Opinie

Digitaal geld: alleen verbieden is niet genoeg

Cryptovaluta

Commentaar

Duitsland, Frankrijk en Italië willen de libra, de digitale wereldmunt van Facebook, in Europa verbieden. „De libra is niet welkom op Europees grondgebied”, zei de Franse minister Bruno Le Maire (Financiën) dit weekend. Vorige week uitte een werkgroep van de G7-club van grote landen ook al scherpe kritiek op het Facebook-plan. Grote partners lopen weg bij het project en Facebook stelt zijn ambities bij. De kans dat de libra er komt, is klein.

Maar dat betekent niet dat overheden, centrale banken en toezichthouders kunnen ontspannen. Zelfs als de libra definitief faalt, zullen er steeds meer digitale alternatieven komen voor euro’s en dollars. Zo werkt China aan een door de staat geleide cryptovaluta. Ook vanuit de markt ontstaan steeds meer cryptovaluta’s die concurreren met de traditionele geldsystemen. Het gaat dan met name om stablecoins, digitale munten die gekoppeld zijn aan andere valuta’s en daardoor stabieler zijn dan cryptomunten zoals de bitcoin. Dat maakt stablecoins minder vatbaar voor speculanten en geschikter voor internationale betalingen. Die worden dan makkelijker en goedkoper, is de belofte.

Dit zal waarschijnlijk grote gevolgen hebben, die nu nog niet zijn te overzien. Er zijn zeker risico’s, bijvoorbeeld op het gebied van financiële stabiliteit, belastingontduiking en cyberveiligheid. Facebook is gezien zijn vele schandalen bepaald geen ideale voortrekker, dus de afwerende reactie van Europese overheden tegen de libra is begrijpelijk. Maar ze slaan door naar stilzitten en de geest terug de fles in proberen te krijgen.

Zeker nu China haast maakt met een eigen cryptovaluta, zou ook de Europese Unie meer moeten experimenteren met digitale munten. Al was het maar om een betere en reëlere inschatting te kunnen maken van de kansen en risico’s van deze nieuwe valuta’s.

Zweden, zonder de euro, is al enkele jaren bezig met vooruitstrevende proefprojecten. Binnen de eurozone zijn er meer restricties, lijkt het. De president van de Europese Centrale Bank, Mario Draghi, gaf vorige maand te kennen dat er in de eurozone maar één munt kan zijn, namelijk de euro. „Geen lidstaat mag zomaar zijn eigen valuta introduceren. De valuta van de eurozone is de euro.”

Dat is een houding die begrijpelijk is voor een instantie die de monetaire stabiliteit moet bewaken. Maar tegelijkertijd negeert Draghi de snel veranderende digitale werkelijkheid. De introductie van nieuwe digitale munten zouden de soevereiniteit van de ECB op een onwenselijke manier kunnen aantasten, maar dat proces is in feite al lang aan de gang.

Interessanter is de benadering die de Nederlandse denktank Sustainable Finance Lab (SFL) deze maand suggereerde. Nederland is volgens het SFL bij uitstek een geschikt land om te experimenteren met een door de centrale bank gecontroleerde digitale munt, omdat het gebruik van cash in ons land sneller terugloopt dan in veel andere landen. De Nederlandsche Bank zou volgens de denktank bijvoorbeeld een „gecontroleerd veldexperiment” kunnen opstarten.

Hoe interessant ook, de vraag rijst wel of zo’n veldexperiment in één lidstaat genoeg is. Om tegenwicht te bieden aan China en private consortia zoals de libra is een steviger Europees antwoord nodig. Het lijkt er steeds meer op dat er op het gebied van cryptovaluta’s twee keuzes overblijven: óf radicaal verbieden óf radicaal vooroplopen, zodat Europa zelf de voorwaarden kan bepalen bij een ontwikkeling die onvermijdelijk doorgaat. Met vooroplopen is de EU beter voorbereid op de toekomst dan met verbieden.