Cannabis lijkt ineffectief bij psychische ziektes

Psychiatrie Medicinale cannabis heeft geen bewezen werking in de behandeling van zes psychiatrische aandoeningen.

Cannabis helpt niet bij adhd.
Cannabis helpt niet bij adhd. Foto Robin Lonkhuijsen/ANP

Er is vooralsnog geen overtuigend wetenschappelijk bewijs dat psychiatrische patiënten baat kunnen hebben bij medicinale cannabis. Dat concluderen Australische en Britse artsen op basis van een samenvattende analyse van eerder onderzoek, die maandag verscheen in The Lancet Psychiatry. Bij depressie, angststoornissen, adhd, syndroom van Tourette, posttraumatische stressstoornis en psychose zagen ze geen effect van cannabinoïden of synthetische varianten van tetrahydrocannabinol (THC) en cannabidiol (CBD).

Er is alleen zwak bewijs van lage kwaliteit dat wietolie met THC (al dan niet in combinatie met CBD) angstklachten kan verminderen, maar dat werd geconstateerd bij patiënten die ook leden aan chronische pijn of multiple sclerose, dus het kan ook zijn dat vermindering van de angst verband hield met een verlichting van andere klachten.

„Eigenlijk is dit geen nieuws”, reageert psychiater Jim van Os van de Universiteit Utrecht na het lezen van de studie. „Het geeft weer aan hoe ingewikkeld het is om de werkzaamheid van een medicijn of therapie in de psychiatrie aan te tonen.”

Toch is het goed om dit op een rijtje te zetten, vindt Van Os. „Er is namelijk heel veel spin over de heilzame effecten van cannabis. Op social media en op fora worden er de wonderlijkste dingen over beweerd, waar geen bal van klopt. Het komt erop neer dat er niets met zekerheid te zeggen is, en dat is ook weer de conclusie van deze studie.”

Trial and error

Een groot manco is dat de studies naar de werkzaamheid van cannabinoïden in de psychiatrie schaars zijn, klein van omvang, en slecht van kwaliteit. In de nieuwe meta-analyse werden veertig studies geïdentificeerd met in totaal net iets meer dan drieduizend deelnemers, die van voldoende kwaliteit waren voor een beoordeling. De meeste van die studieswaren bovendien primair gericht op onderzoek naar de bestrijding van pijn, en pas in tweede instantie keken ze naar effecten op psychische symptomen als depressie en angst. Er zat slechts één studie naar adhd bij en ook maar één naar posttraumatische stress.

De auteurs van het Lancet-artikel stellen dat er meer, grootschaliger en zorgvuldiger gecontroleerd onderzoek moet komen naar de geneeskrachtige effecten van cannabis in de psychiatrie. Maar Van Os ziet daar niets in. „Er bestaat een grote individuele variabiliteit in hoe mensen met een psychiatrische aandoening op moleculen reageren”, zegt hij, „En dat is voor cannabinoïden niet anders dan voor door de farmaceutische industrie ontwikkelde antidepressiva. Daarom is dit heel moeilijk onder te brengen in de wetmatigheden van evidence based medicine, bewezen effectieve geneeskunde. De enige manier is per patiënt heel voorzichtig met trial-and-error te proberen wat voor die persoon werkt en wat niet.”

Overigens heeft volgens Van Os ook „het ritueel van de behandeling” een groot effect, namelijk: het placebo-effect. „Hoe groot dit effect precies is, weten we niet, maar het is onderdeel van wat men toeschrijft aan de farmacologische werking van het medicijn.”