Opinie

Als politici stilletjes hun ego opleuken

Tom-Jan Meeus

Dat zag ik niet aankomen: Geert Wilders blijkt een enorme aanhang in Brazilië te hebben. Je kunt denken dat zijn beste Haagse jaren voorbij zijn, maar als het hier misgaat kan hij dus een tweede carrière in Rio beginnen: 36 procent van zijn ruim 90.000 volgers op Instagram is Braziliaans, aldus een studie die het ministerie van Binnenlandse Zaken dit weekeinde vrijgaf.

Dezelfde studie veroorzaakt leedvermaak bij politici en media op de uiterste rechterflank. Eerder waarschuwde Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) voor nepnieuws door buitenlandse inmenging in campagnes, en het onderzoek laat zien dat hiervan dit jaar bij provinciale en Europese verkiezingen geen sprake was. PVV’er Bosma verspreidde na de studie een fotootje van een chagrijnige minister: de blik van „Kafka Ollongren [...] als Martin Bosma haar nepnieuwscampagne FILEERT”. Ik vermoed dat dit humor was.

Tegelijk werpen de onderzoekers „vragen op over de legitimiteit” van Wilders’ Insta-aanhang, aangezien „Brazilië vaak genoemd wordt” als locatie van „nepvolgers”. Ook het persoonlijke Insta-account van premier Rutte telt trouwens veel (Nederlandse) nepvolgers, maar volgens de studie ondergraaft alleen Wilders de „redelijk authentieke aanhang” van Haagse politici. Maar hier hoorde je Bosma verder niet over.

Gezien die nepaanhang op sociale media is het natuurlijk de vraag of je buitenlandse inmenging moet bestuderen om binnenlandse manipulatie te achterhalen. Zo snijdt het onderzoek ook pulpnieuws aan, opgeleukte bijna-feiten waarmee vaak (ultra)rechtse Nederlandse sites op Facebook actief zijn. Sommige genereren dubbel zoveel likes en shares als de bekende nieuwsmerken, ofwel: ook hier vliegt de kletskoek je om de oren.

Intussen werd maandag in de Verenigde Staten bekend dat de Republikeinse oud-presidentskandidaat en senator Mitt Romney – in 2012 verslagen door Obama, in 2016 door Trump – sinds 2011 een dubbele Twitter-identiteit heeft. Romney blijkt ook actief als Pierre Delecto, reconstrueerde het online tijdschrift Slate. Het vond tweets terug waarmee hij, vermomd als Pierre Delecto, televisiestations, individuele journalisten (en soms Romney zelf) probeerde te beïnvloeden. Romney bevestigde inmiddels dat hij achter het account zit.

Het voorvalletje geeft in het klein weer hoe eigenaardig die discussie over nepnieuws eigenlijk is. Sociale media bestaan een jaar of tien en overal ter wereld zien politici kans hun online gedaante te veranderen. Wilders groot in Brazilië, Romney een alter ego in Washington – je krijgt niet de indruk dat het incidenten zijn. Nepnieuws is het nieuws blijkbaar ook niet. Het nieuws is hoe groot het verlangen van politici naar nep-ego’s blijkt te zijn.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Lotfi El Hamidi.