Twee verdachten van verstoring anti-Zwarte Piet-bijeenkomst langer vast

De politie pakte vrijdagavond een jongen van dertien en vier mannen op voor openlijke geweldpleging en poging tot brandstichting bij een bijeenkomst van Kick Out Zwarte Piet.
Anti-Zwarte Piet-demonstranten tijdens de landelijke intocht op de Zaanse Schans in 2018.
Anti-Zwarte Piet-demonstranten tijdens de landelijke intocht op de Zaanse Schans in 2018. Foto Freek van den Bergh/ANP

Twee van de vijf personen die zijn aangehouden voor openlijke geweldpleging en poging tot brandstichting bij een bijeenkomst van Kick Out Zwarte Piet (KOZP) in Den Haag, blijven langer vastzitten. Het gaat om twee mannen uit Den Haag van 25 en 22 jaar oud, meldt de politie. De drie anderen zijn vrijgelaten maar blijven wel als verdachten aangemerkt.

De politie ontving vrijdag rond 19.30 uur een melding dat er „vernielingen werden gepleegd” bij een bijeenkomst van de anti-Zwarte Piet-organisatie KOZP. Eenmaal ter plaatse zagen agenten dat een „groep personen” brand had gesticht en bezig was dingen kapot te maken. Onder meer de ramen van meerdere auto’s en het pand waar KOZP binnen was, zijn vernield. Uiteindelijk wist de politie een jongen van dertien en vier mannen tot 37 jaar oud in te rekenen.

Volgens de politie waren zo’n zeventig mensen aanwezig bij de bijeenkomst van KOZP. De extreem-rechtse beweging Pegida en de Haagse ondernemer John van Zweden hadden van tevoren tegenstanders van de anti-Zwarte Piet-groepering opgeroepen de bijeenkomst te verstoren. Het is niet bekend of de verdachten aanhangers zijn van Pegida.

Minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) heeft het geweld zaterdag veroordeeld. Hij stelde dat niemand mag proberen „vrije debatcultuur en vrijheid van meningsuiting te beïnvloeden met geweld of gewelddadige acties”. KOZP zelf spreekt over een „daad van terreur”.