Wiebes is toch ‘enigszins opgelucht’

Reactie kabinet Minister Wiebes kondigde vrijdag maatregelen aan die moeten helpen om nog in 2020 de CO2-uitstoot verder te verminderen.

Foto Walter Herfst

Het klimaatbeleid voor de jaren twintig staat al op achterstand voordat het decennium begonnen is, en toch zat minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) vrijdag redelijk tevreden aan tafel met journalisten. „Ik ben enigszins opgelucht.”

‘We zijn niet meer het vieste jongetje van de klas’

49 procent minder CO2-uitstoot in 2030, dat was het doel waarmee het klimaatbeleid van dit kabinet begon, toen in 2017 het regeerakkoord gesloten werd. Vrijdag oordeelde het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) dat het doel niet wordt bereikt met de maatregelen die nu zijn genomen. Over elf jaar zal de uitstoot van broeikasgassen 43 à 48 procent minder zijn dan in 1990. Daarmee schiet het klimaatbeleid van het kabinet tekort voor het VN-klimaatakkoord van Parijs uit 2015, dat de opwarming van de aarde moet beperken.

Klimaatdag: Nederland doet het beter, maar niet goed genoeg

Ook aan de harde eisen die er voor 2020 aan het Nederlandse klimaatbeleid gesteld zijn, voldoet het kabinet niet. Er is volgend jaar hoogstwaarschijnlijk te veel uitstoot om te voldoen aan de rechterlijke Urgenda-uitspraak, die veel meer CO2-reductie eist voor 2020. Ook produceert Nederland te weinig duurzame energie om aan Europese wetgeving te voldoen. Vertraging is nadelig voor het klimaat, want CO2 die eenmaal is uitgestoten, kan nog eeuwenlang bijdragen aan de opwarming.

Meer subsidie warmtepompen

Wiebes kondigde vrijdag maatregelen aan die moeten helpen om in 2020 wel te voldoen aan het Urgenda-vonnis en de Europese eis. Zo komt er meer subsidie voor warmtepompen voor huizen, en voor grote hernieuwbare energieprojecten.

Maar het kabinet gaat niet opnieuw om tafel om het klimaatdoel in 2030 met meer zekerheid te halen. Rutte III is volledig opgeslokt door de stikstofcrisis en de problematiek rond de bodemvervuiling met PFAS. Premier Rutte bracht de klimaatdoelen vrijdag in de wekelijkse persconferentie nauwelijks ter sprake. Hij beloofde met extra maatregelen te komen om deze problematiek deels op te lossen. Zowel hij als Wiebes rekent erop dat die ingrepen ook de klimaatdoelen voor 2020 en 2030 dichterbij brengen.

Minister Wiebes ziet het in juni gesloten klimaatakkoord voor 2030, waarover anderhalf jaar is onderhandeld door polder en politiek, als een succes. Volgens Wiebes hebben de onderhandelaars „hun tonnen gehaald”. Ze hadden de opdracht om maatregelen te treffen om 48,7 miljoen ton CO2 te besparen, en volgens de minister is dat gelukt.

Dat het kabinet toch niet voldoet aan het doel voor 2030, komt doordat de fossiele economie sinds het regeerakkoord op volle snelheid doordraaide. Op allerlei terreinen is er meer uitstoot dan voorzien, door lage aardgasprijzen en sterke economische groei. We rijden bijvoorbeeld meer en in grotere auto’s, er is meer industriële productie, meer energieverbruik in de Nederlandse kassen.

De groei van duurzame energie – zoals houtstook, zonnepanelen en windmolens – kan daar niet tegenop.

De opgave voor het komende decennium is dus nog groter dan voorzien. Daar komt bij dat veel van de maatregelen die nu zijn voorgesteld, nog moeten worden uitgewerkt. Maar Wiebes wil niet „schieten op bewegend wild”, zei hij vrijdag. „De wereld verandert, en dat is altijd onaangenaam”, zei hij over de economische ontwikkelingen. In de brief die hij vrijdag aan de Tweede Kamer schreef, staat dat het vooral komt „door factoren die buiten de invloedssfeer van het kabinet liggen”.

Denk aan de Europese markt die nu wordt overspoeld met goedkoop aardgas, zoals uit de VS. Toch heeft het kabinet ook zelf invloed, bijvoorbeeld op de prijs voor gebruik van fossiele energie, met belastingen.

Wiebes herhaalde het kabinetsstandpunt over Urgenda: „We blijven zoeken naar maatregelen” om de doelen te halen. Hoe het daar werkelijk mee staat, is haast niet meer te volgen. De maatregelen van het kabinet uit juni om Urgenda te halen zijn niet doorgerekend door het PBL.

Het kabinet denkt zelf dat het doel toch dichtbij is, en dat er nog slechts 2 miljoen ton CO2 extra bespaard moet worden tot volgend jaar. Het is niet te controleren of dat klopt.

Over het halen van het klimaatdoel van 49 procent was Wiebes vrijdag stellig: „Het kabinet staat voor 49 procent in 2030.” Over het hogere doel van 55 procent in 2030 waar Wiebes en Rutte in Europa voor pleiten was Wiebes opvallend zuinig: „Ik heb een regeerakkoord en dat voer ik uit. Dus pleit ik in Europa voor wat er in het regeerakkoord staat.”