Dwingt de rechter het kabinet dan tot actie?

Rechtszaak Als de staat 78 vrouwen en kinderen niet terughaalt, vallen ze straks in handen van Assad, betoogden vijf advocaten vrijdagmiddag bij de rechter.

Het Al-Hol kamp in Syrië. De mensen op de foto komen niet voor in het verhaal.
Het Al-Hol kamp in Syrië. De mensen op de foto komen niet voor in het verhaal. Foto Delil Souleiman

Heeft de staat de plicht om Nederlandse vrouwen en kinderen, die nu in Noord-Syrische kampen zitten, terug te halen naar Nederland? Ja, betoogden vijf advocaten vrijdag in een kort geding dat zij namens 23 uitreizigers en 55 meest jonge kinderen in de kampen Al-Hol en Al-Roj hadden aangespannen. Nee, aldus de landsadvocaat namens de staat, zo’n juridische verplichting bestaat niet.

Opeens stond het dilemma op de stoep

De vijf advocaten, onder leiding van André Seebregts, eisten dat de staat de vrouwen en hun kinderen binnen twee weken repatrieert, of daar althans concrete voorbereidingen voor treft. „Ze moeten zo snel mogelijk terug, anders vallen de kinderen straks in handen van [de Syrische president] Assad”, aldus Seebregts. Recente ontwikkelingen in het gebied waarbij het Syrische leger zijn macht in de buurt van de kampen uitbreidt, maakt snelle actie volgens hem noodzakelijk. De overheid is volgens de advocaat „verplicht” om „mensenrechtenschendingen jegens haar onderdanen proberen te voorkomen”.

De staat vindt echter dat de vrouwen en kinderen zelf moeten proberen terug te keren via Turkije, zoals staand beleid is. „Het lot van de kinderen laat de staat niet onberoerd”, aldus de landsadvocaat. „Maar hun lot kan er niet toe leiden dat de Nederlandse staat haar beleid wijzigt.” Eerder deze week lukte het twee vrouwen en drie kinderen de Nederlandse ambassade in Ankara te bereiken. Zij waren zes weken geleden gevlucht uit kamp Al-Hol.

De landsadvocaat wees verwijzingen door de eisers naar Europese mensenrechtenverdragen, kinderrechtenverdragen en internationale verdragen over consulaire bijstand van de hand, onder meer op grond van het feit dat Nederland geen rechtsmacht heeft in Noord-Syrië. Daardoor kan de staat eventuele verplichtingen uit genoemde verdragen niet uitvoeren. Aanbiedingen van bijvoorbeeld de VS en de Koerden om Nederland te helpen bij repatriëring van vrouwen en kinderen veranderen daar niets aan, aldus de landsadvocaat. Het aanbod van de VS is volgens hem te weinig concreet, gezien de omstandigheden in het gebied. De Koerden hebben na de Turkse inval te weinig invloed om hun aanbod waar te maken.

Advocaat Seebregts bracht vrijdag een tot nu toe onbekend gebleven memo van terrorismebestrijder NCTV in stelling. Het gaat om conclusies van een interne brainstorm met onder meer AIVD, Openbaar Ministerie en Kinderbescherming van voorjaar 2018. Daaruit blijkt dat de deelnemers terugkeer van de kinderen in het belang achten van de nationale veiligheid. „Als terugkeer niet plaatsvindt, kunnen deze kinderen op latere leeftijd een risico vormen", bijvoorbeeld door indoctrinatie in de kampen. Aan terugkeer van ouders kleven zowel voor- als nadelen, aldus de experts. „Terugkeer van ouders brengt risico’s met zich mee, maar maakt dit risico ook meer controleerbaar.”

De eisers vroegen een dwangsom van 2.000 euro per dag mocht de staat bij toewijzing van de eis door de rechter het vonnis niet uitvoeren. Volgens hen was dat eerder gebeurd met een vonnis van de Rotterdamse rechtbank vorig jaar. De rechtbank doet op 11 november uitspraak.