Druk in ‘snelkookpan’ Frans spoorbedrijf loopt op

Werkonderbrekingen De nieuwe topman van het Franse SNCF krijgt meer dan zijn voorganger te maken met onaangekondigde stakingen. Volgens bonden gerechtvaardigd.

Spoormedewerkers voeren actie voor het hoofdkantoor van SNCF.
Spoormedewerkers voeren actie voor het hoofdkantoor van SNCF. Foto Jacques Demarthon / AFP

Hij had zich zijn laatste dag bij het Franse spoorbedrijf SNCF wellicht iets anders voorgesteld. Donderdag draagt Guillaume Pepy, bestuursvoorzitter sinds 2008, de leiding over aan zijn door de Franse president aangewezen opvolger, Jean-Pierre Farandou. Voor de zoveelste keer in zijn elf jaar aan de top van SNCF begint de werkdag met een reeks aankondigingen van uitvallend treinverkeer.

Een deel van de TGV’s naar West- en Zuidwest-Frankrijk (Bordeaux, Nantes) rijdt niet door een staking in een onderhoudscentrum bij Parijs. Vakbonden zeggen dat werkomstandigheden verslechterd zijn, terwijl volgens de bedrijfsleiding alle gehekelde veranderingen alweer zijn teruggedraaid. Eerder deze week reed slechts een derde van het aantal aangekondigde treinen op deze voor de omzet belangrijke lijn.

Het was niet de eerste onverwachte werkonderbreking deze maand. In de aanloop naar een (wél aangekondigde) nationale staking op 5 december over een nationale pensioenhervorming, lopen in alle geledingen van het bedrijf de sociale spanningen op. SNCF is een „snelkookpan”, analyseerde de voorman van de radicale vakbond SUD-Rail in Le Monde. De bonden willen de bedrijfsleiding en, vooral, de Franse regering laten zien dat ze ondanks de verloren strijd over een grote herstructurering in 2018 nog altijd lastig kunnen zijn en, zo nodig, het land lam kunnen leggen.

Dat begon in het weekend van 19 oktober. Enige dagen eerder was een treintje in de Ardennen bij een spoorwegovergang op een vrachtwagen gebotst. Elf mensen, onder wie de machinist, raakten gewond. Maar omdat de machinist alleen aan boord was, moest hij zelf ook eerste hulp verlenen. Het incident leidde tot een massale werkonderbreking in het weekend waarin de Franse herfstvakantie begon. Vrijwel alle TGV’s en een groot aantal gewone treinen vielen uit, tienduizenden mensen strandden.

‘Wilde stakingen’

Pepy trad op in de rol waarin de Fransen hem de afgelopen elf jaar wel eerder zagen. Hij veroordeelde de vakbondsacties en beloofde op tv zijn klanten ruimhartig de ticketprijzen terug te betalen. Er kwam zelfs een speciaal fonds om extra onkosten te vergoeden. Hij sprak van „wilde stakingen”. Tot woede van het personeel kondigde hij aan om geld in te houden op de salarissen van de stakers.

Maar het was helemaal geen staking, vonden de vakbonden. Spoormedewerkers beriepen zich op hun zogenoemde ‘droit de retrait’. Het Franse arbeidsrecht voorziet in de mogelijkheid werk te weigeren als de werknemer van mening is dat er een „ernstig en direct gevaar” bestaat. Het gevaar zou erin bestaan dat machinisten op sommige regionale trajecten tegenwoordig alleen op de trein zitten en in geval van nood dus ook alleen een plan moeten trekken.

Al sinds 1975 rijden in de Parijse regio treinen met slechts een machinist en geen conducteur. Sinds 2017 is dat op meer treinen gangbaar. Maar juist niet op hsl-trajecten, waar evengoed het werk werd neergelegd. Dat was dus „misbruik” van het arbeidsrecht, oordeelde premier Édouard Philippe in een potje verbaal handje drukken om de gunst van de publieke opinie.

De werkelijke redenen voor de werkonderbrekingen en de groeiende onvrede onder de 155.000 SNCFmedewerkers liggen dieper. De „cultuur van dialoog” is volgens SUDvakbondssecretaris Éric Meyer verdwenen. Dat rechtvaardigt, menen de bonden, de breuk met het recente verleden waarin stakingen nog vooraf werden aangekondigd om de passagiershinder te beperken.

Om het bedrijf voor te bereiden op in EU-verband afgesproken openstelling van de spoormarkt, kondigde Pepy met president Emmanuel Macron vorig jaar ingrijpende besparingen aan. Vooral het besluit dat nieuwe medewerkers niet meer onder de zeer gunstige arbeidsvoorwaarden van het zogenoemde statut chéminot vallen, was moeilijk te verteren: spoorcarrières zijn in Frankrijk vaak een familieaangelegenheid. Maar een drie maanden durende op-en-af-staking was door de bonden vooraf zó goed gecommuniceerd dat het Franse publiek eromheen kon plannen. De staking kostte het bedrijf wel 800 miljoen euro.

Nu zijn de pensioenen aan de beurt. Macron wil een eind maken aan alle ‘speciale regimes’ om tot één universeel pensioenstelsel met gelijke rechten voor iedereen te komen. Dat is ongunstig voor SNCF-medewerkers. Zij gaan nu gemiddeld op hun 57ste met pensioen, ruim vijf jaar eerder dan andere Fransen. Per 5 december hebben de bonden van het Parijse OV-bedrijf RATP een „ongelimiteerde staking” aangekondigd. Een aantal SNCF-bonden heeft zich hierbij aangesloten. Het zal de vuurdoop worden van Pepy’s opvolger, de van SNCF’s internationale dochterbedrijf Keolis afkomstige Jean-Pierre Farandou.