Den Haag komt de bouwers tegemoet met handreiking

Tweede Kamer De coalitie wil tot 200 miljoen beschikbaar stellen om de kosten van het stilleggen van de bouw op te vangen. Is dat genoeg?

De eerste bouwvoertuigen arriveren op het Malieveld voor het bouwersprotest Grond in Verzet
De eerste bouwvoertuigen arriveren op het Malieveld voor het bouwersprotest Grond in Verzet Foto Sem van der Wal/ANP

Wie is er nog níét boos op dit kabinet? Vorige keer waren het de boeren, woensdag staan de bouwers op het Malieveld. Volgende week komen de leraren naar Den Haag en in de zorg is eind november een stakingsdag voorzien. De Nederlandse begroting mag dan tot de strakste van de EU behoren, bestuurlijk oogt Nederland fragiel, met de groeiende frustratie over milieunormen en lonen.

„Iedereen kijkt naar Den Haag op zoek naar oplossingen en leiderschap, maar zij kijken tevergeefs”, beet Tweede Kamerlid Frank Futselaar (SP) minister Carola Schouten (Landbouw, ChristenUnie) dinsdag toe, tijdens het wekelijkse vragenuurtje. Sinds de Raad van State in mei een streep zette door het Nederlandse stikstofprogramma zijn uitstootvergunningen voor boeren en bouwers onzeker geworden. William Moorlag (PvdA) noemde het kabinet „politiek verlamd”: de vier coalitiepartijen hebben het volgens de oppositie te druk met elkaar tevreden houden en laten daardoor het landsbelang versloffen.

Lees ook: Straatje maken wordt door PFAS veel duurder

De afgelopen dagen zette de coalitie zich schrap voor de nieuwe golf van ongenoegen die woensdag in Den Haag aanspoelt. Minister Schouten reageerde maandag al vroeg in de ochtend op een reconstructie van de stikstofcrisis in de Volkskrant. Strekking van het artikel: Schoutens ministerie wist dat het beleid om stikstofuitstoot te compenseren met maatregelen ergens ver in de toekomst flink rammelde, maar sloot de ogen. Schoutens antwoord: „Alle scenario’s zijn beschouwd.”

Naarstig op zoek

In de Tweede Kamer zorgde die reactie dinsdag voor nóg meer chagrijn. Want waarom moet het kabinet nu dan nog zo naarstig op zoek naar oplossingen, als eerder al zo duidelijk was wat de gevolgen zouden zijn van de zwartste scenario’s?

Behalve Schouten kijkt ook D66 bezorgd richting Malieveld. Fractievoorzitter Rob Jetten kwam maandag met een noodplan voor de bouwers. Volgens Jetten moet voorkomen worden dat bouwbedrijven nu mensen ontslaan als gevolg van de stikstofcrisis en dat zij straks, als die crisis is opgelost, weer te weinig mensen hebben om de bouwachterstand snel in te halen. Om de „tijdelijke dip” door te komen moet het voor ‘overtollige’ bouwers mogelijk worden om in deeltijd de WW in te gaan. Bouwbedrijven moeten makkelijker overbruggingskredieten kunnen krijgen, zodat ze ook voor straks hopelijk betere tijden materieel kunnen blijven inslaan.

Dinsdag schaarden ook VVD, CDA en ChristenUnie zich achter dit noodplan. „De bouw ligt stil en dat kan niet”, zei CDA-fractievoorzitter Pieter Heerma tegen de NOS. De coalitiepartijen zouden 150 tot 200 miljoen euro over hebben voor eventuele noodmaatregelen, zoals de deeltijd-WW.

De uitgestoken hand van Jetten is begrijpelijk. Tijdens de recente boerenprotesten was D66 vaak de gebeten hond, vooral in de persoon van Kamerlid Tjeerd de Groot en zijn voorstel om de veestapel te halveren, als oplossing voor het stikstofprobleem. De nieuwe Tjeerd de Groot heet Stientje van Veldhoven. De D66-staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat wordt de recente invoering aangewreven van de strengere, zogenaamde PFAS-norm die het verplaatsen van vervuilde bouwgrond zeer heeft bemoeilijkt. Samen met de problemen rondom stikstof zorgt deze norm ervoor dat bouwprojecten stilliggen of zijn vertraagd.

Hans de Boer, voorzitter van werkgeversorganisatie VNO-NCW, maakte zaterdag in dagblad De Telegraaf duidelijk op wie de bouwers hun pijlen moeten richten. „Stientje is met een emissienorm gekomen die zo laag is dat er niets meer kan. Stientje is van D66. Dus Stientje moet bewegen, dat is zo klaar als een klontje.”

Dinsdag kondigde Van Veldhoven een nieuw onderzoek aan. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) moet met spoed bekijken of er een ruimere landelijke PFAS-norm kan komen, zodat bouwbedrijven alsnog aan de slag kunnen. In juli kwam het kabinet uit voorzorg met een strengere norm, om te voorkomen dat grond met poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) door verplaatsing voor verdere vervuiling zorgt. Maar volgens bouwbedrijven is die in de praktijk onwerkbaar. Van Veldhoven wil dat de opgerekte norm per 1 december ingaat.

Is het genoeg om de angel uit het protest te halen? Bouwbedrijven reageerden dinsdag positief. Zij zien „een klein beetje licht aan de horizon gloren”. Maar 1 december vinden ze veel te laat.