Recensie

Recensie

De steun aan ING kwam met horten en stoten tot stand

Bankencrisis Over ING tijdens de crisis was nog geen reconstructie geschreven. Nu, elf jaar later, is die er. Maar hoe het eraan toeging in de top van de bank toen alles misging, wordt niet duidelijk.

Toenmalig ING-baas Tilmant (midden), minister Bos (links) en DNB-topman Wellink kondigden in 2008 aan ING een kapitaalinjectie van 10 miljard euro te geven.
Toenmalig ING-baas Tilmant (midden), minister Bos (links) en DNB-topman Wellink kondigden in 2008 aan ING een kapitaalinjectie van 10 miljard euro te geven. Foto Evert Elzinga/ANP

Het is 2 oktober 2008, het hoogtepunt van de kredietcrisis. Twee bestuursleden van ING melden zich bij het kantoor van De Nederlandsche Bank (DNB) in Amsterdam. Na de val van Lehman Brothers in de Verenigde Staten is er paniek in de financiële wereld, onder banken die elkaar niet meer vertrouwen, op de beurzen. Het ministerie van Financiën, geassisteerd door DNB, heeft een paar weken eerder het Nederlandse deel van Fortis – waaronder ABN Amro – genationaliseerd voor 16,8 miljard euro. Nu heeft ook bank-verzekeraar ING miljardenhulp nodig om niet om te vallen.

Over de opsplitsing en redding van dé bank, zoals ABN Amro zich destijds in reclames noemde, zijn boeken (De Prooi, De Kloof), een toneelstuk (De Prooi) en een documentaire (De Achtste Dag) gemaakt. Het verhaal van ING, de grootste financiële instelling van Nederland, is in de geschiedschrijving over de kredietcrisis onderbelicht gebleven. Journalist en schrijver Roel Janssen, bij het begin van de crisis werkzaam op de economieredactie van NRC Handelsblad, wil daar elf jaar na dato een eind aan maken met zijn boek De Afrekening. Hoe ING langs de rand van de afgrond scheerde, dat een paar weken geleden verscheen.

Janssen heeft gretig gebruikgemaakt van de verslagen van de parlementaire enquêtecommissie-De Wit II (2011-2012). Bij die commissie zijn vrijwel alle hoofdrolspelers aan het woord gekomen, waardoor de meeste brokjes van het verhaal van ING al publiek zijn. Janssen sprak zelf met vijfentwintig direct betrokkenen, onder meer bij Financiën, DNB, de Brusselse mededingingsautoriteiten en ING.

Amerikaanse dochter

Met veel details beschrijft De Afrekening hoe de steun aan de bank-verzekeraar met horten en stoten tot stand kwam. ING werd uiteindelijk gered met 32,4 miljard euro aan noodhulp van de Nederlandse overheid. Het bedrijf had niet alleen last van het onderlinge wantrouwen in de sector, maar zat via de Amerikaanse dochter ING Direct zelf voor miljarden in de opgeknipte en herverpakte hypotheekleningen die de basis legden voor de crisis.

De volledig online opererende ING-dochter had in de VS agressief klanten aangetrokken met een hoge spaarrente. Om die hoge rente te kunnen bieden, stak ING Direct 40 miljard dollar in hypotheekproducten met hoog rendement en een navenant hoog risico. Toen de Amerikaanse huizenmarkt instortte, bleek het eigen vermogen van ING niet voldoende om de klappen op te vangen.

In eerste instantie kreeg ING 10 miljard euro aan kapitaalsteun van minister Bos, terwijl ING zelf vooral af wilde van de giftige hypotheekportefeuille op de balans. Toen de kapitaalsteun onvoldoende bleek, nam de Nederlandse staat via een ingewikkelde constructie alsnog een groot deel van de risicovolle portefeuille over. Janssen gaat in De Afrekening uitgebreid in op de strijd in Brussel, waar de Mededingingsautoriteiten afdwingen dat ING wordt opgeknipt in een bank en verzekeraar (nu NN Group.

Witte raaf

Vrijwel alle verhalen over de kredietcrisis gaan over onwetendheid bij de grote spelers en een paar outsiders die het allemaal zagen aankomen. Janssen voert Tonko Gast op, een Nederlander in New York die al vroeg doorheeft dat de hypotheekbeleggingen slecht nieuws zijn. Hij waarschuwt DNB én ING in de zomer van 2008, maar wordt niet gehoord in Nederland. Daarvoor al, in mei 2008, dwong de Amerikaanse toezichthouder ING Direct te stoppen met het kopen van de hypotheekproducten, schrijft Janssen in een bijzin. Waarom de toezichthouder dat deed, legt hij helaas niet uit.

Banken schrijven op dat moment wereldwijd al miljarden af op de risicovolle beleggingen. ING betaalt in dezelfde periode 6,5 miljard euro aan aandeelhouders via dividend en inkoop van eigen aandelen. Chief risk officer Koos Timmermans bezweert tijdens de presentatie van de kwartaalcijfers in augustus dat ING ‘flinke verliezen kan hebben’. Een paar weken later staan hij en een ING-collega bij De Nederlandsche bank op de stoep: er is nú hulp nodig.

Thriller met bekende afloop

De Afrekening wordt als ‘financiële thriller’ verkocht, maar omdat iedereen de afloop al weet, werkt die opzet niet goed. ING bestaat nog steeds als bank, en de Nederlandse staat maakte winst op het reddingspakket. Dat geldt natuurlijk ook voor andere boeken over de kredietcrisis, maar die laten je vaak uitgebreider meekijken met het gezweet in de bestuurskamer of bij de witte raven die de crisis zagen aankomen. Hier heeft de auteur juist voor een wat afstandelijke vertelvorm gekozen, waardoor je minder het gevoel krijgt in de keuken van de crisisteams mee te kijken.

Voor Janssen lijken de deuren van de bestuurskamer van ING bovendien dicht gebleven, en dat is jammer. Een belangrijke vraag blijft daardoor onbeantwoord: hoe kan het dat ING zo weinig wist van zijn eigen huishouding, en met name die van de brutale Amerikaanse dochter? Alle banken hebben de crisis onderschat – anders was het niet zo misgegaan – maar de ING’ers dachten ook na de val van Lehman dat het bij hen zou meevallen. Hoe ging het eraan toe in de top terwijl alles en iedereen uiteindelijk op tilt sloeg? Dat had een interessant inzicht geboden in de bedrijfscultuur, ook elf jaar later.

Want het blazoen van ING is sindsdien niet schoon gebleven: een jaar geleden kreeg de bank 775 miljoen euro boete vanwege gebrekkige controle op witwassen. Opmerkelijk is dat de ING-leiding dit opnieuw onderschatte. Terwijl al bekend was dat een boete ophanden was, voerde die een debat over hogere lonen voor de top. Als een auteur zich voor dit onderwerp meldt, staan de deuren van de ING-bestuurskamer hopelijk wel open.