Onvrede over woningnood dwingt Amerikaanse techreuzen in sociale rol

Wonen betaalbaar houden – meestal is dat een publieke taak. Maar in de Verenigde Staten bemoeit het bedrijfsleven zich er steeds meer mee – vooral techfirma’s, die het gebrek aan betaalbare woonruimte steeds meer als probleem voor hun imago zien.

Apple maakte maandag bekend dat het 2,5 miljard dollar (2,2 miljard euro) wil bijdragen aan de aanpak van de Californische woningcrisis. Door de toevloed van goedverdienend personeel van Apple en andere techbedrijven is woonruimte in met name de Bay Area rond San Francisco voor velen onbetaalbaar geworden. San Francisco telt rond de 7.000 daklozen. In een interview met persbureau Reuters zei Apple-bestuursvoorzitter Tim Cook dat het bedrijf een „diepe verantwoordelijkheid voelt” om de crisis aan te pakken. De publieke onvrede groeit. Vorig jaar stemde de bevolking van San Francisco voor verhoging van de vennootschapsbelasting, een initiatief van organisaties die zich om het daklozenprobleem bekommeren.

Het geld van Apple gaat onder meer naar steun aan leraren, verpleegkundigen en politieagenten die hun eerste huis willen kopen. Facebook en Google gaven elk al zo’n miljard dollar aan woningbouwprojecten in Californië. En Microsoft draagt bij aan de bouw van woningen in thuisbasis Seattle.

Intussen betekent de schaarste aan woningen ook kansen op rendement. Maandag werd bekend dat de Nederlandse verzekeraar Aegon woningen gaat ontwikkelen voor Amerikanen met lage inkomens. Aegon sloot een deal van 60 miljoen dollar voor de bouw van huizen in een achterstandsbuurt van Sacramento in Californië. (Reuters/ ANP)