‘De media geven veganisten onevenredig veel aandacht’

Mediavreters Natuurlijk heeft zijn sector invloed op milieu en omgeving, erkent schapenhouder Bart Kemp. Maar in de discussie daarover is de balans volgens hem helemaal zoek.

Illustratie Anne Caesar van Wieren

Bart Kemp (42) is schapenhouder. Een van de boeren die de leiding nam in de protesten. Hij doet dat namens Agractie Nederland. „Met onze acties proberen wij wat meer balans in het debat over landbouw te brengen. Veganisten kregen de afgelopen jaren onevenredig veel aandacht in de media. Zij zijn de agrarische sector liever kwijt dan rijk. Zo wordt het boerenvak en het houden van dieren bezoedeld. Ik zie het als mijn taak de kloof tussen boer en burger te dichten. De kennis over hoe producten in supermarkten terechtkomen is weggezakt, zeker in de randstad.

„Dat is een doel voor de lange termijn. Op kortere termijn speelt nu het debat over het stikstofvraagstuk. Natuurlijk hebben dierhouderij en teelt invloed op milieu en omgeving. Maar ik wil dat er in het gesprek erover ruimte is voor het hele plaatje. In Nederland produceren we heel efficiënt, we zijn in de afgelopen jaren al veel minder ammoniak gaan uitstoten. We kunnen meer doen. De voorwaarde is wel dat de politiek evenwichtig kijkt naar sectoren als industrie en luchtvaart. Nu is het grootste slachtoffer de landbouw. Die gaan we halveren terwijl de rest door mag gaan met vervuilen. Wij willen een duurzame oplossing. Stop met vlees, groente en fruit onnodig de hele wereld over te slepen. Zet er druk op dat in onze supermarkten en restaurants Nederlandse producten voorrang krijgen. Maar vooral ook, laten we nieuwe afspraken maken over de Natura 2000 met de EU.

„We zitten er niet op te wachten dat bij acties door boeren deuren worden vernield. Zoiets keuren we niet goed. Ik snap wél waar het vandaan komt. Er zijn daar 20.000 boeren die geraakt worden. Op zo’n moment hoeft er maar iets te gebeuren… Jammer is vooral dat zo’n voorval logischerwijs veel van de aandacht opslokt. Onze eigen acties organiseren we via de website en Facebook. Daar zien we dat we veel meer mensen bereiken dan via Twitter. Het allerbelangrijkst is ons reguliere medianetwerk. Daar zien we snel resultaat. Als we een persbericht sturen, verschijnen binnen een kwartier al de eerste nieuwsberichten. Onze geloofwaardigheid is daarvoor cruciaal. We denken dus goed na over onze uitingen en hoe we ons opstellen. In ons team zitten mensen gespecialiseerd in marketing en communicatie.

„Nieuws lees ik in bijlagen van kranten, zoals NRC. De hapsnapmedia volg ik niet, dan denk ik aan AD.nl, NU.nl, Telegraaf.nl en NOS.nl. Zij zoeken nieuwswaarde, maar dekken vaak niet de hele lading. Ik lees veel agrarische vakliteratuur en onderzoeken van bijvoorbeeld de Wageningen Universiteit. Maar ik lees ook over de natuur op bijvoorbeeld de website Free Nature, een stichting die werkt aan de ontwikkeling van spontane natuur.

„Actualiteitenprogramma’s, zoals Pauw, De Wereld Draait Door, Zondag met Lubach kijk ik om de stemming te peilen en in te schatten wat voor bereik ze hebben. Nu ik zo druk ben, kom ik minder aan ontspanning toe. Die vond ik in reportages over natuur en het boerenleven. Maar vooral op het land zijn, geeft rust. Met schapen houden begon ik om te ontsnappen aan hectiek en deadlines. Ik ben opgegroeid op de boerderij, maar daarna een tijd het bedrijfsleven ingedoken. Op het moment dat ik genoeg geld had om te starten als boer, ben ik het meteen gaan doen.”