OM: afpakken nationaliteit hindert vervolging Syriëgangers

Kritiek Openbaar Ministerie Minister Grapperhaus wil, tegen het advies van het Openbaar Ministerie in, Syriëgangers hun Nederlanderschap afnemen.

Minister Ferdinand Grapperhaus van Justitie en Veiligheid (CDA) arriveert op het Binnenhof voor de wekelijkse ministerraad.
Minister Ferdinand Grapperhaus van Justitie en Veiligheid (CDA) arriveert op het Binnenhof voor de wekelijkse ministerraad. Foto Bart Maat / ANP

Syriëgangers kunnen hun straf ontlopen als gevolg van het beleid van minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) om jihadisten het Nederlanderschap af te pakken. Het belang van vervolging en berechting wordt hiermee op soms „onaanvaardbare wijze” geschaad. Dat staat in vertrouwelijke adviezen van het Openbaar Ministerie (OM) aan minister Grapperhaus, die NRC heeft ingezien.

De interne adviezen bevestigen het beeld dat het OM lijnrecht tegenover zijn ‘eigen’ minister van Justitie en Veiligheid staat in de aanpak van IS-strijders. Waar het OM Syriëgangers in Nederland voor de rechter wil brengen, wil Grapperhaus terugkeer juist verhinderen door hun nationaliteit af te nemen. Volgende week doet de rechtbank uitspraak in een kort geding waarin 23 IS-vrouwen eisen dat Nederland hen terughaalt.

Een wetswijziging uit 2017 maakt het mogelijk om het Nederlanderschap in te trekken van personen die voor een buitenlandse terreurbeweging actief zijn, zonder hiervoor te zijn veroordeeld. De maatregel is tot nu toe elf keer opgelegd. Volgens Grapperhaus komen er nog honderd Syriëgangers voor in aanmerking.

Vóór iedere intrekking moet het OM worden geraadpleegd, om te voorkomen dat de maatregel strafrechtelijke vervolging doorkruist. Dit is dus volgens het OM in diverse zaken het geval, blijkt uit de tot nu toe geheime adviezen geschreven door de leiding van het OM, het College van procureurs-generaal.

Zo waarschuwt het OM op 2 augustus 2018 minister Grapperhaus voor het intrekken van de nationaliteit van de 28-jarige Adil B. De zaak van de nog in Syrië verblijvende jihadist, bij verstek veroordeeld tot zes jaar cel, is namelijk nog niet in hoger beroep behandeld. Als Adil B. door het afnemen van zijn nationaliteit zijn hoger beroep niet kan bijwonen, is de kans „reëel” dat de rechter het OM niet-ontvankelijk verklaart – en B. dus zal vrijspreken. Desondanks besloot Grapperhaus zijn nationaliteit in te trekken. Het hoger beroep is nog niet geweest.

Ook in de zaak van de 23-jarige Syriëganger Sara C. negeerde Grapperhaus een advies van het OM. Het intrekken van haar Nederlanderschap zou het opsporingsbelang „doorkruisen”, aldus het advies, omdat er nog een strafrechtelijk onderzoek loopt naar de Schiedamse. Toch werd ook haar nationaliteit ingetrokken.

Hetzelfde geldt voor voormalig IS-strijder Hatim R., die vastzit in een Koerdische gevangenis. Over hem meldde het OM aan de minister dat een intrekking van zijn nationaliteit „op dit moment” geen strafrechtelijk onderzoek doorkruist, maar mogelijk in de toekomst wél. Wanneer Hatim R. opnieuw strafbare feiten zou hebben gepleegd, kan het OM hem mogelijk niet meer vervolgen omdat hij geen Nederlander meer is.

Dinsdag dient een rechtszaak over de intrekking van zijn nationaliteit. Advocaat Florimond Wassenaar zal daar de landsadvocaat om opheldering vragen. „De verwarring over het Nederlandse beleid ten aanzien van Syriëgangers is groot”, zegt Wassenaar. „De minister pakt blijkbaar tegen de wens van het OM in nationaliteiten af. En wat de reden is dat mijn cliënt deze maatregel krijgt opgelegd en al die andere Syriëgangers niet, is een volledige black box. Zonder een heldere verklaring berust dit beleid op pure willekeur.”

Lees ook: Uitreizigers stellen kabinet voor dilemma

In de interne adviezen van het OM worden nog andere bezwaren tegen de maatregel genoemd. Zo vreest het OM dat Syriëgangers in hun strafzaken lagere straffen krijgen opgelegd, omdat rechters kunnen meewegen dat zij hun nationaliteit al zijn verloren. Ook kan de intrekking ertoe leiden dat Syriëgangers niet naar Nederland kunnen komen, terwijl zij hier nog een straf hebben openstaan. Dit zou betekenen dat zij „straffeloos” zouden blijven voor „ernstige terroristische misdrijven”.

Een woordvoerder van het OM wil niet reageren. „Wij communiceren niet publiekelijk over adviezen”. Een woordvoerder van Grapperhaus laat weten dat het intrekken van het Nederlanderschap „de verantwoordelijkheid van de minister en de staatssecretaris” is. „We nemen alle adviezen mee in onze afweging. Maar dat betekent natuurlijk niet dat je ieder advies ook volgt. Als de inschatting is dat het in het belang van onze nationale veiligheid is om iemands Nederlanderschap in te trekken, dan gebeurt dat.”