Acht doden door bomaanslag in noorden Syrië

Bij een bomaanslag nabij de Syrische grensplaats Tal Abyad, die door Turkije is bezet, raakten ook twintig mensen gewond.
Inwoners van het dorp Suluk staren naar de overblijfselen van de ontplofte auto.
Inwoners van het dorp Suluk staren naar de overblijfselen van de ontplofte auto. Foto Zein Al Rifai/AFP

Bij een bomaanslag in Noord-Syrië zijn zondag acht doden en twintig gewonden gevallen. Dat meldt persbureau AFP op basis van het Turkse ministerie van Defensie. Turkije geeft de Koerdische militie YPG de schuld van de aanval waarbij volgens Ankara „onschuldige burgers” omkwamen. Of de YPG daadwerkelijk achter de aanval zit, is nog onduidelijk.

De explosie vond plaats in een dorp ten zuiden van de Syrische grensstad Tal Abyad, in het gebied dat door Turkse troepen wordt bezet. Volgens persbureau AFP ontploften de bommen in het dorp Suluk.

Afgelopen weekend kwamen er dertien mensen om het leven bij een aanslag met een autobom in Tal Abyad. Toen zei een woordvoerder van de door Koerden aangevoerde militie Syrische Democratische Strijdkrachten dat de bom door het Turkse leger geplaatst was, om bewoners uit de regio te verjagen.

Lees ook: Met ‘veilige zone’ langs Turkse grens krijgt Erdogan precies wat hij wilde

Het Turkse leger heeft vorige maand tijdens een offensief een deel van het grensgebied van Syrië ingenomen. Hierdoor raakten ongeveer 200.000 mensen op drift. President Recep Erdogan achtte de bezetting nodig om een bufferzone te creëren tegen Koerdische strijders, deze minderheid aartsvijanden van Turkije. Dit werd mogelijk nadat president Donald Trump van de Verenigde Staten plotseling besloot de Amerikaanse militairen terug te trekken uit het gebied.

De Koerden waren een belangrijke bondgenoot van de NAVO in de strijd tegen IS. Met het verslaan van de terreurstaat kregen ze een deel van het Syrisch grondgebied in handen. Turkije en Rusland patrouilleren inmiddels gezamelijk in de strook van omstreeks dertig kilometer.