Opinie

Wat de ondermijningsaanpak kan leren van Herakles, Iolaüs en het veelkoppige monster

De huidige aanpak van ondermijnende criminaliteit is te veel gericht op repressie. In Rotterdam is de ervaring dat je ook moet opbouwen. Gebruik daarvoor crimineel geld, zeggen Marcel van de Ven en Mirjam Corsel.

Illustratie Rik van Schagen

Ondermijnende criminaliteit wordt vaak vergeleken met een veelkoppig monster. Treffend, want wie de mythologie van de Hydra kent, weet direct waarom de huidige aanpak ontoereikend is.

Herakles kreeg de opdracht dit levensgevaarlijke monster te doden. Hij ging het beest te lijf met brandende pijlen. Tevergeefs. Hij probeerde ‘m dood te slaan. Het beest gaf geen krimp. Hij pakte z’n zwaard en begon de koppen van het beest eraf te hakken, maar ’t dier was sterker dan ooit: voor elke afgehakte kop groeiden er minstens twee terug.

Dit jaar ‘vieren’ we 100 jaar strijd tegen drugs (de eerste Opiumwet werd in 1919 aangenomen). In al die jaren groeide de aanpak met meer recherche, meer bevoegdheden, meer samenwerkingspartners, meer afpakken, meer panden sluiten en hogere straffen uit tot een omvangrijke integrale aanpak. Tot een ‘georganiseerde overheid’ tegenover de georganiseerde criminaliteit. Maar, alle inspanningen ten spijt, de georganiseerde drugscriminaliteit maakte ook een extreme groei door. Het lukte ons de hippies (eerste cannabiskwekers) uit de drugsmarkt te jagen, maar hun plek werd ingenomen door geharde criminelen, niet bang voor politie. We pakten vermogen af. Zij werden slimmer in het verstoppen. We zorgden voor een importverbod op grondstoffen voor synthetische drugs. Zij gingen zelf grondstoffen vervaardigen met als gevolg nog meer chemisch drugsafval. Wij pakken de autoverhuurbranche aan (die veelvuldig door criminelen wordt gebruikt), zij stappen over op taxi’s. De georganiseerde drugscriminaliteit is slimmer en hardnekkiger dan ooit. De recente moord op advocaat Derk Wiersum maakte dat nog eens pijnlijk duidelijk. We dreigen de strijd te verliezen. We vechten tegen een veelkoppig monster. Een monster dat in de afgelopen jaren alleen maar sterker is geworden.

Lees ook:Kansarme tieners soms bereid voor enkele duizenden euro’s een moord te plegen

Hoe Herakles het monster eronder kreeg? Het lukte hem niet. Hij kon het niet. Tenminste, niet alleen. Hij schakelde de hulp in van Iolaüs. Herakles bleef koppen hakken, Iolaüs schroeide de wonden direct dicht met een brandende tak. Zo wisten ze samen te voorkomen dat er nieuwe koppen aangroeiden. En dat is precies wat in onze aanpak te weinig gebeurt: het voorkomen dat er nieuwe koppen aangroeien. Hoe begrijpelijk de eerste reacties op de moord van Wiersum ook waren, ze waren in term en kern repressief en getuigden ervan hoe wij in Nederland gebukt gaan onder het Herakles-syndroom.

Een anti-drugsbrigade is hartstikke mooi, zeker als ze zich richten op de criminele geldstromen en het afpakken van crimineel vermogen. Daar is nog een wereld te winnen. Maar als we een doorbraak willen, moeten we veel meer investeren in het werk van Iolaüs: het dichtschroeien. In het werk dat ervoor zorgt dat de georganiseerde misdaad niet verder groeit. Dat jongeren niet afglijden in de criminaliteit. Dat bedrijventerreinen, winkelstraten en het buitengebied geen broeinest worden van criminaliteit. Het gaat om de juiste balans tussen repressie en preventie. Niet repressie vergeten en de boel pamperen, maar èn hard optreden tegen misstanden èn kwetsbare groepen (die dreigen af te glijden) streng liefhebben. Misstappen aankaarten, maar ook kansen bieden om deze recht te zetten.

Lees ook:
De strijd tegen ondermijnende criminaliteit wordt op straat en in de schoolklas gevoerd.

In Rotterdam kennen we initiatieven waarin Herakles en Iolaüs wel goed samenwerken, in Rotterdam-Zuid en De Spaanse Polder. De Spaanse Polder werd weer aantrekkelijk dankzij een aanpak van ‘bestrijden en bevrijden’ (lees: hakken en dichtschroeien). Enerzijds criminaliteit hard bestrijden, anderzijds potentie bevrijden. Vertrouwen in de overheid terugwinnen en samen met ondernemers verantwoordelijkheid nemen om het gebied op te knappen. Ook Rotterdam-Zuid krabbelt op, dankzij een optimaal samenspel van preventie en repressie (Nationaal Programma Rotterdam-Zuid, NPRZ). Een aanpak waarbij geïnvesteerd wordt in onderwijs, werken, wonen en veiligheid.

Deze ervaringen laten zien dat als we ons niet laten leiden door het Herakles-syndroom, maar ook de hulp inschakelen van Iolaüs, ook wij ons monster kunnen temmen. Het monster echt verslaan, zal niet meevallen, zoals ook in het verhaal. De laatste kop van het monster was onsterfelijk. Hoe Herakles dat oploste, moet u zelf maar nalezen, het lijkt op ons niet van toepassing. Wij moeten dealen met die onsterfelijke kop. Dat vraagt om een duurzame aanpak, een blijvende investering in repressie èn preventie. En om in de Griekse mythologie te blijven: daar zit direct de Achilleshiel, want als de prioriteit verdwijnt, raak je je budget kwijt, stort je aanpak in en ben je dus ook de grip op je monster kwijt. Dat mag ons niet (nog eens) gebeuren!

En dat hoeft ook niet, want die laatste onsterfelijke kop, komt hier goed van pas. We kunnen het monster de aanpak laten sponsoren! In de VS en het UK doen ze dat ook. Schotland bijvoorbeeld heeft het Cashback for Communities Programme, waarbij ze afgepakt crimineel vermogen terug investeren in de maatschappij. Met name in positieve kansen voor jongeren die dreigen af te glijden in de criminaliteit. Sinds de start van het programma is het criminaliteitscijfer substantieel gedaald. En dat alles mede mogelijk gemaakt door de georganiseerde criminaliteit zelf. Een mooier samenspel tussen repressie en preventie, hakken en dichtschroeien, Herakles en Iolaüs is er niet, toch?

Marcel van de Ven, voormalig Stadmarinier Spaanse Polder, nu zelfstandig organisatieadviseur.

Mirjam Corsel, zelfstandig criminologe actief in ondermijningsaanpak