Chaotische exodus uit Noord-Syrië

Turkse inval in Syrië Honderdduizenden inwoners willen de komst van de door Turkije gesteunde rebellen niet afwachten en slaan op de vlucht.

Koerdische vluchtelingen uit Noordoost-Syrië bij de grensovergang met Irak, maandag. Naar schatting 190.000 tot 300.000 inwoners zijn al vertrokken.
Koerdische vluchtelingen uit Noordoost-Syrië bij de grensovergang met Irak, maandag. Naar schatting 190.000 tot 300.000 inwoners zijn al vertrokken. Foto Muhammad Hamed/Reuters

Amerikaanse militairen zijn maandag bekogeld met aardappelen in de Koerdische stad Qamishli in Noordoost-Syrië. Inwoners koelden hun woedde op Amerikaanse pantservoertuigen die zich terugtrokken uit de stad.

Het abrupte besluit van president Trump om de Amerikaanse troepen weg te halen uit Syrië wordt door veel Koerden gezien als verraad. En velen zijn niet van plan om de komst van de aan het Turkse leger geallieerde Syrische rebellen af te wachten.

Vluchten naar Raqqa en Hasaka

Het Turkse offensief heeft voor een chaotische exodus gezorgd uit het strijdgebied. Inwoners vluchtten de afgelopen dagen in auto’s en vrachtwagens, per motorfietsen of zelfs te voet. Velen hadden nauwelijks tijd om spullen mee te nemen. Naar schatting 190.000 tot 300.000 mensen – de aantallen variëren sterk – zijn vertrokken. De meesten zijn neergestreken in de steden Raqqa en Hasaka, waar niet genoeg opvang is. Ontheemden worden ondergebracht in huizen en scholen.

„Erdogan heeft jaren over deze regio gepraat, we verwachtten niet dat hij zo snel tot acties zou overgaan”, zei Suwar al-Issa telefonisch tegen Al Jazeera vanuit Hasaka. Hij is met zijn vrouw en zoon halsoverkop uit de strategische grensplaats Ras al-Ain gevlucht. „Duizenden families zijn vertrokken, in het gebied dreigt een humanitaire ramp. Als deze situatie voortduurt, zullen hier nog duizenden binnenkomen, maar Hasaka kan zo veel mensen niet aan.” Omdat er in de stad geen plek meer is, reizen veel ontheemden inmiddels verder.

Daarbij dreigt Hasaka zonder water te raken omdat Turkse troepen vorige week het belangrijkste waterpompstation van de provincie, vlak bij Ras al-Ain, hebben beschoten. De autoriteiten waarschuwen dat de noodvoorraad water snel opraakt. De Verenigde Naties onderhandelen met Ankara om herstelwerkzaamheden toe te staan.

Er is toenemende internationale zorg over mogelijke oorlogsmisdaden door het Turkse leger en geallieerde rebellen. Volgens mensenrechtenorganisaties hebben zij zich schuldig gemaakt aan willekeurige aanvallen op burgers. Volgens de autoriteiten in Noordoost-Syrië zijn er sinds het begin van het offensief 218 burgers omgekomen, onder wie 18 kinderen. Amnesty International zegt dat het „belastend bewijs” heeft verzameld van oorlogsmisdaden. De VN hebben de Turkse regering opgeroepen om de beschuldigingen te onderzoeken.

De OPCW verzamelt bewijs voor beschuldigingen van het gebruik van witte fosfor

Er zijn ook onbevestigde berichten dat de rebellen witte fosfor hebben gebruikt, een chemisch wapen dat zware brandwonden veroorzaakt. Op sociale media circuleren foto’s van ernstig verminkte kinderen, maar de authenticiteit daarvan kon nog niet worden vastgesteld. Er is over en weer veel propaganda en desinformatie. De Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) is op de hoogte van de beschuldigingen en verzamelt bewijsmateriaal.

Executie

De Amerikaanse regering heeft Turkije opheldering gevraagd over mogelijke oorlogsmisdaden, zoals de moord op de prominente Koerdische politica Hevrin Khalaf vorige week op een snelweg. De executie werd gefilmd door de militie Ahrar al-Sharqiya, die deel uitmaakt van het ‘Syrische Nationale Leger’, zoals de bonte verzameling van Syrische rebellen heet die Turkije heeft verzameld.

In reactie op de vragen zei Turkije geen volledige controle te hebben over de Syrische rebellen, aldus een Amerikaanse functionaris tegen de nieuwssite Al-Monitor.

De wankele vijfdaagse wapenstilstand tussen Turkije en de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF), die donderdag inging, lijkt stand te houden. Negentig voertuigen met Koerdische strijders en burgers verlieten zondag Ras al-Ain, waar sinds het bestand inging het zwaarst werd gevochten.

Beide partijen beschuldigen elkaar ervan de wapenstilstand te schenden. Koerdische media melden dat vijf burgers en dertien strijders zijn omgekomen sinds het bestand inging, maar dat is niet te verifiëren. Het Turkse leger zegt dat zondag een soldaat omkwam bij een aanval met een antitankraket in grensstad Tal Abyad. Desondanks twitterde president Trump dat „de wapenstilstand netjes standhoudt. Er waren kleine schermutselingen die snel zijn geëindigd.”

Geld en macht

De terugtrekking van de SDF uit Ras al-Ain maakt de weg vrij voor de overname door Turkse troepen. Volgens de SDF zal de evacuatie gevolgd worden door terugtrekking uit een groter deel van het grensgebied, een belangrijk onderdeel van de afspraken. Maar er is onenigheid over de omvang van het gebied. De volledige terugtrekking moet dinsdagavond zijn voltooid, wanneer het bestand eindigt.

Volgens het bestand moeten alleen SDF-strijders, die Turkije beschouwt als terroristen, zich terugtrekken. Maar veel burgers zijn ook gevlucht, uit angst voor de door Turkije gesteunde rebellen, die worden beschuldigd van oorlogsmisdaden.

Deze rebellen, die worden getraind en gefinancierd door Turkije, worden meer gedreven door geld en macht dan door ideologie. Ze vochten in het verleden voor diverse andere groepen, al dan niet in de jihadistische hoek, zolang ze maar soldij kregen. Sommigen worden beschuldigd van geweld tegen burgers, plundering en buitengerechtelijke executies.