten zich niet meer zo gemakkelijk verjagen.

Onevenwichtige organisatie

De NAVO is een onevenwichtige organisatie: 28 landen rond één grootmacht. En laat nu juist die grootmacht keer op keer openlijk twijfelen aan het nut van het bondgenootschap. De Amerikaanse president Donald Trump noemde haar „obsolete” en aarzelde lang voordat hij artikel 5 zei te onderschrijven. En op de vraag van een journalist waarom zijn zoon Montenegro met zijn leven zou moeten verdedigen zei Trump dat hij dat ook niet wist. Trump heeft ook weinig op met de Europese Unie. Twijfel over de NAVO gecombineerd met dédain over de EU kwam in Europa hard aan. De VS waren sinds de Tweede Wereldoorlog immers de grote sponsor en beschermheer van Europese eenheid.

Het hielp ook niet dat Trump een ondoorzichtige relatie heeft met de Russische president Vladimir Poetin. De NAVO had een duidelijke rol in de Koude Oorlog, richtte zich vervolgens op acties buiten het NAVO-grondgebied en leek daarna zoekende. In 2014 blies Poetin met de annexatie van de Krim en inmenging in Oekraïne in één keer alle existentiële twijfel weg: Oost-Europese landen voelden zich bedreigd, het Westen had wel degelijk een vijand en de NAVO een reden van bestaan.

De kans dat Rusland morgen Polen binnenvalt, is niet zo groot, maar Rusland kan met hybride oorlogsvoering heel wat onheil aanrichten in het Westen. Een langdurig structureel conflict met de NAVO zou de kleine Russische economie niet aankunnen, maar Rusland is een kernmacht en heeft de gave met bescheiden middelen de NAVO alert te houden.

Trump combineerde de twijfel met een keihard gevecht om hogere defensie-uitgaven. De NAVO-landen hebben zich in 2014 verplicht om tegen 2024 2 procent van het bbp aan defensie uit te geven. Die uitgaven stijgen weliswaar, maar slechts een handvol landen voldoet al aan de norm en van een grote groep is bekend dat ze het niet zal halen.

Trump heef dus een sterke zaak tegenover de Europese regeringsleiders, maar door ze op vergaderingen steeds opnieuw als kleuters over de knie te leggen, bedierf hij de sfeer. De organisatie staat voortdurend onder druk. Landen die niet genoeg geld uitgeven, vertelt een Europese diplomaat, hebben de neiging om de VS op andere terreinen tegemoet te komen om die druk af te kopen.

Spanningen ontstonden ook over de Amerikaanse opzegging van het Amerikaans-Russische INF-verdrag voor middellangeafstandwapens, een voor Europa cruciaal ontwapeningsverdrag dat raketten verbood die op Europa gericht stonden. De VS constateerden dat Rusland het verdrag uit 1987 had overtreden door een nieuwe raket te ontwikkelen en zegden het begin dit jaar op. Hoewel de Russische overtreding niet werd betwist, hadden veel Europese landen liever een andere oplossing gezien, maar omwille van de eenheid volgden de Europeanen de VS.

Defensiebudget VS in Europa stijgt

Het optreden van de VS is verre van eenduidig. Het Amerikaanse Congres nodigde secretaris-generaal Jens Stoltenberg in april uit voor een feestrede en terwijl de president twijfel zaaide met woorden, schroefden de VS hun militaire aanwezigheid in Europa juist op. De Amerikaanse defensie-uitgaven in Europa stegen. Vorige maand werden, klein praktijkvoorbeeld, vier B52-bommenwerpers overgevlogen van Louisiana naar Gloucestershire. „Tegenstanders opgelet, bommenwerpers zijn terug en ready to roll”, aldus het persbericht van de Amerikaanse luchtmacht. „De stationering is een bewijs van onze spijkerharde bekentenis tot de NAVO-bondgenoten en onze belofte de veiligheid in de regio te waarborgen”, zei een Amerikaanse generaal.

Een andere grote krijgsmacht binnen de NAVO is de Turkse – en laat nu Turkije steeds weer de grenzen opzoeken van de onderlinge afspraken. Trump flirtte soms met Poetin, president Erdogan werkt met hem samen in Syrië en kocht zelfs een raketafweersysteem in Moskou – een ongekende provocatie in een militair bondgenootschap met geïntegreerde wapensystemen. Turkije staat al jaren te boek als een partner die zich niet soepel voegt naar de consensus. Onder druk wordt alles vloeibaar, zeggen ze wel eens bij de NAVO, behalve Turkije.

Combinatie van twee nachtmerries

De Turkse inval in Noordoost-Syrië, vorige maand, was een combinatie van twee NAVO-nachtmerries. De VS hadden tot vlak voor de inval tegen Europese bondgenoten volgehouden dat ze zich niet uit Syrië zouden terugtrekken en gingen toch aan de kant. Turkije schaadde vervolgens met de inval Europese belangen. De spanningen liepen in Brussel zo hoog op dat sommige diplomaten moesten denken aan de NAVO-crisis van 2003 toen Frankrijk en Duitsland de VS niet wilden volgen in de Irak-oorlog. NAVO-partners haalden hard uit naar Turkije en probeerden zo min mogelijk kritiek te uiten op de VS.

Stel nu dat Turkije een tegenaanval van het Syrische regime had uitgelokt, vroeg Macron zich in The Economist af, moeten wij Turkije dan verdedigen? En: wat is een bondgenootschap waard waar strategische beslissingen niet gezamenlijk worden genomen?

Macrons verbale bommetje was opvallend getimed: vlák voor de dertigste jaardag van de val van de Muur en kort voor een NAVO-feestje in Londen vanwege de zeventigste verjaardag begin volgende maand. Zijn analyse brachten de ongerijmdheden waarmee de NAVO moet omgaan nog eens duidelijk aan het licht. Terwijl de militaire samenwerking op dagbasis soepel lijkt te draaien, zijn er grote meningsverschillen over strategie en missie.

Dertig jaar na het einde van de Koude Oorlog is het niet logisch dat Europa zijn verdediging uitbesteed aan de VS en met de komst van Trump is zonneklaar dat Europa zichzelf moet leren verdedigen. Voor Duitsland kan dat alleen binnen de NAVO en met een oog voor de dreiging die Oost-Europese landen ervaren uit Rusland. Voor Frankrijk kan dat ook náást de NAVO en, indien mogelijk, in combinatie met een toenadering tot Rusland.

Macron werpt ook de vraag op waarom een voor de Europese veiligheid belangrijke missie zoals in Syrië geen echte NAVO-missie is, maar een ad-hocverband waar ook de NAVO later lid van werd. Hoe meer zaken buiten de NAVO om geregeld worden, hoe onbelangrijker het bondgenootschap immers wordt. Macron heeft de grote, sluimerende vragen over de NAVO met één ferme klap nog eens op tafel gelegd. Moskou was er blij mee, vraag is of Europa er nu zijn voordeel mee doet.