Opinie

Ruimtereis naar de aarde

Robbert Dijkgraaf

Ligt onze toekomst op aarde of in de ruimte? Dat was de hamvraag in het gesprek tussen de optimist en de pessimist. Alle grote problemen van de wereld passeerden, zoals klimaatverandering, bevolkingsgroei, infectieziekten en milieuvervuiling.

De optimist begon: toegegeven, de uitdagingen zijn enorm, maar ze zijn oplosbaar, althans in principe. Er is geen natuurwet die ons verbiedt schone, duurzame energie voor iedereen te ontwikkelen. Zeker met de schat aan natuurlijke bronnen, bovenal de onuitputtelijke zon. Verder laten de cijfers zien dat de wereldbevolking uiteindelijk zal krimpen. Als een zeker welzijnsniveau is bereikt, krijgen mensen minder kinderen. Vergeet ook de zegeningen van nanotechnologie, bio-engineering en kunstmatige intelligentie niet. Hiermee kunnen we slimmere steden bouwen en het milieu ontzien. Kijk eens hoe de vervuiling uit het verleden is aangepakt. Er is hoop!

De pessimist luisterde hoofdschuddend naar dit betoog. Voor hem was het kristalhelder. Dit gaan we nooit redden. De honger naar energie en welvaart en economische groei is niet te stuiten. De rest van de mensheid wil ook auto’s, airconditioning en vliegvakanties. De aarde is eenvoudigweg te klein om deze vraag aan te kunnen. Er is maar één uitweg en wel omhoog. De ruimte in. Uiteindelijk gaat de mensheid wonen in gigantische ruimtesteden. Metropolen als enorme satellieten die zich baden in de overvloedige zonne-energie, zonder enige zorg over broeikasgassen of vervuiling.

Zucht van verlichting

En planeet aarde? Die zal een zucht van verlichting slaken. Eindelijk verlost van de plaag van de mensheid, zal de natuur haar evenwicht terugvinden. De ultieme bestemming voor korte vakanties vanuit de ruimte. Lekker drie weken per jaar uitrusten in het nationale park De Aarde. Even ouderwets genieten van bomen, vogels en blauwe lucht.

Maar, zei de optimist, als je zo graag in de ruimte wilt wonen, ga dan eerst een tijdje kamperen op de Zuidpool. Of op de top van Mount Everest. Daar is het een stuk aangenamer dan buiten de dampkring.

Kijk eens naar het kunstmatige leven in de hoogbouw van Hongkong of New York, antwoordde de pessimist. De ruimtesteden zullen niet anders zijn. Het went snel.

Wie krijgt gelijk? Dit jaar vieren we de vijftigste verjaardag van de maanlanding. Terugkijkend kun je alleen maar onder de indruk zijn van deze technologische topprestatie, zeker nu de onbemande missies van Israël en India net op de maan zijn gecrasht. Helemaal indrukwekkend is hoe binnen tien jaar na de ‘lancering’ van het plan door president John F. Kennedy, de astronauten daadwerkelijk voet op de maan zetten.

Reuzenvolk met superkracht

Woonde er in de jaren zestig een reuzenvolk met superkracht in de Verenigde Staten? We vergeten gemakkelijk de enorme financiële inspanningen van dit megalomane project. De raketten werden mede voortgestuwd door de wapenwedloop van de Koude Oorlog. De totale kosten van het Apolloprogramma in de periode 1961-1974 worden geschat op zo’n 288 miljard dollar, na inflatiecorrectie. In het piekjaar 1965 werd maar liefst 0,4 percent van het Amerikaanse bbp hieraan uitgegeven.

Computers, zonnepanelen, satellieten, smartphones – het moderne leven is bijna ondenkbaar zonder de vruchten van de maanlanding. Maar er was een nog belangrijkere opbrengst. Een nieuwe blik op iets vertrouwds. Weinigen hebben een poster van de maan aan de muur hangen, maar de beroemde Earthrise, de aarde opkomende boven de horizon van de maan, werd een icoon. Het is een cliché, maar de grootste les van de ruimtevaart was de herontdekking van onze planeet. Het merendeel van de satellieten kijkt nu niet naar boven maar naar beneden. Smeltende ijskappen en gletsjers, bosbranden en orkanen, alles wordt bestudeerd vanuit het perspectief van de ruimte.

Het twistgesprek tussen de optimist en de pessimist over de eindbestemming van de mensheid was amusant, ware het niet dat dit twee van de rijkste mensen ter wereld betrof. Vertegenwoordigers van de groeiende groep megarijke individuen die niet alleen een verreikende visie hebben, maar ook de financiële slagkracht om deze waar te maken. Het grote verschil met de jaren zestig is niet dat er nu geen ambitieuze toekomstdromen zijn over een betere wereld, op aarde of in de ruimte. Het zijn echter niet langer de dromen van naties, maar van welvarende burgers.

Brandend raketvuur

Vooral in de kringen van technologie-entrepreneurs brandt het raketvuur heftig. Men probeert elkaar de loef af te steken in deze nieuwe ruimterace. Door de ongekende concentratie van rijkdom worden de beslissingen over de bestemming van ons allen steeds meer door een kleine bovenlaag genomen. ’s Werelds twintig rijkste miljardairs bezaten volgens het tijdschrift Forbes in 2018 een gecombineerd vermogen van 1,2 biljoen dollar. Dat is goed voor vier complete Apolloprogramma’s. Betaald uit eigen zak.

Ik weet niet hoe u erover denkt, maar een bestaan in een anonieme ruimtestad met een keer per jaar een bezoek aan natuurpark De Aarde trekt mij niet bijzonder aan. Daar ben ik te optimistisch voor. Misschien moeten we, geïnspireerd door de maanlanding, een nieuw ambitieus doel stellen: een miljardair laten landen op planeet aarde.

Robbert Dijkgraaf is directeur van het Institute for Advanced Study in Princeton.