De rugbyploeg van Zuid-Afrika krijgt steeds meer kleur

Zuid-Afrikaans rugby Sneller, strategischer en zwarter. Zuid-Afrika maakt eindelijk weer kans op een finaleplaats bij het WK rugby. Maar de tijd van racisme in de door witte spelers gedomineerde sport is nog niet helemaal voorbij.

Rugby wint in Zuid-Afrika tot in de verste uithoeken van het land aan populariteit. Ook bij het WK in Japan worden de Springbokken gesteund door hun supporters.
Rugby wint in Zuid-Afrika tot in de verste uithoeken van het land aan populariteit. Ook bij het WK in Japan worden de Springbokken gesteund door hun supporters. Foto EPA

Niet heel het land stond op zijn kop, toen het Zuid-Afrikaanse rugbyteam afgelopen zondag gastheer Japan met 26-3 verpulverde in de kwartfinales van het wereldkampioenschap rugby. De televisies stonden vooral in de witte wijken van Kaapstad op hun hardst. Het was daar waar huis na huis de flarden van gejuich te horen waren door de ramen die op de zonnige lentedag wagenwijd open stonden. Zo is het altijd in Zuid-Afrika geweest, zwart en wit tot op het bot verdeeld in de keuze van hun favoriete sporten en bijbehorende helden: rugby en cricket voor de witten, voetbal voor de zwarten.

Maar vergis je niet. De townships aan de randen van de verdeelde stad blijven niet onberoerd nu de ‘Springbokken’ op hun derde WK-finale afstormen, mits ze zondag Wales in Yokohama verslaan. Ga ’s middags om half drie maar eens naar het sportveld van de Vusa rugby-academie in Langa, een van de meest verpauperde buitenwijken van Kaapstad. Daar oefent de zwarte jeugd, zo jong als zes jaar oud, iedere dag zijn scrums en passes onder toeziend oog van zwarte coaches. Op heel het rugbyveld is dan geen witte Zuid-Afrikaan te zien.

„Rugby wordt niet langer gedomineerd door witte mensen. Zwarte spelers worden nu kansen gegeven op basis van hun kwaliteiten”, zegt coach Marabongwe Kahla. Dat is misschien wat overdreven. Slechts acht van de 33 spelers die mochten afreizen naar Japan zijn niet wit. Maar bondscoach Rassie Erasmus selecteerde voor het eerst in de geschiedenis van de Springbokken een zwarte speler als captain van het team: Siya Kolisi.

Aanvoerder Siya Kolisi (links) met drie ploeggenoten voor de kwartfinale tegen Japan. Foto Odd Andersen/AFP

Nelson Mandela als supporter

„Siya Kolisi is mijn grote held”, zegt Luxolo Ntsholo (13), die bezweet van het trainingsveld komt. Zuid-Afrika’s jeugd kan eindelijk voorbeelden vinden op het veld die op henzelf lijken. Als het aan de jonge Ntsholo ligt, wordt spoedig het hele team zwart, zodat iedereen de geheimtaal spreekt die hij met zijn teamgenoten spreekt als ze uit moeten tegen de teams van witte scholen. „We spreken Xhosa onder elkaar. Dat verstaan de anderen niet.” De tegenstander uit Wales zou er zondag ook geen raad mee weten.

Er is veel veranderd in het Zuid-Afrikaanse rugby sinds Nelson Mandela in 1995, een jaar na de val van apartheid, zijn magie verleende aan de Springbokken , toen hij de witte fans onverwacht vergezelde op de tribunes en Zuid-Afrika in eigen land prompt wereldkampioen werd. De in september overleden Chester Williams was toen nog de enige zwarte speler in het Zuid-Afrikaanse team.

Inmiddels wint rugby tot in de verste uithoeken van het land aan populariteit. Coach Kahla werd opgeleid op Dale College in King William’s Town in de Oostkaap, de geboorteprovincie van Mandela. Veel zwarte spelers in het nationale team werden daar ook klaargestoomd. „Wij zijn meer een rugbyschool geworden, de hele school draait daar om”, zegt Kahla. „Ik groeide op met zwarte jongens die allemaal hetzelfde wilden.”

Zuid-Afrikaanse fans juichen voor hun team in de kwartfinale tegen Japan. Foto Anne-Christine Poujoulat/AFP

Zwarte spelers op topniveau

Zo natuurlijk is het niet voor iedereen. Masimdumise January had tot zijn zestiende geen enkele belangstelling voor rugby, ook al heeft hij de fysieke bouw: vlezige schouders, benen als pilaren. „Ik zat liever op de bank. Tot een trainer mij aansprak en zei: jij moet rugby gaan spelen. Ik was geïntimideerd door die grote witte spelers in de hogere divisies, ik verstond hun Afrikaans niet, ze praten over andere dingen dan ik. Ik speelde liever wat lager met andere zwarte spelers. Maar inmiddels denk ik dat het weinig meer uitmaakt. Er zijn zoveel zwarte spelers op topniveau.”

Het Zuid-Afrikaanse rugby is nog niet verlost van racisme. Vlak voor het WK in Japan raakte Springbok Eben Etzebeth in opspraak vanwege zijn betrokkenheid bij een vechtpartij in de kustplaats Langebaan. Etzebeth en zijn vrienden zouden vier gekleurde cafégangers hebben aangesproken toen ze na sluitingstijd hun stamkroeg uitkwamen. „Wat zoeken jullie hottentotten nog zo laat op straat”, zou hij hebben gevraagd.

Bij het gevecht dat vervolgens uitbrak zou Etzebeth zijn pistool hebben getrokken en een van de slachtoffers met de achterkant van het pistool hebben geslagen. De zaak wordt door de Zuid-Afrikaanse mensenrechtencommissie onderzocht. Etzebeth ontkent de beschuldigingen en is naar Japan afgereisd.

Het incident bracht het Zuid-Afrikaanse team in verlegenheid, net nu de Springbokken de jaren van racisme achter zich proberen te laten. Chester Williams onthulde in zijn biografie dat hij in de beginjaren van zijn carrière moest omkleden in de bus, omdat hij als enige zwarte speler niet welkom was in de kleedkamers. Zijn teamgenoot James Small beet hem ooit toe: „Waarom wil jij ons spel spelen? Je weet dat je het niet kunt.”

Fans van Zuid-Afrika voor het WK-duel tegen Canada in Kobe. Foto AP

De Springbokken moeten niet alleen dat diepgeworteld racisme uit hun gelederen persen, ze hebben ook hun spel op het veld radicaal moeten hervormen. De lompe boerenlichamen voldeden niet meer tegenover het snellere en strategische spel van de Australiërs en Nieuw-Zeelanders. „Onze spelers zijn niet meer zo groot als ze vroeger waren. We zijn sterker. We zijn fitter”, zegt coach Kahla. „Als je die finale uit 1995 nu bekijkt, zie je pas hoe chaotisch we speelden. We zijn slimmer geworden, er zitten betere ideeën achter ons spel.”

Sinds Zuid-Afrika in 2015 bij het WK in Engeland de halve finale bereikte en maar net werd verslagen door de All Blacks uit Nieuw-Zeeland, verviel het nationale team in diepe crisis. Pas sinds Rassie Erasmus vorig jaar maart de leiding kreeg, lijken de Zuid-Afrikanen hun wereldklasse te herwinnen. Maar of het genoeg is om wereldkampioen te worden? „Als ik geen Zuid-Afrikaan was, dan zou Nieuw-Zeeland mijn favoriet zijn in dit toernooi”, zegt Kahle. „Maar ik ben Zuid-Afrikaan, en trots, dus ik voorspel dat we dit toernooi gaan winnen.”