Recensie

Recensie Beeldende kunst

Niki de Saint Phalle kon grimmig zijn

Tentoonstelling Niki de Saint Phalle staat bekend om haar Nana’s. Haar grimmige beelden zijn minstens zo intrigerend.

Niki de Saint Phalle: La Mort, 1985
Niki de Saint Phalle: La Mort, 1985 © Niki Charitable Art Foundation

‘Ik hoop dat de Nana’s de wereld zullen gaan overheersen’, was de wens die Niki de Saint Phalle in 1967 tegenover Het Parool uitsprak. Even daarvoor was in het Stedelijk Museum de Expositions les Nanas au pouvoir geopend. Vrolijke beelden van de bekende dikke vrouwenfiguren, maar ook gekleurde beesten, waren te zien te midden van enkele palmbomen om het zonnige van het geheel te benadrukken. De Nana’s hebben helaas niet de wereldheerschappij verkregen, maar ze hebben wel de blik op het werk van Niki de Saint Phalle bepaald.

Zelfportret van Niki de Saint Phalle, 1958-1959

© Niki Charitable Art Foundation

Want wie Niki de Saint Phalle zegt, zegt Nana. Ze vormen de hoofdmoot van de overzichtstentoonstelling van haar werk die te zien is in het museum Beelden aan Zee in Scheveningen. Ook de commerciële plastic opblaasvariant (waarmee ze tot ergernis van de kunstwereld al eind jaren zestig voor het eerst kwam) is hier nu te koop. Kunst en commercie bij De Saint Phalle lopen in Beelden aan Zee subtiel in elkaar over – en dat doet de wereldveroverende ambitie eigenlijk wel recht.

Dat achter de opgelegde vrolijkheid een tragiek van kindermisbruik zat, en de ervaring van een wegkijkende moeder, had ze in de jaren zestig nog niet geopenbaard. Dat de Nana’s de glorificatie vormen van het niet-standaard vrouwenlichaam en dat ze de culminatie vormen van het gevecht tegen mannelijke machtsstructuren, was duidelijk. Hier was een kunstenaar aan het werk die de vrouw neerzette vanuit haar eigen perspectief, de positie van de vrouw aankaartte en die zich met kleurig plezier wilde ontdoen van het korset waarin ze zich altijd had bevonden. Maar de grimmigheid die ook in haar werk zit, werd ondergesneeuwd in de lof voor haar kleurige beelden.

Lees ook: Oervrouwen volgens Niki de Saint Phalle

Beelden aan Zee laat meer zien dan een ode aan de Nana. Er is hier gelukkig ook ruimte voor die grimmigheid. Zo zien we bij La Mort een gouden Nana op een blauw paard die zich met zeis voortbeweegt tussen enkele afgehakte hoofden en bovenlichamen. Het gras is er groen, de menselijke ingewanden zijn oranje. Even verderop staat Autel Doré (1962-1965), een religieus drieluik met in het midden een gouden madonna met haar strakke borst ontbloot. Boven haar hangt een kleine gekruisigde Jezus. Aan weerszijden van de madonna liggen kinderlijkjes op elkaar gestapeld. Van een enkel kinderlijkpopje zijn de ogen uitgestoken, of zijn de organen verdwenen.

Ook de witte bruid uit 1965 – die de titel The bride (or miss Haversham’s dream or when you love somebody kreeg – heeft iets ongemakkelijks. Onder de sluier zie je rommel, kapotte poppen die dode lichamen suggereren. De Saint Phalle: „Ze vormen de getuigen van de vrouwelijke staat van zijn. Ik denk aan het huwelijk van mijn moeder of mijn tantes: geluk, maar ook opsluiting.” De Nana mag een beetje een typetje geworden zijn – waarmee de talrijke bezoekers graag een selfie namen – het zijn de grimmige beelden die je van deze tentoonstelling het langst bijblijven.

Je zou bijna vermoeden dat kwaadheid beter beklijft dan blijheid, totdat je staat voor het beeld Hello There uit 1981: een vrolijk hoofd met lampjes, dat schitterend is in zijn eenvoud. Je ziet het snoer los liggen, binnen handbereik van het stopcontact (zoals bij meer beelden het geval is), maar het is blijkbaar niet de bedoeling dat het licht aangaat. Was dat wel gebeurd, dan had dit beeld de impact van de boze bruid of de kindervretende Madonna vast nog overtroffen.