Bouw blijft kwetsbaar voor tegenvallers

Bedrijfsvoering De bouw beleeft al jaren hoogconjunctuur. Maar of de sector de tegenvallers van het stikstof- en PFAS-beleid kan opvangen?

Bouwers en transporteurs demonstreren met shovels en hijskranen tegen het
Bouwers en transporteurs demonstreren met shovels en hijskranen tegen het Foto Koen van Weel

Hoeveel pijn doen de stikstofuitspraak en de strenge regels voor perfluoralkylstoffen nu eigenlijk? Kan de bouw die pijn verdragen, of zullen er honderden aannemers failliet gaan? Verdwijnen er straks hoveniers, architecten, beunschippers, baggeraars? Vallen er grondbanken om?

Eerst de geschatte schade. Volgens het protestmanifest, ondertekend door 35 brancheorganisaties en werkgeversoverleggen uit onder meer bouw, metaal, grondverzet, detailhandel, transport, afval, gevelbouw, projectontwikkeling, raffinage en ‘geo-informatie’, bedraagt de schade van ‘PAS’ en ‘PFAS’ al een miljard euro en zal die snel oplopen nu de orderportefeuille leeg raakt.

Lees ook Malieveld verandert plots in bouwplaats

De sectoranalisten van ABN Amro hebben ook een schatting gemaakt, maar alleen voor stikstof. Door de uitspraak van de Raad van State zijn tal van vergunningsprojecten stilgelegd, om te voorkomen dat er nog meer stikstof in natuurgebieden komt. De te verwachten schade die de bouw daardoor de komende vijf jaar lijdt, is minstens 14 miljard euro, stelt de bank. In dat bedrag is schade voor de utiliteitsbouw – scholen, ziekenhuizen – niet meegenomen. Mogelijk verdwijnen 70.000 banen, op een totaal van 527.000.

De branchevereniging voor baggeraars heeft ook een schatting. Die denkt dat grond-, weg- en waterbouwers in de afgelopen drie maanden al 800 tot 900 miljoen euro aan werk zijn misgelopen, maar dan enkel door de PFAS-regels. Alleen al Rijkswaterstaat heeft 200 tot 300 miljoen euro aan klussen uitgesteld, zegt directeur Edwin Lokkerbol van de vereniging van waterbouwers.

‘Een duidelijke impact’

Bouwers zelf weten niet goed wat het stikstof- en PFAS-beleid hun gaat kosten. Bouwbedrijf Heijmans uit Rosmalen houdt het woensdag in een tussentijds handelsbericht maar op „een duidelijke impact”.

De klappen, hoe klein of groot ze ook zullen zijn, worden opgevangen door een sector die al jaren absolute hoogconjunctuur beleeft. Vorig jaar steeg de omzet in de bouw met meer dan 10 procent, een percentage dat de afgelopen tien jaar niet is gehaald. De stijging was volgens statistiekbureau CBS te zien in alle deelsectoren – utiliteitsbouw, woningbouw, infrastructuur, installatietechniek. Er is dan ook volop werk in de bouw. In het tweede kwartaal stond het aantal openstaande vacatures op 18.400.

Van de feestelijke stemming in de bouwnijverheid profiteren ook allerlei aanpalende sectoren. Grondverzetters hebben grond om te verslepen, ontwikkelaars kunnen hun projecten bedenken, hoveniers nieuwe tuinen aanleggen, binnenvaartschippers grondstoffen verschepen. Cementfabrieken, loodgieters, metaalwerkers, keukenboeren, iedereen lift mee.

Tegelijk is de bouw kwetsbaar. De groei zwakt iets af, net als het aantal vacatures. Nog steeds werken veel minder mensen in de bouw dan het geval was voor de financiële crisis. Het aantal mensen zonder vast dienstverband is met 211.000 momenteel torenhoog.

De afgelopen jaren had de bouw ook erg last van sterk oplopende bouwkosten. Klussen die eerder voor een bepaald bedrag waren aangenomen, leverden een jaar later ineens een stuk minder op door dure grondstoffen en hoge lonen. Er heerste purschuimschaarste, heipalenschaarste, bouwvakkersschaarste.

Lees ook: Straatje maken wordt door PFAS veel duurder

Wat stabiel is gebleven, zijn de hoge faalkosten, die worden geschat op gemiddeld 10 procent van de aanneemsom. Mede daardoor blijven de winstmarges bij bouwbedrijven laag, ondanks de stijgende omzet. Marges van een zuinige 2 of 3 procent zijn in de bouw heel normaal. Faalkosten zijn hardnekkig hoog in de bouwwereld, mede door versnippering op de bouwplaats, hoge tijdsdruk en te optimistische inschatting van kosten.

De lage winstmarges maken het voor bouwbedrijven moeilijk om grote tegenvallers op te vangen. En dat zijn er nogal wat. Afgelopen jaren is vaak gebleken dat de aanleg van een snelweg, een tunnel, een, brug of een zeesluis veel moeilijker en duurder bleek dan bij aanvang was ingeschat. Veel van deze klussen stammen uit de tijd van de financiële crisis, toen bouwers weinig werk hadden en bereid waren voor lage prijzen in te schrijven op risicovolle klussen.

Het is de vraag hoe goed de bouw de nieuwe tegenvallers kan opvangen. Hoeveel werk er daadwerkelijk wordt afbesteld door PFAS en PAS, moet nog blijken. Wat bouwers en aanpalende sectoren al wel voelen, is uitstelgedrag bij opdrachtgevers. Die wachten maar even met hun weg of nieuwbouwwijk, tot het allemaal wat duidelijker wordt bij de overheid. Uitstel geeft gaten in de planning. En ook dat is duur voor bouwers, al is onduidelijk hoe duur.