De klas van ’94 toont een vrijgevochten school waar het godsdienstige sausje niet beklijfde

Tv-recensie Oud-leerling Nadia Bouras bracht haar oude klasgenoten en docenten weer samen. Onder regie van Hassnae Bouazza resulteerde dat in de reüniefilm ‘De klas van ’94’.
Historica Nadia Bouras tussen haar oud-schoolgenoten in De klas van ’94.
Historica Nadia Bouras tussen haar oud-schoolgenoten in De klas van ’94. Beeld NTR

Op het oog is het een doodgewone reünie. Meester Giel heeft vlaai uit Limburg meegenomen. Er zijn aarzelende dertigersblikken van „Ik ken jou wel, maar ik durf je naam niet te zeggen omdat ik bang ben dat ik me toch vergis.” Bij het onvermijdelijke gesprek over pesten vreest een man dat hij eerder dader dan slachtoffer is geweest; een vrouw zegt geruststellend dat hij nooit echt gemeen was. Er is een grote afwezige; een klasgenote die bij het binnenrijden van de straat werd overmand door nare herinneringen en rechtsomkeert heeft gemaakt.

Een gewone reünie, maar de school was uniek. De Bouchraschool in de Amsterdamse Rivierenbuurt was de eerste en enige Arabische school in Nederland, in 1971 opgericht door (jawel!) een Amsterdamse dominee en zijn echtgenote. Rolf Boiten had de net overgekomen kinderen van Marokkaanse gastarbeiders doelloos over de Wallen zien dwalen. Die moesten toch wat leren voor ze met hun ouders teruggingen naar Marokko? Dus stichtte hij een schooltje met Arabische les dat, ook al omdat niemand terugging, een van de grootste basisscholen van Amsterdam werd.

Migratiehistoricus en oud-leerling Nadia Bouras bracht haar oude klasgenoten en docenten samen en maakte er met regisseur Hassnae Bouazza De klas van ’94 over, woensdag uitgezonden door de NTR.

Ze reist ook af naar de inmiddels zeer oude Boiten, om hem te vragen wat een dominee bezielde om een Arabische school te stichten. Vooral compassie, zo blijkt, en een afkeer van scherpslijperij. Prachtig is het om de oude man te horen zeggen: „Ik ben alleen maar de postbode. Ik schrijf geen brieven, ik probeer alleen post bij de mensen in de bus te doen.”

De klas van '94

In 'De klas van '94' gaat historicus Nadia Bouras op zoek naar oud-leerlingen en leerkrachten van de voormalige Bouschra school in de Amsterdamse Rivierenbuurt. Een basisschool die is opgericht door een dominee en zijn vrouw. Ook spreekt ze met oud-politica Fatima Elatik, die ook haar basisschooltijd hier heeft doorgebracht. Benieuwd wat de Bouschra school oud-leerlingen gebracht heeft? Bekijk het in 'De klas van '94' vanavond om 22:55u op NPO 2: bit.ly/klasvan94

Geplaatst door 2Doc.nl op Dinsdag 29 oktober 2019

 

Want de Bouchraschool mocht dan een Arabische school zijn, het was géén islamitische school. Docenten van verschillende afkomst moesten de kinderen met diverse culturen in aanraking brengen. Op Bouras’ vraag naar de grondslag van de school zegt Boiten: „Dat was een wat onduidelijke situatie en dat was ook maar het beste.” Op vrijdag werd er gebeden, volgens een van de oud-leerlingen „maar dat deden we niet serieus. Althans ik niet”.

Later, bij een gesprek tussen leraren, komen toch wat twisten aan de oppervlakte. „Arabische taal en cultuur was de saus”, vertelt een van de oud-docenten. „Het bestuur probeerde er een godsdienstige saus overheen te leggen, maar in de praktijk was het redelijk vrijgevochten.”

Maar ook omstreden bij collega’s: „We kregen veel bagger over ons heen: die kinderen integreren zo niet.” Het blijkt in de film nog steeds een relevante vraag. De oud-leerlingen zijn tevreden over hun oude school, maar willen voor hun eigen kinderen een gemengde school.

Wat de ideologische en pedagogische kwesties betreft, bevat de film wat losse eindjes – zoals ook duister blijft waarom de school al in 1996 weer verdween. Bouras had het in een interview met de Varagids over een docente met een zweep, dat komt ook niet in de film voor. Helemaal verteld is dit stukje Nederlandse geschiedenis dus niet met De klas van ’94; maar Bouras werkt ook aan een boek over de school.

Op schoolreünies komen altijd de mensen die iets bereikt denken te hebben in het leven, dus helemaal representatief zal het clubje De klas van ’94 niet zijn, maar de kinderen van de Bouchraschool zijn goed terecht gekomen. Zeker Hussein, de jongen voor wie meester Giel een mooie, stabiele toekomst als automonteur zag weggelegd. Hij is nu cardioloog. Meester Giel vindt zijn advies nu „het dieptepunt van mijn onderwijscarrière.” En hij vraagt wat voor smaak vlaai zijn oud-leerlingen willen.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.