Opstelten geeft fouten toe rond bonnetjesaffaire

De VVD-politicus had niet moeten speculeren over de hoogte van de schikking en verwijt zichzelf niet „doorgepakt” te hebben in de zoektocht naar het bonnetje.

Ivo Opstelten en Fred Teeven en wonen een voetbalwedstrijd bij.
Ivo Opstelten en Fred Teeven en wonen een voetbalwedstrijd bij. Foto Olaf Kraak/ANP

Oud-minister Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) geeft toe fouten hebben gemaakt in de bonnetjesaffaire, die in 2015 tot zijn aftreden leidde. Opstelten erkent in een donderdag te verschijnen biografie dat hij een reeks blunders beging.

Volgens het AD zegt de politicus in Opstelten, een leven in het openbaar bestuur dat hij de kwestie „totaal heeft onderschat”. Ambtenaren hadden hem geadviseerd niet te speculeren over het schikkingsbedrag, maar hij deed dat toch in de Tweede Kamer. „Het was improvisatie. Ik wist de precieze bedragen helemaal niet en dat had ik gewoon tot in den treure moeten herhalen.”

De bonnetjesaffaire draaide om de hoogte en de rechtmatigheid van een geheime deal - in 2000 gesloten door toenmalige officier van justitie Fred Teeven - en de veroordeelde drugshandelaar Cees H. Bijna veertien jaar bleef de deal geheim tot tv-programma Nieuwsuur in 2014 de schikking onthulde. Documentatie van de afspraak - het bonnetje - bleek anderhalf jaar onvindbaar door het ministerie van Justitie.

Opstelten verwijt zichzelf in zijn biografie dat hij niet „doorpakte” in de zoektocht naar het bonnetje, zo zegt hij tegen het AD. „Ik had met het hele ministerie naar het Paleis van Justitie in Amsterdam moeten gaan om de archieven ondersteboven te halen.” Opstelten ontkent dat bewust informatie is achtergehouden. „Het waren fouten. Niet meer en niet minder.”

Lees ook: De 7 plagen van het ministerie van Veiligheid en Justitie

‘Toets der kritiek niet doorstaan’

De affaire draaide om bewijs van een omstreden deal tussen Teeven (destijds officier van justitie) en de drugshandelaar Cees H. H., veroordeeld voor grootschalige hasjsmokkel, had op een bankrekening in Luxemburg 5,5 miljoen gulden staan, waar het OM beslag op probeerde te leggen. Justitie kon echter niet bewijzen dat het allemaal crimineel vermogen was. Teeven sloot daarop een deal met H.: justitie kreeg driekwart miljoen gulden en gaf de rest van het bedrag vrij. Alle partijen beloofden geheimhouding. De Belastingdienst werd niet ingelicht.

De ‘Teevendeal’ „kan de toets van kritiek niet doorstaan”, concludeerde een onderzoekscommissie onder leiding van Marten Oosting. De manier waarop Opstelten destijds de Kamer informeerde had tekortkomingen, concludeerde de oud-ombudsman. Ook had de Belastingdienst niet buiten de afspraken gehouden mogen worden. Volgens Oosting was er geen sprake van een doofpot: daar was meer „organisatorisch vermogen” en „bestuurskracht” voor nodig geweest.

Opstelten was niet de enige politicus die sneuvelde op het dossier. Ook toenmalig staatssecretaris Fred Teeven (Veiligheid en Justitie) vertrok in het kielzog van zijn minister. In 2017 leidde de bemoeienis van VVD-Kamerlid Van der Steur tot zijn aftreden als minister van Veiligheid en Justitie.