Opinie

Inbox van de redactie

Wat schreven de lezers deze week aan de redactie Opinie? Een indruk.

De explosie in de Iraakse stad Hawija na de bomaanval door een Nederlandse F-16 dreunde de afgelopen week na in de inbox van de Opinieredactie. Bij die ontploffing, in de nacht 2 op 3 juni 2015, kwamen zeker zeventig burgers om het leven. Het stuk daarover (De Nederlandse ‘precisiebom’ op Hawija, 19/10) ging onder meer over de dilemma’s bij het plannen van militaire operaties, zoals het afwegen van militair resultaat tegen het risico op burgerslachtoffers, over de vraag waarom het ministerie van Defensie geen werk maakte van de beloofde openheid over de afgesloten Irak-missie, en over de vraag of Nederland schadevergoeding aan slachtoffers zou moeten betalen, zoals de VS en andere landen doen.

Uit de tientallen brieven die we ontvingen sprak weinig begrip voor dit stuk: dit hoefde u allemaal niet opgelepeld te krijgen, want „oud nieuws” (2015), en waarom trok de krant hiervoor überhaupt zes pagina’s uit? Zeker tien schrijvers wezen er nog eens op dat niet een Nederlandse bom, maar de secundaire explosie van de gebombardeerde TNT – het ging immers om een IS-bommenfabriek – de slachtoffers had gemaakt (zoals ook al in het stuk was te lezen). „Koekje van eigen deeg”, aldus I. Bouwman sr. „Nergens lees ik hoeveel mensenlevens nu mogelijk zijn gespaard”, aldus Hugo van Veen. En oud militair vlieger J. Niestadt meent dat de slachtoffers voor schadevergoeding maar „moeten aankloppen bij de instantie die een vergunning heeft verleend om een munitieopslag in een woonwijk te vestigen”.

En natuurlijk kwam ook de vergelijking met geallieerde bombardementen op Duitse steden in de Tweede Wereldoorlog een paar keer voorbij; als we toen met burgerdoden rekening hadden gehouden was die nog niet afgelopen, zeg maar. Karel Kok meende dat het stuk was geschreven „vanuit een comfortabele redactiestoel met billen die zelfs nooit dienstplichtig waren”. Van die beeldspraak klaarde ons humeur dan weer een beetje op.

plv chef Opinie