Opinie

Zo’n schrijver van wie je iedere letter wilt lezen

Michel Krielaars

Serhi Zjadan is zo’n schrijver van wie je iedere letter wilt lezen, zo goed is hij. Maar dan moet je wel Oekraïens kennen, want vooralsnog is alleen Vorosjylovhrad, zijn surrealistische roman over een verloren generatie van dertigers in het armoedige Oost-Oekraïne van de eerste jaren van deze eeuw, in het Nederlands verschenen.

Afgelopen weekeinde was Zjadan in Den Haag op het Crossing Border Festival. Het bood me een uitgelezen kans om hem te ontmoeten. Zo vaak spreek je tenslotte geen schrijver, die op de barricaden van de Majdan in Charkov en Kiev voor de vrijheid van zijn land heeft gestreden.

We hebben afgesproken in de lobby van zijn hotel, waar Zjadan (1974) me met een Oekraïense tolk opwacht. Hij weigert Russisch met me te spreken vanwege de afscheidingsoorlog in de Oost-Oekraïense Donbass, die door Rusland is ontketend. Een oorlog waarvan hij niet had verwacht dat die ooit zou uitbreken. „De meeste mensen in Loehansk en Donetsk, of ze nu etnische Russen of Oekraïners zijn, willen gewoon bij Oekraïne blijven”, zegt hij.

Vanaf de eerste dag dat er Russische soldaten in zijn land verschenen, begon Zjadan over gewone mensen in oorlogstijd te schrijven. Het leverde de roman Internat op, die erover gaat hoe een oorlog hun levens verwoest en waarvan ik hoop dat hij gauw vertaald wordt. „Wat ik in die roman niet heb verteld, verwerk ik nu in een toneelstuk. De personages hebben niet in de gaten dat het oorlog is en proberen hun gewone leventje voort te zetten.”

Het stoort Zjadan dat West-Europa niet begrijpt wat er in zijn land werkelijk aan de hand is. „De Majdan-opstand ging niet over het EU-verdrag, maar over de dekolonisatie van Oekraïne als een voormalige Sovjet-republiek. Rusland doet er alles aan om jullie te laten geloven dat het bij ons alleen om extreem-rechts nationalisme draait. Het Westen kijkt naar Oekraïne door een Russische bril. Europese intellectuelen denken nog in de matrix van de Koude Oorlog. En in die werkelijkheid en dat denken is geen plaats voor een onafhankelijke staat Oekraïne.”

Ook vraag ik hem of de Sovjet-nostalgie, die in Vorosjylovhrad zo uitvoerig aan de orde komt, Rusland in die beeldvorming van pas komt. „In Oost-Oekraïne verlangen velen terug naar de Sovjet-Unie. De politici in dat gebied hebben die nostalgie de afgelopen twintig jaar extra gevoed. Maar nostalgie blokkeert je ideeën over de toekomst. Hoogstens word je opnieuw bang voor de VS en de NAVO en praat je over Stalin met sympathie. Mijn grootvader had de door Stalin gecreëerde hongersnood van begin jaren dertig meegemaakt en veel familieleden verloren. Toch bleef hij, net als mijn vader, tot aan zijn dood een groot bewonderaar van Stalin.”

In zijn jeugd in de Sovjet-Unie geloofde ook Zjadan in de communistische propaganda over het Amerikaanse imperialisme. „Het heeft velen een trauma bezorgd, want toen de Sovjet-Unie verdween, bleek alles één grote leugen te zijn.”

Als we afscheid nemen besef ik des te meer dat met een voortwoekerende oorlog in de achtertuin van Europa alleen schrijvers als Zjadan je kunnen uitleggen wat er aan de hand is. De schrijver als psychiater van zijn volk in oorlogstijd. In het chaotische en instabiele Europa van de 21ste eeuw kunnen er niet genoeg van zijn.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.