Opinie

Over een nieuwe moord op eigenzinnige vrouw in Libië

Ook ná Gaddafi moeten vrouwen zich koest houden in Libië. Verscheidene vrouwen die dat niet deden zijn intussen vermoord, telde Carolien Roelants.

Dwars

Libië is nogal uit het nieuws en daarom weet u waarschijnlijk niet dat Seham Sergiwa is vermoord. Psychologe Sergiwa was lid van het Huis van Afgevaardigden, het gekozen parlement in het oosten van Libië waar generaal Haftar de niet-gekozen sterke man is. Haftar wil sterke man van heel Libië worden, maar het lukt nog niet zo erg met zijn oorlog tegen de internationaal erkende regering in Tripoli, ondanks de steun van Golfstaten, Egypte, Rusland en Frankrijk. Haftars oorlog, die naar zijn eigen zeggen niet gaat om het sterkemanschap maar is bedoeld om de hoofdstad te zuiveren van terroristen, is na zo’n duizend doden, onder wie veel burgers, vastgelopen.

Maar terug naar Sergiwa. Op 17 juli gaf ze in haar woonplaats Benghazi een televisie-interview waarin ze kritiek leverde op Haftars offensief tegen Tripoli en een beroep deed op beide partijen – Haftar en de regering in Tripoli – om zich met elkaar te verzoenen en samen een regering te vormen. Haar interviewer wierp tegen dat de machthebbers in Tripoli banden hebben met de Moslimbroederschap, Al-Qaida en Islamitische Staat. Sergiwa antwoordde: „Hebben jullie niet ook extremisten in jullie gelederen?”

Dat bleek. Diezelfde avond vielen gewapende mannen haar huis in Benghazi binnen, schoten haar man in zijn been, sloegen haar zestienjarige zoon in elkaar en namen haar mee. Volgens een getuige hadden de mannen op een muur in Sergiwa’s huis ‘Awlya al-Dam’ gekalkt, Wrekers van Bloed. Dat is de naam van een van de milities die aan Haftars kant vechten. Mensenrechtenorganisaties beschuldigen Awlya al-Dam van buitengerechtelijke executies.

In theorie is het denkbaar dat Sergiwa nog leeft – er is geen lijk – maar haar familie is ervan overtuigd dat ze meteen na haar ontvoering is vermoord. Ze is lang de enige niet. Ik heb al eens geschreven over Salwa Bugaighis, die actie voerde tegen Gaddafi’s regime en na diens val voor democratie en mensenrechten. Ze werd in 2014 vermoord, ook thuis in Benghazi, waarschijnlijk door ook zo’n militie. Een paar weken later werd een andere vrouwenrechtenactiviste doodgeschoten die tegen Bugaighis’ liquidatie had geprotesteerd. Etcetera.

Lees ook dit interview (2011) met Bugaighis: ‘Zonder vrouw geen democratie’

Ik had in december 2011 een interview met Bugaighis waarin ze zei dat Libische mannen vinden dat vrouwen thuis horen te blijven en zich al helemaal niet met politiek moeten bemoeien. Maar, zei ze, democratie voor mannen is geen democratie, en ze ging door met haar strijd tot ze werd vermoord.

In de opstand tegen Gaddafi’s regime speelden veel vrouwen een rol, maar zoals zo vaak in de Arabische wereld, na afloop moesten ze weer naar huis. Wat ik nogal tekenend voor de man-vrouwsituatie vind: de paar beperkingen op veelwijverij onder Gaddafi – mannen moesten schriftelijke toestemming van de eerste vrouw hebben voor een tweede of derde – werden ná zijn val ingetrokken. De situatie is voor vrouwen in de jaren van oorlog verder verslechterd omdat de Libische strijdgroepen het nu eenmaal niet op eigenzinnige vrouwen begrepen hebben. Er zijn maar weinig vrouwen, zoals Sergiwa er een was, die naar buiten (kunnen) treden.

De westerse wereld die er acht jaar geleden zo van overtuigd was dat ze met haar steun aan de rebellen Libië democratie had gebracht, stond na de moord op Bugaighis op haar achterste benen. Er werd natuurlijk geen dader gevonden, laat staan berecht. Wijs geworden zwijgt de wereld nu over Sergiwa.

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.