Opinie

Tijd om je provider terug te pesten

Marc Hijink

‘This town ain’t big enough for the both of us’, zeggen cowboys in het Wilde Westen. Zo gaat het ook in de telecomsector, waar KPN nieuwe glasvezelaanbieders het licht in de ogen niet gunt. KPN pest volgens een rapport van de Autoriteit Consument en Markt (ACM) concurrenten uit de markt die snel internet via glasvezel willen aanleggen op plekken waar nu alleen nog de (tragere) koperlijnen van KPN liggen. Zodra een concurrent begint ‘dreigt’ KPN glasvezel aan te leggen in hetzelfde dorp of stad. Zo krijgt de eerste initiatiefnemer het lastig om het netwerk vol te krijgen met nieuwe klanten en trekt zich terug. Zo ging het in Deurne, Den Haag en de Beemster.

Het mag wel, maar het hoort niet. Dit providertje pesten vertraagt de aanleg van snel internet, vindt de ACM. KPN wast zijn glasvezel in onschuld. De ambitie is immers om in 2021 een miljoen extra huishoudens op glas te hebben aangesloten. Dat gaat moeizaam wegens gebrek aan bouwcapaciteit: sleuven graven is tijdrovend en duur. Maar als je door slimme timing hier en daar wat nieuwkomers kan wegpesten, zal KPN dat niet laten. Van goede manieren is nooit iemand rijk geworden.

VodafoneZiggo, KPN’s voornaamste concurrent, doet ook aan providertje pesten. Zo snel als Ziggo’s nieuwe giganet belooft te zijn, zo traag is de kabelaar met het openstellen van zijn infrastructuur. Dat moet van de ACM, toch verzet VodafoneZiggo zich daar al jaren tegen.

Er loopt nog een beroepsprocedure en ondertussen probeert de kabelaar potentiële providers te ontmoedigen met inkooptarieven vanaf 23,70 euro (exclusief BTW) voor het allergoedkoopste internet.

Consumenten moeten verplicht tv afnemen en onbeperkt internetten is er niet bij. Als ‘vreemde’ klanten op het kabelnetwerk meer data verbruiken dan VodafoneZiggo’s eigen klanten, dan moeten ze bijbetalen. En mocht een provider het aandurven om onder die voorwaarden een pakket te verkopen, dan duurt het wel een jaar voordat VodafoneZiggo de administratieve rompslomp op orde heeft. Er is geen haast.

We hebben het de laatste tijd veel over de tweedeling tussen stad en platteland. Die is er ook digitaal. Ik weet hoe lastig het kan zijn om buitenaf te wonen als je je bits nog op een fiets met houten banden naar de wijkcentrale moet brengen. Alleen maar omdat de kabelaar jouw adres niet rendabel acht en glasvezelaanbieders een loopgravenoorlog uitvechten.

Daarom koester ik mijn grootstedelijke meterkast, waarin KPN driftig zit te husselen en VodafoneZiggo zijn eerste gigabitverbinding aanbiedt. Goedkoop is het niet; per jaar betaal ik ruim 1.200 euro voor internet en tv. Dat is bijna meer dan ik aan brandstof voor mijn auto kwijt ben. En terwijl ik bij elk tankstation stop waar de diesel (sorry) een cent goedkoper is, blijf ik mijn provider jarenlang trouw. Nergens voor nodig.

Ik neem me voor om elke twee jaar van aanbieder te wisselen en volop te profiteren van de kortingen aan het begin van de contractduur. Hoogste tijd om de provider eens terug te pesten.

Marc Hijink schrijft over technologie

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.