Zonnepanelen worden de groeimotor van groene stroom

Internationaal Energieagentschap In de komende vijf jaar neemt de productie van groene stroom met de helft toe. Die groei heeft ook risico’s, zegt het IEA.

Op het dak van de Hermitage Amsterdam liggen 316 zonnepanelen
Op het dak van de Hermitage Amsterdam liggen 316 zonnepanelen Foto Robin Utrecht

Het goede nieuws is dat de productie van hernieuwbare stroom de komende vijf jaar wereldwijd met de helft toeneemt. Het minder goede nieuws is dat dat lang niet voldoende is om de klimaatdoelen te halen en de luchtkwaliteit drastisch te verbeteren.

Deze conclusies trekt het Internationaal Energieagentschap IEA in een maandag verschenen rapport.

Vooral de opkomst van zonne-energie geeft de verduurzaming een flinke stimulans. IEA denkt dat het aantal daken met zonnepanelen tot 2024 zal verdubbelen tot 100 miljoen, waarbij Nederland, België en Californië wereldwijd vooroplopen. Met name de kostendaling prikkelt mensen om te investeren in zonne-energie. IEA verwacht de komende vijf jaar een kostendaling van 15 tot 35 procent.

De groei van opgewekte zonne-energie zorgt voor meer dan de helft van de stijging van duurzame energie. Windmolens op land zorgen voor een kwart van de groei. De capaciteit van windparken op zee zal tot 2024 verdrievoudigen, maar de bijdrage aan de groei is slechts 4 procent.

Kolen

Naast kostendaling speelt ook overheidsbeleid, zoals subsidies, een rol bij de stijging van energie uit zon, wind en waterkracht. „Hernieuwbare energie is nu al de een na grootste bron voor elektriciteit, maar de ontwikkeling moet sneller gaan als wij voor de langere termijn de doelen rond klimaat, de luchtkwaliteit en de toegang tot energie willen bereiken”, zegt Fatih Birol, hoofd van het IEA. Wereldwijd zijn kolen nog altijd de belangrijkste bron.

De in Parijs gevestigde organisatie verwacht dat hernieuwbare energie in 2024 verwacht goed is voor 30 procent van de stroomproductie. Nu ligt dat percentage op 26 procent. Ondanks de populariteit van zonnepanelen in Nederland, ligt het aandeel duurzame stroom in Nederland nog flink lager. In 2018 was dat rond de 16 procent.

De snelle, wereldwijde groei van duurzame energie heeft volgens de IEA ook risico’s. Onbeheerste groei kan leiden tot minder opbrengsten voor netwerkbeheerders, terwijl de inpassing van duurzame stroom juist extra investeringen kost. „De potentie van zonne-energie is adembenemend, maar de ontwikkeling moet gemanaged worden om de belangen van eigenaars van panelen, overige consumenten en energiebedrijven in evenwicht te houden.”

De snelle vlucht van duurzame energie is volgens het IEA niet voldoende om de klimaatdoelen te halen. Nog vorige week hekelde Birol tijdens een congres in Parijs de sluiting van kerncentrales zoals die in Japan en Duitsland plaatsvindt. Ook bij kernenergie vindt geen uitstoot van broeikasgassen plaats. „Het openhouden van centrales is de goedkoopste oplossing. Het zou een grote verspilling zijn als we die centrales niet houden.” In Nederland speelt kernenergie nauwelijks een rol en dat zal ook in het komende decennium niet veranderen.

Lees ook dit verhaal over kernenergie in Nederland: Wie aan de eisen voldoet, mag best een kerncentrale bouwen