Een salade met wat de herfst zoal te bieden heeft

Janneke kookt Die hazelnoten kunt u misschien wel zelf rapen.

Foto Merlijn Doomernik

‘Herfst, herfst, wat heb je te koop’, zong ik vroeger altijd met mijn jongens, terwijl we met onze kaplaarzen aan door bergen knisperende geel-oranje-rode-bruine blaadjes banjerden. Hun toetjes blozend van de buitenlucht. Allebei een dikke snottebel. En dan, terwijl we met onze armen een zo groot mogelijke berg blaadjes bij elkaar maaiden en ze vervolgens zo hoog mogelijk in de lucht gooiden: ‘Honderdduizend bladeren op een hoop.’

Ik stond net een pompoen te slachten aan het aanrecht en me intussen een beetje te verliezen in deze zoete herinnering toen buiten, onder het raam, dat openstond omdat het opeens zulk zalig zacht herfstweer was, een ongenadig gekrakeel aanving. Gekrijs, gegil, hartverscheurend gehuil, minutenlang; ik had de pompoen allang gespleten, ontdaan van zaad en in dobbelstenen gesneden, en pas toen doofde het langzaam uit.

Hoewel ik me het tafereel dat zich daarbuiten moest hebben afgespeeld levendig voor kon stellen, liep ik uit nieuwsgierigheid toch even naar de erker. Beneden zag ik een vrouw haar weg vervolgen met een peuter op haar linkerarm en in haar rechterhand een blauwe step. Ernaast drentelde een kleuter van wie de schoudertjes nog naschokten van verdriet, of woede, of in elk geval verongelijktheid. De peuter keek mijn kant op. Rode wangen, betraande oogjes, snottebel.

Dan maar geen van beiden op de step, het was ongetwijfeld de enige juiste beslissing. Ik keek nog eens naar de moeder. Haar knotje zat scheef en slordig. Haar rug verraadde hoe vermoeid ze was. Oh ja, dacht ik. Zo was het óók.

Maar genoeg gemijmerd. We gaan een salade maken met wat de herfst zoal te bieden heeft. De bladeren van een krop eikenbladsla, een pompoen, hazelnoten. Die hazelnoten kunt u misschien wel zelf rapen. Op de kade waaraan mijn huis woont, liggen ze in elk geval gewoon op de stoep. Kraak ze en rooster ze in de oven tot ze goudbruin en geurig zijn. De pompoen mag van elke soort zijn. De blauwe kaas idem; een romige gorgonzola of een wat strakkere roquefort of misschien wel een blauwe van Nederlandse komaf, wat u zelf het lekkerst vindt.

Lauwwarme salade met pompoen, hazelnoten en blauwe kaas

(4 personen)

750 g pompoen, in dobbelstenen (als hij biologisch is hoeft u hem niet te schillen)
3 rode uien, geschild, elk in 8 partjes
olijfolie
100 g hazelnoten (gepeld gewicht), zo nodig ontdaan van hun bruine vliesjes
rasp van 1 sinaasappel en sap van een halve
1,5 el sherryazijn
1 tl dijonmosterd
1 tl honing
1 krop eikenbladsla, gewassen, gedroogd en in stukken gescheurd
125 g blauwe kaas

Verwarm de oven voor op 200 graden. Hussel de pompoen en ui met een scheutje olijfolie, grof zout en peper en spreid de groenten uit over een bakplaat. Rooster ze 30 – 40 minuten in de oven, tot ze zacht en een beetje gekaramelliseerd zijn.

Doe de hazelnoten in een schaaltje en rooster ze 8 – 10 minuten mee in de oven, tot ze goudbruin zijn. (Of u roostert de noten eerst.)

Hak de noten grof.

Klop een dressing van sinaasappelsap en –rasp, sherryazijn, mosterd, honing en 4 – 5 eetlepels olijfolie. Verdeel de sla over 4 borden of een grote, platte schaal.

Verdeel de warme pompoen en ui erover en besprenkel met de dressing. Bestrooi met de hazelnoten en verkruimel de blauwe kaas erboven. Serveer meteen.