Opinie

De chemische industrie gaat de wereld redden

Rosanne Hertzberger

Met de huidige klimaatkoers komt Nederland nog maar een paar procenten CO2-reductie tekort om de doelstellingen voor 2030 uit het Klimaatakkoord te halen. Dat werd gisteren bekend. De vraag is of extra maatregelen nodig zijn. Na de aankondiging vorige maand van grote bezuinigingen bij Tata Steel, één van de grootste CO2-uitstoters van dit land, fantaseerde men bij RTL-Z hardop over de effecten van een productiestop in IJmuiden.

Conclusie: het zou verdrietig nieuws zijn voor de bijna 20.000 werknemers die direct of indirect van Tata afhankelijk zijn. Maar de klimaatwinst die ermee kon worden geboekt, moest veel mensen toch als muziek in de oren klinken. Nederland zou de klimaatdoelstellingen met vlag en wimpel kunnen halen.

De grootste klimaatwinst kun je nog steeds boeken bij de Top 10 Viespeuken. Wie het lijstje erbij pakt en de kolencentrales even weg denkt, ziet dat de grootste uitstoot nog steeds uit de chemische sector komt. Staal uit IJmuiden, ammoniak uit Zeeuws-Vlaanderen, raffinaderijen in Rotterdam en Chemelot bij Geleen.

Wat zou er gebeuren als die zouden verdwijnen? Wat maakt het uit als Nederland iets minder ruwe olie opwerkt of wat minder staal en kunstmest exporteert? De chemische industrie blijft een vaag ver-van-je-bed verhaal, onduidelijk wat die nou precies bijdraagt, en bovendien serieel klimaatcrimineel. Je hoort alleen over zo’n fabriek als het grafiet regent in IJmuiden, of als er brand is, een lek, een ongeluk. Het is verleidelijk om die industrie gewoon nog wat harder aan te pakken. Dat zet zoveel meer zoden aan de dijk dan dat gehannes thuis met radiatorfolie, plastic scheiden en korter douchen.

Maar het wegpesten van de chemie zou van een sterk staaltje greenwashing getuigen: je eigen straatje schoon vegen. Die staalproductie gaat gewoon verder in India en China. Daar meten ze minder, klagen ze minder, zijn de wetten niet zo streng en weten ze heel goed hoe ze werknemers en omwonenden de mond moeten snoeren. En heus, ik weet hoezeer dit argument misbruikt wordt door multinationals. Het is een wrede vorm van afpersing wanneer ze richting overheden dreigen hun productie te verplaatsen indien de lokale FNV niet inbindt, de dividendbelasting in stand blijft of de milieuwetten strenger worden.

Maar er is ook een andere kant. Want als we het de industrie echt onmogelijk gaan maken in Nederland, dreigen we een wel heel steriel eilandje te worden. Een land vol kantoortjes dat alleen uitstootvrije services verleent, geld beheert, belegt, verzekert, logistiek begeleidt, software, games en goede ideeën exporteert. Stelt u zich een land voor zonder vieze koeien die vieze methaanwinden laten, zonder vieze raffinaderijen, vieze havens en vieze staalproductie, omdat we die allemaal effectief naar de rest van de wereld hebben geëxporteerd. De rechters zouden tevreden toekijken hoe de vonnissen worden nageleefd en wij aan onze portie van het Parijse klimaatakkoord voldoen. We zouden als braaf land ook zoveel geloofwaardiger anderen de maat kunnen nemen, bijvoorbeeld als India te veel uitstoot of als het er lokaal weer eens grafiet regent. Maar hypocriet zou het ook zijn.

Een van Tata Steels eerste maatregelen na de aankondiging van de bezuinigingen was de opstart van de Hisarna-proeffabriek uitstellen. Een fabriek waarin men experimenteert met veel schonere staalproductie. Dat soort innovaties kan wereldwijd de CO2-uitstoot van staalproductie stevig terugbrengen. Nederland zou dat kunnen realiseren en exporteren, maar dan moet de chemie wel hier blijven.

Deze week kwam ook in het nieuws dat er veel stikstofwinst in de melkveehouderij kan worden geboekt wanneer we gebruikmaken van een specifiek soort enzymremmer als toevoeging aan het voer. Het zou niet de eerste keer zijn dat een Nederlands bedrijf een grote energiebesparende innovatie de wereld in helpt. Eerder hielp Unilever wereldwijd de wastemperatuur terug te brengen naar 40 graden met behulp van enzymen. Dat zijn hoopvolle ontwikkelingen. Ik wil in een land wonen dat het groene voorbeeld kan zijn voor de rest, niet omdat het zijn straatje schoonveegt, maar omdat het echt iets verandert in de wereld.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.