Opa werkte bij de Stasi, maar wat deed hij daar?

Scholieren over de DDR Is het waar dat Duitse jongeren net zo weinig weten over de DDR als over Napoleon? In de oude grensplaats Ilsenburg probeert geschiedenisleraar Küchler hun kennis bij te spijkeren.

Leerlingen van de Goethe-Sekundarschule in Ilsenburg luisteren naar geschiedenisleraar Stefan Küchler die vertelt over de wachttorens bij het IJzeren Gordijn.
Leerlingen van de Goethe-Sekundarschule in Ilsenburg luisteren naar geschiedenisleraar Stefan Küchler die vertelt over de wachttorens bij het IJzeren Gordijn. Foto Gordon Welters

Het duurt lang voor het woord dictatuur valt. Of onderdrukking. „Er was saamhorigheid, de mensen hielpen elkaar”, zegt een leerling. „Iedereen had werk”, zegt een ander, en weer een ander: „Het leven was niet slecht.” En: „Er werd veel aan sport gedaan.”

Geschiedenisleraar Stefan Küchler heeft de hele ochtend uitgetrokken voor de geschiedenis van de DDR en de val van de Berlijnse Muur, op 9 november precies dertig jaar geleden. Als huiswerk moesten zijn leerlingen van de tiende klas (tussen de 15 en 17 jaar) hun ouders vragen hoe ze die tijden in de verdwenen communistische staat hadden beleefd.

„Veel was beter dan nu. Maar er was ook de grens.” Die hermetisch afgesloten en zwaar bewaakte grens met het toenmalige West-Duitsland liep hier in het stadje Ilsenburg aan de voet van het Harz-gebergte, op slechts een paar kilometer afstand. Ilsenburg lag in een Sperrzone; wie hier niet woonde had een speciale vergunning nodig er op bezoek te komen.

„De scholieren weten nauwelijks iets over die tijd”, heeft Küchler voor de les gewaarschuwd - ook al groeiden hun ouders er op, net als hijzelf. Behalve leraar is hij ook directeur van de Goethe Sekundarschule, een middelbare school met 400 leerlingen in een modern, uitnodigend gebouw met veel blank hout waar overal licht naar binnen valt.

Voor de leerlingen heeft Küchler foto’s uit 1989 op het bord gehangen. Van de massademonstratie in Leipzig, in oktober van dat jaar, met de tekst ‘De macht van de straat’. Van de Brandenburger Tor, op de grens van Oost- en West-Berlijn.

Daarnaast oude omslagen van het weekblad Der Spiegel, waaronder één van 6 november 1989 met in grote letters: ‘Is de DDR nog te redden?’ Drie dagen later viel de Muur. Op een andere cover staat: ‘…en er viel niet één schot’.

Napoleon

Op veel plaatsen viert Duitsland dezer dagen de 30ste verjaardag van de ‘Vreedzame Revolutie’, of de Wende, zoals de omwenteling van 1989 wordt genoemd. Maar wat weten jongeren, geboren in het herenigde Duitsland, eigenlijk over de DDR en de ondergang van dat land? Niet veel meer dan over Napoleon, constateerde een studie twee jaar geleden bezorgd.

„Jullie hebben veel positieve dingen over de DDR opgenoemd”, zegt Küchler. „Maar waar protesteerden de mensen eigenlijk tegen?” Eerst aarzelend, dan sneller komen de antwoorden. „Je kon weinig dingen kopen, of moest er heel lang op wachten.” „Je moest oppassen met wat je zei. De vrijheid van meningsuiting was beperkt.” „Duitsland was gedeeld, je kon je familie in het Westen niet bezoeken.” Een meisje schrijft de trefwoorden op het bord, waaronder dictatuur, vrijheid en bananen - die vrijwel niet te krijgen waren.

„Mijn opa”, zegt een jongen openhartig, „werkte bij de Stasi”, de gevreesde binnenlandse inlichtingendienst. „Hij was heel streng: mijn vader mocht nooit naar televisiezenders van het Westen kijken. Mijn moeder ging naar de kerk, en was een beetje tegen de DDR. Je mocht niet naar het buitenland reizen.”

Küchler heeft zijn dierbare oude windjack met Gorbatsjov-button maar thuis gelaten, al zou het goed illustratiemateriaal zijn geweest. „Je werd steeds een klein beetje moediger, op het eind ging ik erin naar m’n werk.” Maar voor de sleutelrol die de Sovjet-leider als grote hervormer bij de omwenteling speelde, is vandaag toch geen tijd. Muziek heeft de leraar wel meegenomen.

Luister ook naar: Muziek uit de Muur

Hij klapt zijn laptop open en speelt het melancholieke liedje ‘Als ich fortging’ af, van de band Karussell. In de nadagen van de DDR was het een grote hit, later werd het een soort hymne van de Wende. „Niets is blijvend, als niemand het echt wil”, is een van de regels waar de klas over doorpraat.

Gaat het over een voorbije liefde, of over de naderende ondergang van een ongeliefd regime en het einde van een land? „Ik krijg er nog altijd kippenvel van”, zegt Alf Breitenstein, een collega van Küchler die ook deelneemt aan de les. „Een wonder dat het destijds niet verboden is”, vindt Küchler.

„Waarom was het eigenlijk zo moeilijk om te vluchten?”, vraagt hij. In een hoek van het lokaal staat een maquette van een stuk Duits-Duitse grens. Liefdevol gemaakt als het landschap van een modelspoorbaan, maar dan met wachttorens, schijnwerpers en prikkeldraad aan weerszijden van de grens.

Aan de westkant staan kleine uitkijkplatforms – „zodat je kon zwaaien naar familie aan de overkant”, weet een meisje. Dan draait de leraar de maquette om, zodat de leerlingen nu van Oost naar West kijken, en voor hun neus bordjes hebben met ‘Grenzgebiet. Betreten und Befahren verboten!

Todesstreifen”, zegt een jongen, wijzend op de levensgevaarlijke strook tussen de hekken, waar de Oost-Duitse grenspolitie menige vluchteling heeft doodgeschoten. „Die grens moest ervoor zorgen dat de mensen niet naar buiten konden”. En hij citeert het liedje: „Nichts ist von Dauer, wenn’s keiner recht will.”

Zó weinig weten deze scholieren dus ook weer niet over het verleden van het land van hun ouders en grootouders. En ze kunnen ook meepraten over de verwarrende tijd na de val van de Muur en de Duitse eenwording elf maanden daarna.

„Mijn opa kon alleen nog maar tijdelijke baantjes vinden.” „Mijn oma was onderwijzeres en moest haar opleiding opnieuw doen.” „Mijn moeder wilde eigenlijk gaan studeren, maar moest nu meteen gaan werken.” „Mijn pleegmoeder had twaalf jaar gewacht om een Wartburg te kunnen kopen, maar nu kocht ze een auto uit het Westen en gaf ze die Wartburg gewoon weg.”

Aan de hand van een verslag in een lokale krant van de novemberdagen in 1989 wil Küchler nog wel even benadrukken hoe euforisch men was na de val van de Muur. „Mensen waren in tranen. Ze vielen elkaar in de armen. Niemand had verwacht dat dit realiteit kon worden.”

Tot slot vraagt hij zijn leerlingen wat de Vreedzame Revolutie betekent voor hun eigen leven, in 2019. „Er zijn meer daklozen”, zegt de een stuurs. „Een arts in het Westen verdient nog altijd meer dan een arts in het Oosten”, voegt een ander daar aan toe.

Voelen ze zich nog Oost-Duits? Dat ontkennen de scholieren eensluidend. „Alleen als ik in het Westen bij een vriendin kom, merk je dat de oudere generatie ons nog als Ossies ziet”, zegt een meisje. „Ik vind dat beledigend. Zelf denken wij helemaal niet meer in die termen.”

Eigenlijk best trots

Na afloop van de les, in zijn kantoortje, kan leraar Küchler niet verbergen dat hij eigenlijk best trots is op z’n leerlingen. Zoals de bedoeling was, hebben ze met ouders en grootouder over de DDR gesproken en daar ook wat van opgestoken. „Maar”, relativeert hij: „Die jongen wiens opa bij de Stasi werkte, heeft die ook te horen gekregen wat opa daar deed?”

Jammer vindt hij dat de leerlingen weinig politiek bewust zijn. Het ontgaat ze niet alleen volkomen dat de rechts-nationalistische partij AfD campagne voert met leuzen van dertig jaar geleden, zoals ‘Vollende die Wende!’. Ze zijn ook niet bezig met kwesties van nu, zoals de scholieren-klimaatstakingen Fridays for Future, zegt Küchler bijna spijtig.

Lees ook:Ik dacht nu wordt de DDR eindelijk Democratisch

„Om de huidige politieke situatie te begrijpen, is het wezenlijk de geschiedenis van de bondsrepubliek en de DDR te kennen”, zegt Jens Hüttmann, een van de auteurs van het rapport uit 2017 over de gebrekkige kennis over de DDR bij scholieren, in een telefonische toelichting.

„Het is gevaarlijk dat in het geschiedenisonderwijs te verwaarlozen. Zeker in een tijd waarin je ziet hoe snel democratieën kunnen veranderen in autoritaire systemen.”

Twee dagen nadat in Berlijn de Muur viel, werd ook de grensafscheiding bij Stapelburg, vlakbij Ilsenburg, geslecht. De minister-president van Saksen-Anhalt komt dit jaar om het ter plekke te vieren. En ook de leerlingen van de Goethe-Sekundarschule zullen daarbij zijn.