Vrouwelijke Tories zijn agressie zat

Verloop Conservatieven Opvallend veel vrouwelijke politici vertrekken voor de verkiezingen omdat ze genoeg hebben van bedreigingen en verwensingen.

Lagerhuis-voorzitter John Bercow, woensdag, bij het laatste parlementaire vragenuurtje onder zijn voorzitterschap.
Lagerhuis-voorzitter John Bercow, woensdag, bij het laatste parlementaire vragenuurtje onder zijn voorzitterschap. Foto Jessica Taylor/EPA

De een kiest voor een abstracte formulering als „inbreuk op mijn privéleven”. De ander praat openlijk over de waanzin dat volksvertegenwoordigers paniekknoppen in hun huis moeten installeren om zich veilig te voelen. De een vertrekt liever met stille trom. De ander maakt van haar keuze uit de politiek te stappen een groot verhaal.

Britten gaan begin december stemmen

Verloop in aanloop naar verkiezingen is normaal in de Britse politiek. En de cijfers bij Labour (18 van de 244 Lagerhuisleden) verschillen amper van die bij de Conservatieven (25 van de 298 Tories, plus zeven ex-fractiegenoten). Wat wel opvalt, is hoeveel, vaak vrouwelijke, politici er bij de Conservatieven de brui aan geven omdat ze de bedreigingen, verwensingen en bakken digitale drek die ze over zich uitgestort krijgen meer dan beu zijn.

In een brief noemt Nicky Morgan „de opofferingen, en verwensingen, die tegenwoordig horen bij een baan als volksvertegenwoordiger” als reden om niet verder te willen. Het vertrek van Morgan is vermeldenswaardig. Politiek gezien hoeft zij weinig te vrezen. Ze is loyaal aan premier Boris Johnson en dient als minister van Cultuur in zijn regeringsploeg. Toch vertrekt ze. In een interview met de BBC zegt Morgan dat de opkomst van sociale media het makkelijker maakt voor burgers om scheldkanonnades af te steken.

Heidi Allen, die na vier jaar bij de Tories in februari uit de fractie stapte, schrijft dat ze uitgeput is door „de smerigheid en intimidatie die gewoon is geworden”. Ze vervolgt: „Niemand in welke baan dan ook zou bedreigingen, agressieve e-mails, geroep op straat, gevloek op sociale media moeten tolereren.”

De moord op Jo Cox

De impliciete frustratie van de vertrekkende politici die de bedreigengen en scheldpartijen beu zijn, is dat premier Johnson en de partijleiding te weinig doen. Johnson veroorzaakte in september een rel door dergelijke klachten van Labour-politici af te wimpelen. Zij wezen erop dat hoeveelheid bedreigingen toeneemt als de toon in het politieke debat verhardt. Zij wezen op de moord op Lagerhuislid Jo Cox in 2016 en vroegen Johnson zijn toon tegen Brexit-tegenstanders te matigen. „De beste manier om Jo Cox te eren, is om de Brexit te regelen”, sneerde Johnson toen.

Politici op hun hoede na moord op Jo Cox

Partijvoorzitter James Cleverly schreef op Twitter dat hij het hartverscheurend vindt dat „goede collega’s” vertrekken wegens bedreigingen. Hij schreef ook dat het beroep van politicus „onvoorspelbaar en zeer stressvol is”. Volksvertegenwoordigers moeten veerkrachtig zijn, aldus Cleverly.

Vertrekkende mastodonten

De verkiezingen van 2019 zijn het eindstation voor enkele politieke Conservatieve mastodonten. Ken Clarke (79 jaar oud en in 1970 voor het eerst verkozen) houdt ermee op, net als Nicholas Soames (71 jaar oud en in 1983 voor het eerst verkozen), de kleinzoon van Winston Churchill. Ook enkele politieke talenten willen niet verder namens de partij. Rory Stewart (46) viel tijdens de verkiezing voor het partijleiderschap op als iemand die mogelijk het stokje kon overnemen over een paar jaar als de Brexit geregeld was en de partij terug naar het politieke midden zou zwenken. Stewart wil als onafhankelijke kandidaat volgend jaar verkozen worden tot burgemeester van Londen.

De partijleiding wil niet lang stilstaan bij de vertrekkende collega’s, zeker niet als ze tot het andere Brexit-kamp behoren. Premier Johnson had in het Lagerhuis woensdag geen dankwoord voor Clarke, de scheidende father of the house, de volksvertegenwoordiger met de langste staat van dienst. Terwijl speaker Bercow hem na het wekelijkse vragenuurtje warm toesprak, joelde een groot deel van het Lagerhuis, wapperden parlementariërs ter instemming met hun paperassen en klapten ze zelfs. Johnson en zijn ministers bleven roerloos zitten.

Bij de Tories is men ervan overtuigd dat de fractie in het Lagerhuis na de verkiezingen gedomineerd zal worden door politici die voorstander zijn van een harde Brexit en die willen dat het Verenigd Koninkrijk het Europese sociale model loslaat. Deze hardliners willen dat het mes gezet wordt in milieunormen en vakbondsbescherming om de Britse economie meer concurrerend te maken. Steve Baker, voorman van de hardliners, zei tegen verschillende Britse media dat hij overtuigd is dat zijn groep in omvang zal groeien.

Politici op de rechterflank van de Tories wijzen er eveneens op dat veel van de vertrekkende fractiegenoten vooral een vlucht naar voren kiezen. Zij waren de afgelopen jaren tegen de Brexit, vertegenwoordigen kiesdistricten waar overwegend Leave is gestemd tijdens het referendum en vrezen nu afgestraft te worden in hun kiesdistrict. In de ogen van de hardliners is hun vertrek uit de politiek het verdiende loon na jaren van acties om de Brexit te vertragen.