Recensie

Recensie Film

Oer-Hollandse zwarte komedie over oorlog op de snelweg

Thriller ‘Bumperkleef’ is bijzonder vakkundig gemaakte nederhorror die een beetje aan Dick Maas doet denken. Met een doorsnee gezin uit een vinexwijk, dat met hun zwarte SUV door het polderlandschap scheurt.

Vader Jeroen Spitzenberger en moeder Anniek Pheifer en hun dochters Roosmarijn van der Hoek en Liz Vergeer in Bumperkleef.
Vader Jeroen Spitzenberger en moeder Anniek Pheifer en hun dochters Roosmarijn van der Hoek en Liz Vergeer in Bumperkleef.

Hans, Diana en hun twee dochters gaan op weg naar Stroink, de ‘Parel van Twente’, waar grootvader zijn 76ste verjaardag viert. Hans begint de reis al licht geïrriteerd en op de snelweg blijkt niemand een heer in het verkeer: iemand haalt rechts in, een ander snijdt af, Hans zelf haalt soms de 160.

Het gaat mis als het gezin achter een smetteloos wit bestelbusje belandt dat keurig honderd rijdt. Inhalen kan niet: het busje zit op de linker weghelft, met daarnaast een vrachtwagen. Als Hans uiteindelijk het witte busje voorbij is, tikt hij ostentatief op zijn voorhoofd. Dat had hij beter niet kunnen doen.

De kijker heeft in de proloog al gezien dat Ed, de keurig articulerende chauffeur van het busje, er radicale methodes op nahoudt om zijn mede-weggebruikers aan de verkeersregels te houden: „De tijd voor excuses ligt achter ons.” Wanneer het gezin hem treft bij een benzinestation, wordt het oorlog.

Bumperkleef doet qua opzet denken aan Spielbergs doorbraakfilm Duel (1971), al maakt regisseur-scenarist Lodewijk Crijns er een oer-Hollandse zwarte komedie van. Met een doorsnee gezin uit een vinexwijk, dat met hun zwarte SUV door het polderlandschap scheurt.

Het is bijzonder vakkundig gemaakte nederhorror, die een beetje aan Dick Maas doet denken. Ondanks Hans’ zelfverzekerde „Ik los het zelf wel even op” loopt de verkeersruzie gierend uit de hand, waarna de cameravoering losser wordt en de paranoia en geestelijke aftakeling van de wat laffe echtgenoot Hans fraai verbeeld wordt. Crijns gebruikt sprekende details, van het archaïsche taalgebruik van Ed tot de muziek die hij in zijn busje draait: smartlappen met titels als ‘Vaarwel, tot ziens’ en ‘Vergeet je moeder niet’.