Opinie

Minder grijs, meer groen in Noord

Stadsdeel Noord heeft nu de kans in te grijpen in zowel de klimaat- als de huizencrisis, stelt ‘De duurzame 100 van Noord’.

Een bouwproject in Buiksloterham in Amsterdam-Noord in 2016.
Een bouwproject in Buiksloterham in Amsterdam-Noord in 2016. Foto Remko de Waal/ANP

„Het groen in Amsterdam moet veel eerlijker verdeeld”, kopt collega-Noorderling Bas Kok op 27 september in deze krant. „Zijn de beroemde groene longen van Amsterdam in gevaar?” kopt Kester Freriks een week eerder. Groen leeft in Amsterdam. Onlangs werd duidelijk dat Amsterdam slecht scoort op de wereldranglijst van groenste steden: we staan op de 18de plek van 24 Europese steden. Dat kan en moet beter.

Amsterdam is populair en half Europa loopt leeg om hier te kunnen wonen. Dat enthousiasme brengt ook een enorme bouwlust met zich mee: we willen jaarlijks zo’n 15.000 woningen bouwen in en om Amsterdam – waarvan ook veel in Noord. Maar pakken we hiermee ook de kans om in te grijpen in de huizen- én klimaatcrisis?

Wereldwijd gaan jongeren en volwassen de straat op voor klimaatrechtvaardigheid, voor een andere economie, voor meer kwaliteit van leven voor hun kinderen. En wat doen wij? We kappen volwassen bomen, tekenen vrijblijvend groene wolkenkrabbers en groene daken op impressies van een ‘verdichtende’ stad en planten ‘waar mogelijk’ jonge bomen en struiken (terug).

Groen in de stad, meer bomen: het is dé klimaatoplossing. Groen dempt hitte in de zomer en maakt vrolijk in de winter, groen is er voor iedereen en máákt de stad. Groen nodigt uit, groen ontmoet. En juist in Noord kan Amsterdam de kans pakken om internationaal voorop te gaan lopen in de huizen- en klimaatcrisis. Heel simpel: door groen te bouwen. Niet alleen op papier – want daar is werkelijk elke woontoren groen – maar ook in praktijk. Niet aan de randen van de stad, maar daarbinnen.

Voorbeeld: de Klaprozenweg. In Buiksloterham is nu ongeveer 10 procent van de woningen gebouwd van het geplande totaal. De impressies laten groene woontorens zien. Maar wordt het ook zo in praktijk? De kavels zijn particulier bezit, dus de overheid gaat in overleg. De NDSM, waar volop gebouwd wordt en net om de hoek, geeft een doorkijkje: daar is de ene betonnen woontoren naast het andere betonnen appartementencomplex in een paar jaar tijd uit de grond gestampt. Groen is er niet of nauwelijks. De verklaring: de locatie wás al industrie (‘grijs’ volgens de bestemmingsplannen), dus mag er ‘grijs’ terugkomen. Maar: dit geldt voor heel veel gebieden in Noord.

Als beton en asfalt eenmaal gestort zijn, komt groen er zelden terug

Onze oproep voor nieuwe groennormen, ‘Parkstadnormen’, is spontaan gesteund door ruim zeshonderd Amsterdam-Noorderlingen in één week tijd. Amsterdammers willen een groene stad. En dat kan ook. Bijvoorbeeld door gebruik te maken van ons erfpachtsysteem: hiermee kunnen we eisen stellen aan ontwikkelaars en bouwers. Vorig jaar experimenteerde de gemeente met sociale voorwaarden in de uitgifte van grond. Het is een relatief makkelijke stap om daarin ook ambitieuze, groene voorwaarden op te nemen, bij de ontwikkeling van nieuwe projecten bijvoorbeeld. Een andere optie: gooi het roer om. Zoals de Londenaren vorig jaar deden; zij riepen hun stad uit tot National Park. Ook zetten veel steden in navolging van de New Yorkse community gardening-beweging (ontstaan tijdens de kredietcrisis) voedsel en stadslandbouw voor en door de buurt op de agenda: een groene en eetbare stad voor iedereen.

Dit biedt een mooie gelegenheid om ook de vraag ‘voor wie’ we bouwen verder te onderzoeken. Maar liefst 60 procent van het geld wereldwijd wordt met vastgoed en ‘housing’ verdiend. Gentrification is daarmee een mondiaal fenomeen. Maar laten we de daarmee gepaard gaande huizencrisis in Noord op zijn beloop, of pakken we ook hier de kans internationaal voorop te gaan lopen? Havenstad komt eraan: wie gaat hier straks bouwen en tegen welke voorwaarden? Wie maken de stad; de stenen of de mensen, de bouwers of bewoners? Appartementen komen, industrieel erfgoed, historisch groen en ‘de Amsterdammer’ verdwijnen. En dat in een stadsdeel dat met haar vele Tuindorpen gebouwd is als ‘groen arbeidersparadijs’.

Amsterdam-Noord heeft nu de kans het anders te doen. Dit is urgent, want als beton en asfalt eenmaal gestort zijn, komt groen er zelden terug. En ook die Amsterdammer niet. De huizen- en klimaatcrisis vragen dan ook om een nieuwe kijk op de stad en op ruimte in de stad, voor onszelf en onze kinderen. Door Amsterdam-Noord uit te roepen tot Parkstad Amsterdam, kunnen we ruimte claimen en maken voor groen, van en voor de Amsterdammer.

En Noord mag dan een bevoorrecht stadsdeel lijken – met 50 procent van het groen op 30 procent van het grondgebied en 10 procent van de inwoners – toch is het groen ook hier hard nodig. Juist met de enorme bouwopgave. Want: groen verkoelt. Eén boom koelt evenveel als tien airco’s, becijferde de universiteit van Wageningen. Zijn de stad en energie-infrastructuur al ingericht op de toekomstige koeltevraag als gevolg van hittestress in onze goed geïsoleerde huizen? Of bezwijkt het net straks onder onze electriciteitsvraag in een nog eens extra opwarmende stad?

Laat dus aan „de zonzij van het IJ duizend bloemen bloeien”, om met volkszanger Jos de Rooij te spreken. Bescherm de groene scheg langs het Noord-Hollands kanaal en de groene oeverparken langs het IJ. Koester geveltuintjes en moestuinen, breid iepenlanen uit, plant volwassen fruit- en notenbomen bij, offer parken en snippergroen niet op, bescherm het historisch landelijk gebied om de stad, behoud en maak – permanent – ruimte voor groen en stadsnatuur in de stad.

Vergroening is nog maar één stap richting een CO2-neutrale toekomst. Daarom is het zaak om nu mens én groen winnaars te maken van de verstedelijking.

‘De duurzame 100 van Noord’ is een netwerk van Noorderlingen – zelfstandigen, ondernemers, supporters – die eraan werken om van onderop Amsterdam-Noord nog mooier en nog groener te maken.

Nathalie van Loon www.duurzame100vannoord.nl

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.