Opinie

Het Irak van Blok is een gefantaseerde werkelijkheid

Syriëgangers De ambitie van de minister van Buitenlandse Zaken om IS-strijders te berechten in Irak staat ver af van de realiteit waarin de Irakese overheid opereert, schrijft .

Aanhangers van de shiitische geestelijke Muqtada al-Sadr demonstreren op 19 oktober in de heilige stad Karbala tegen corruptie van de Iraakse regering.
Aanhangers van de shiitische geestelijke Muqtada al-Sadr demonstreren op 19 oktober in de heilige stad Karbala tegen corruptie van de Iraakse regering. Foto Furqan Al-Aaraji/EPA

Als minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) het heeft over een deal met de Iraakse regering om Nederlandse Syriëgangers in dat land te berechten, moet ik denken aan hoe ik dit voorjaar een goede vriend en zijn moeder vergezelde naar een Turkmeens stembureau in Kirkuk. (Hij: „Ik stem op een kandidaat die ik ken, dan kan ik hem bellen als er iets is”.) De verkiezingsuitslag in de provincie Kirkuk was ronduit ongeloofwaardig. Toen uiteindelijk besloten werd dat de stemmen herteld moesten worden, vlogen de loodsen waarin ze werden bewaard in brand.

Als minister Blok zegt dat hij IS-strijders „in de regio” wil berechten, denk ik aan mijn goede Iraakse vriend die vorige zomer tegen me verzuchtte: „Het is niet makkelijk”. Ik sprak mijn vriend op het terras van een traditioneel theehuis in Erbil, in het noorden van Irak, voordat hij het land uitglipte. Als oud-burgemeester en soennitisch Arabier was hij – volgens hem valselijk – beschuldigd van corruptie. Er hing hem een jarenlange celstraf boven het hoofd. Hij woonde alweer jaren in het buitenland, maar was teruggekomen om ‘de zaken te regelen’: hij kwam terug om de nodige mensen om te kopen, zodat de aanklacht zou verdwijnen.

Voorlopig moest hij genoegen nemen met het omkopen van de politie, zodat zijn naam niet op de lijst met gezochte Irakezen stond en hij gewoon het land in kon.

Wanneer ik minister Blok hoor praten over een miljoenen-, en mogelijk zelfs miljardendeal met Irak, denk ik aan de jonge sjiitische cameraman die me vorige week belde dat hij halsoverkop terugging naar Bagdad om zich aan te sluiten bij de protesten.

Demonstranten vroegen om banen, voorzieningen en een einde aan de corruptie. De premier vertelde hen dat de corruptie niet zomaar op te lossen was.

Ondertussen schoten regeringstroepen zeker honderd demonstranten dood. Een ervan was de vriend van de cameraman; voor zijn dood liet hij een berichtje achter dat er een sluipschutter achter hem aan zat.

Lees ook: OM wil drie keer zoveel IS’ers ophalen

Wankele legitimiteit

Oplossingen die uitgaan van een gefantaseerde werkelijkheid zíjn helemaal geen oplossingen.

Geld – ook een eventuele schadevergoeding voor de zeventig burgerdoden die vielen bij een Nederlandse bom in Hawija – gaat naar een corrupte overheid en een omkoopbare rechtspraak. De legitimiteit van de regering en de rechtelijke macht is uiterst wankel; op vrijdag 25 oktober gaan Irakezen weer de straat op om te protesteren tegen de regering.

De oud-burgemeester was terneergeslagen toen ik hem vorige week sprak. Het omkopen was niet gelukt; ze vroegen 50.000 dollar en dat had hij niet. Als ik minister Blok hoor, denk ik: dat is toch ook toevallig, dat ik net die ene Irakees ken die onderhandelt met de rechtelijke macht over omkoping.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.