Brieven

Koester de specialist in de tbs-kliniek

Illustratie
Illustratie Cyprian Koscielniak

‘Tbs’ers uit frustratie ontsnapt’ (11/10) zei de advocaat van de tbs’ers uit de Pompekliniek. Ze wilden therapie, maar hun behandelaren stapten telkens over naar de GGZ. Wat fijn dat tbs’ers actief willen meewerken aan een veilige terugkeer naar de samenleving en wat jammer dat Justitie niet meer moeite doet om behandelaren binnen de kliniek te houden. Ik was drie jaar in dienst van Justitie als forensisch onderzoeker in het Pieter Baan Centrum. Als senior gedragswetenschapper met twintig jaar ervaring en beroepskwalificaties ter waarde van 50.000 euro verdiende ik voor 18 uur per week 2.000 euro netto per maand. Een schijntje voor zulk specialistisch, gevaarlijk en verantwoordelijk werk. Een koopje voor de werkgever: ook buiten geplande werkdagen (’s avonds en in het weekend) moest ik opdraven, soms meer dan dertig onvoorspelbare uren per week. Van het management kregen mijn collega’s en ik regelmatig de vraag of voor nóg minder nog méér kon? Na drie jaar was het op. Mijn werkgever gaf aan het gesprek over de cao „niet meer te willen voeren”. Sindsdien werk ik als zzp’er voor Justitie. Per opdracht, die volgens Justitie zo’n achttien uur werk is, krijg ik zo’n 1.800 euro bruto. In de praktijk is het vaak dertig uur of meer. Ik kan mijn werk voor Justitie ‘betalen’ door daarnaast ander werk te doen. Binnen de tbs is het niet anders. Het is niet makkelijk mensen te vinden die dit werk leuk vinden en er goed in zijn. Het is slecht voor hen, de tbs’ers èn de samenleving dat zij niet meer gekoesterd worden voor hun belangrijke werk.


forensisch gedragskundige NRGD