Lagarde zit voorlopig vast in het keurslijf dat Draghi naliet

De nieuwe ECB-chef Christine Lagarde Ambities heeft de net aangetreden president van de Europese Centrale Bank genoeg. Maar eerst moet Christine Lagarde de werksfeer binnen het ECB-bestuur verbeteren en de vrijheid bevechten om zélf de lijnen uit te gaan zetten.

Illustratie Pepijn Barnard

Geruisloos gaat het niet, de machtswissel aan de top van de Europese Centrale Bank. Christine Lagarde, de nieuwe president van de ECB die deze vrijdag begint, wil de dingen anders gaan doen dan haar voorganger Mario Draghi, zo heeft de Française al duidelijk laten blijken.

Lagarde (63), afkomstig van het Internationaal Monetair Fonds, heeft geen gebrek aan ambitie. Ze wil de ECB opener maken, zei ze in september toen ze door het Europees Parlement werd ondervraagd. Ze wil de centrale bank klimaatvriendelijker maken, zei ze toen ook. En afgelopen week liet ze in het Duitse weekblad Der Spiegel weten dat ze wil zoeken naar „de gemeenschappelijke basis” binnen het 25-koppige ECB-bestuur.

Vooral met die laatste opmerking nam Lagarde impliciet afstand van Draghi, die in zijn nadagen nog een fikse ruzie veroorzaakte bij de ECB. Ruim een derde van het bestuur keerde zich in september tegen het door de Italiaan doorgedrukte plan om opnieuw staats-en bedrijfsleningen te gaan opkopen, om de inflatie aan te jagen. De gemeenschappelijkheid was ver te zoeken.

Eenvoudig krijgt Lagarde het hoe dan ook niet. Niemand kan voorspellen wat ze in haar achtjarige termijn precies zal tegenkomen aan economische schokken, aan financiële crises en aan politieke onrust binnen de nog steeds zo versplinterde muntunie van 19 landen. Maar een paar uitdagingen zijn er al wel aan te wijzen.

1 De kloof binnen het bestuur van de ECB helen

Het meest acute probleem dat Lagarde tegenkomt is de verziekte werksfeer in Frankfurt. Zeker tegen het einde van Draghi’s termijn hadden veel bestuursleden het gevoel dat de Italiaan met zijn verregaande besluiten over hen heen walste. Voor én na vergaderingen, tijdens Draghi’s persconferenties, werden bestuursleden dikwijls geconfronteerd met verregaande uitspraken over het monetair beleid die, althans volgens hen, niet of nauwelijks binnen het bestuur waren afgekaart.

Met name in Duitsland en in Nederland groeide de voorbij jaren het ongenoegen over het geldbeleid van Draghi, gekenmerkt door negatieve rentes en massale geldinjecties. De kritiek, onder meer van het Nederlandse ECB-bestuurslid Klaas Knot, klonk steeds openlijker.

Voortdurende ruzie bij de hoogste autoriteit van een monetaire unie is op lange termijn niet houdbaar, zeker als het grootste land, Duitsland, steeds tot de dissidenten behoort. Aan Lagarde de taak om de breuk te helen. „We moeten ons er nu op concentreren hoe we voortaan weer een gemeenschappelijke lijn kunnen vinden”, zei ze tegen Der Spiegel. Het zou al heel wat schelen als Lagarde, die bekend staat om haar diplomatieke vaardigheden, een andere leiderschapsstijl zou hanteren. Veel van de frictie kwam voort uit zijn solistische optreden.

2 De vrijheid creëren om een eigen lijn uit te zetten

Maar tegelijkertijd zal het lastig zijn voor Lagarde om de critici van het huidige ruime geldbeleid – die komen behalve uit Duitsland en Nederland ook steeds meer uit Lagardes eigen land – inhoudelijk iets te bieden. Want Draghi heeft het beleid van zijn opvolger eigenlijk voor lange tijd vastgenageld, vlak voor zijn vertrek nog. In september besloot de ECB maandelijks voor 20 miljard euro aan staats-en bedrijfsschuld op te kopen zónder einddatum. Pas als het inflatiedoel van krap 2 procent in beeld is, kan het opkopen stoppen en dan kan ook de rente (minus 0,5 procent voor banken met deposito’s bij de ECB) weer omhoog.

Dat is een hele hoge horde om te nemen – want dat inflatiedoel is al jaren niet gehaald. En het kan nog jaren duren. Zo heeft Draghi de manoeuvreerruimte van Lagarde, gewild dan wel ongewild, fors beperkt. Je kunt als ECB-president de verwachtingen die je schept op de markten (forward guidance, in monetair jargon) niet zomaar veranderen, want dan riskeer je onrust op de beurzen.

Voor Lagarde werkt Draghi’s laatste grote besluit in feite als een keurslijf. Het Belgische ECB-bestuurslid Pierre Wunsch stelde onlangs zelfs een „ontsnappingsclausule” voor uit de besluiten van september. Die clausule zou moeten worden gebruikt als de negatieve bijwerkingen van het huidige monetaire beleid te groot worden. Die bijwerkingen zijn er genoeg. Denk aan de banken en de pensioenfondsen die zuchten onder de lage rentes. In het Europarlement zei Lagarde dat ze goed wil kijken naar die bijwerkingen – ook daarmee nam ze een beetje afstand van Draghi, die die effecten altijd nogal bagatelliseerde.

Lees ook dit artikel over de erfenis van Mario Draghi: De vier gezichten van de sluwe redder van de euro

3 Een brainstorm over het monetair beleid in goede banen leiden

Een middel om de koppen in Frankfurt dezelfde kant op te krijgen is de brainstormsessie die Lagarde heeft aangekondigd. Ze wil een evaluatie houden van het monetair beleid, iets wat de ECB voor het laatst in 2003 deed. Toen werd de inflatiedoelstelling van „dichtbij maar onder de 2 procent” geboren, die lijkt op het doel van 2 procent van de Amerikaanse Federal Reserve.

Zowel de Fed als de ECB houdt het eigen beleid nu tegen het licht. De inflatie – in de eurozone nu 0,7 procent – blijft hardnekkig laag, ondanks de ultralage rentes en de grootscheepse opkoop van leningen door de centrale banken. Economen wijzen op structurele factoren die de inflatie dempen, waaraan centrale banken niet veel kunnen doen. Zo drukt de globalisering de arbeidskosten en remt de vergrijzing de economische dynamiek.

Het is de hoogste tijd, zo vinden velen bij de ECB al langer, dat het hele beleid weer eens wordt doorgelicht. Maar Lagarde zal het proces wel zo moeten sturen dat er geen nieuwe ruzie komt. Eén van de heikele punten is of het ECB-inflatiedoel in stand blijft. Klaas Knot suggereerde onlangs een grotere bandbreedte rondom de 2 procent. Het zou de ECB „tijd en flexibiliteit” geven om „te reageren op krachten die zij niet kan controleren”. Daarmee zegt Knot eigenlijk dat de inflatie ook wat lager (of hoger) mag liggen en dat de ECB dus minder vaak massaal hoeft te interveniëren.

4 Praten met politici en burgers in heldere taal

Meer dan de gereserveerde en mediaschuwe Draghi geldt Lagarde als begaafd communicator. Helder praat ze zeker, zo bleek deze week. Op de Franse radio riep ze de regeringen van de eurozone op om meer te investeren. Ze noemde ook namen: „Dan gaat het natuurlijk om landen die een aanhoudend begrotingsoverschot hebben, zoals Nederland en Duitsland”. Ze pleitte ook voor een begroting voor de eurozone, waaruit gemeenschappelijke investeringen gedaan kunnen worden.

Het zal haar kernboodschap worden aan de politiek: de monetaire machine heeft haar werk gedaan, de politiek is aan zet. Lagarde is sterk van het succes van die boodschap afhankelijk. Luistert de politiek, en komen er inderdaad meer overheidsinvesteringen, dan is de kans groter dat de inflatie eindelijk wél iets op zal lopen. En dan krijgt de ECB ook weer een beetje ademruimte.

Lagarde wil ook meer communiceren met het publiek. Draghi richtte zich vooral op de financiële sector en sprak overwegend in jargon. Hij wilde het monetair beleid laten werken via de financiële markten. Lagarde wil meer dan dat: de ECB moet ook worden „begrepen”  door „de mensen die zij uiteindelijk dient”, zei ze in het Europarlement. Als Lagarde meer met de media gaat praten, en in simpeler taal, dan is dat fijn voor journalisten en burgers. Maar het is ook een risico: beleggers luisteren mee en kunnen woorden verkeerd begrijpen.

5 Overeenstemming bereiken over een klimaatvriendelijker ECB

In sneltreinvaart heeft het debat over klimaatverandering ook de centrale banken gegrepen. De ECB is niet alleen de toezichthouder van banken die bloot staan aan klimaatrisico’s. Ook koopt ze leningen op van overheden en van bedrijven. Kunnen die opkopen niet groener? Die vraag wordt nu steeds vaker gesteld, onder meer laatst bij de jaarvergadering van het IMF. De ECB kan bijvoorbeeld meer groene obligaties gaan opkopen en mínder obligaties van vervuilende bedrijven. Lagarde, die het IMF meer klimaatbewust maakte, voelt hier wel voor, zei ze in het Europarlement, ook al zijn er (nog) niet erg veel van die groene obligaties.

Maar niet iedereen ziet dit zitten. Jens Weidmann, het Duitse ECB-bestuurslid, zei deze week dat hij tegen een ‘groen’ opkoopbeleid is, want „het mandaat van de ECB is prijsstabiliteit” en verder moet zij „marktneutraliteit respecteren”. Gaat Lagarde op dit punt al te voortvarend te werk, dan riskeert ze nieuwe verdeeldheid in Frankfurt.

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Vandaag: Mario Draghi: redder van de euro of schrik van de spaarder?

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.