‘Coalitieoverleg’ over eigenzinnige media-optredens D66

Politiek Den Haag Bij VVD, CDA en ChristenUnie is er nog maar weinig geduld met de eigenzinnige media-optredens van hun coalitiegenoot D66.

Kamerleden Salima Belhaj en Sjoerd Sjoerdsma tijdens het debat over de Turkse inval in Syrië, woensdag.
Kamerleden Salima Belhaj en Sjoerd Sjoerdsma tijdens het debat over de Turkse inval in Syrië, woensdag. Foto Phil Nijhuis/ANP

Ze zitten elke maandag bij elkaar op het ministerie van Volksgezondheid: de premier, de vicepremiers, de fractievoorzitters van de coalitie, een paar ministers. En als er iets niet helemaal lekker loopt tussen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie, dan wordt dat meestal in dat ‘coalitieoverleg’ uitgesproken: had je dat zo wel moeten zeggen in de krant?

Maar deze week was het anders. Er was niet één ding, zeggen betrokkenen, het waren er een heleboel bij elkaar. En allemaal over D66.

De irritatie liep zo hoog op dat het aan tafel opeens ging over hun eigen ‘omgangsvormen’. Mark Rutte zelf maakte er een punt van. Hij voelde aan, zegt iemand die erbij was, dat het ook zomaar riskant kon worden voor zijn derde kabinet.

VVD, CDA en ChristenUnie zien hoe D66 sinds de zomer met het ene na het andere interview komt dat vooral bedoeld lijkt om ándere regeringspartijen hard te raken. Pia Dijkstra die in het AD zegt dat CDA-minister Hugo de Jonge haast moet maken met zijn onderzoek naar ‘voltooid leven’, omdat ze met haar eigen wet wil komen – waar de ChristenUnie niks van moet hebben. Tjeerd de Groot die in het AD én de Volkskrant zegt dat de veestapel gehalveerd moet worden en dat dat „het eerlijke verhaal” is. Sjoerd Sjoerdsma die op televisie VVD-minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok „apathisch” noemt.

In een debat over de Turkse inval in Syrië, op donderdagavond, kon Rutte zijn ergernis daarover niet inhouden. „Het slaat helemaal nergens op”, zei hij tegen SP-leider Lilian Marijnissen, die bij de interruptiemicrofoon over Sjoerdsma’s uithaal naar Blok was begonnen. „Ik wil dat echt even duidelijk gezegd hebben, dan ben ik dat tenminste kwijt.”

Marijnissen haalde haar schouders op. Dat moest Rutte dan maar tegen D66 zeggen.

Bij de andere drie partijen is het idee: je mag je best doen om op te vallen, maar bij elkaar opgeteld is dit te veel. En vooral: te persoonlijk. Zijn zij dan níet eerlijk tegen de boeren? Als het zo doorgaat, hoor je nu in de coalitie, dan is anderhalf jaar nog wel heel lang. De volgende Tweede Kamerverkiezingen staan gepland voor maart 2021. En iemand uit de coalitie zegt: „Oppositie hebben we op dit moment nauwelijks, we zijn wel heel druk met elkáár.”

Los-zand-imago

Helemaal nieuw is dat niet. D66, CDA en ChristenUnie begonnen in 2017 aan Rutte III met het schrikbeeld van de verpletterde PvdA voor ogen – zo kon het gaan als je met de VVD regeerde. En dus was de afspraak dat ze in de media met hun eigen ideeën zouden blijven komen, zolang die het regeerakkoord maar niet onderuit haalden. Het leidde al snel tot een los-zand-imago, want wat was het gezamenlijke verhaal van dit kabinet? En zelfs tot een crisis-in-wording begin dit jaar, toen VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff in De Telegraaf zei dat hij weinig moest hebben van de klimaatplannen die werden bedacht. Hij noemde D66-leider Rob Jetten een „klimaatdrammer”.

Dat was net zo goed persoonlijk, en ook toen was het in het overleg op maandag even helemaal mis. Dijkhoff kreeg harde kritiek, de coalitie was een tijdje niet meer zo optimistisch over het eigen voortbestaan. Wat daarna hielp voor de saamhorigheid: bij de Provinciale Statenverkiezingen viel het verlies van Eerste Kamerzetels voor de coalitie mee. Forum voor Democratie werd in de senaat de grootste partij, maar raakte verstrikt in onderlinge ruzies. En het lukte het kabinet om een pensioenakkoord te sluiten, en ook een klimaatakkoord.

In Rutte III was de stemming vóór de zomer: we regeren rustig nog twee jaar door.

Die stemming is weg. Bij de pensioenen dreigen kortingen, over klimaatplannen hoor je nog maar weinig, over het stikstofprobleem heel veel. En precies dat ligt voor drie van de vier coalitiepartijen moeilijk. De VVD rekent op electorale schade als de maximumsnelheid omlaag moet door de stikstofcrisis. De ChristenUnie heeft de minister die over de stikstof gaat, Carola Schouten, én over de boeren. Het CDA is de partij met de grootste achterban op het platteland. En ja, dan komt het aan als een Kamerlid van de partij die het minst last zal hebben van de stikstofmaatregelen, D66, de boeren nog bozer maakt door over een gehalveerde veestapel te beginnen.

Nederlandse Syriëgangers

Zo kon het gebeuren dat je in de dagen dat de Turkse inval in Syrië begon, nu ruim een week geleden, in de gangen van de coalitiepartijen weinig hoorde over de Nederlandse Syriëgangers in Koerdische kampen – ook vrouwen en kinderen. Maar veel over de boosheid op D66’er Tjeerd de Groot. „Hij speelt met vuur”, zei iemand van een andere coalitiepartij.

Het viel de Kamerleden op hoe mild De Groot aan het eind van die week was in een debat over landbouw. Zijn punt was gemaakt, D66 heeft geen plannen om voor de veestapel Rutte III op het spel te zetten.

Maar dat die partij zich bewust anders en feller opstelt dan in de eerste twee jaar van het kabinet, is zeker. Aan het eind van de zomer waren de Tweede Kamerleden van D66 een paar dagen op de Veluwe voor hun ‘fractiedagen’ en daar is bedacht dat ze met meer lef en zelfvertrouwen hun eigen standpunten en ideeën gingen uitdragen. De analyse was: D66 is moeizaam aan Rutte III begonnen, met kwesties als de dividendbelasting, de afschaffing van het raadgevend referendum, het privéleven van Alexander Pechtold. Maar die tijd is voorbij. Door het vertrek van Pechtold is ook de schaduw weg die hij als ‘grote boom’ in de fractie verspreidde, en kunnen Kamerleden nu zelf gaan ‘bloeien’. Kom maar op met je ideeën of zelfbewuste optredens in de media, was de boodschap op de Veluwe.

Bij D66 zijn ze er tevreden over. In sommige peilingen stijgt de partij nu weer.

Bij de andere coalitiepartijen zien ze de dadendrang van D66 als uitingen van een kat in het nauw. De eerste jaren van Rutte III stonden D66 en het CDA in de peilingen allebei op fors verlies. Maar de aandacht voor twee mogelijke CDA-lijsttrekkers, de ministers Hugo de Jonge en Wopke Hoekstra, lijkt die partij bij kiezers al een tijdje weer veel aantrekkelijker te maken. Zou D66 als enige progressieve partij in Rutte III dan ook de enige Grote Verliezer worden van dit kabinet? Ondertussen groeit in de peilingen de PvdA al sinds het begin van de zomer.

En al denken collega’s van de andere regeringspartijen dat ze het dus wel snappen van D66, ze vinden het ook een risico. Het zou niet voor het eerst zijn, was het besef in het overleg op maandag, als een kabinet in crisis raakt net voor een reces. De herfstvakantie begint voor de Tweede Kamer dit weekend.

Rob Jetten na een coalitieoverleg over de stikstofproblematiek, begin deze maand.

Foto Laurens van Putten/ANP

Nogal zwijgzaam

Rob Jetten, zeggen betrokkenen, was op maandag nogal zwijgzaam. Het was D66-minister Wouter Koolmees die het opnam voor zijn partij. Waren Tweede Kamerleden van andere regeringspartijen de afgelopen tijd niet óók hard geweest voor ministers van D66? Voor Ingrid van Engelshoven van Emancipatie bijvoorbeeld, die speelgoedfabrikanten had gevraagd te kijken naar hun ‘rolbevestigende’ speelgoed. En voor Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken. Volgens VVD en CDA had zij het boerkaverbod niet goed uitgevoerd, waardoor het een „fopspeen” was geworden.

Het coalitieoverleg had geen duidelijke, voor Mark Rutte geruststellende afloop. Al kwam D66 in de dagen erna níet met nog een „klaroenstoot”, zoals ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers de optredens van de coalitiegenoot noemde. De partij van Jetten lijkt nog steeds wel vast van plan om de D66-kijk op kwesties zo duidelijk mogelijk aan kiezers te tonen. Over Europese samenwerking bijvoorbeeld, bij de Brexit en Syrië, en over het lerarentekort.

Daar komt bij dat voor alle Tweede Kamerleden geldt: als je vreest voor je plek op de volgende kandidatenlijst, moet je nu gaan opvallen. De selectiecommissies van partijen worden al gevormd.

Lees ook: Coalitie verbergt onmin – voor nu

Dat kan zeker in de coalitie leiden tot onrust: als je je scherp afzet tegen regeringsbeleid is dat zo goed als zeker nieuws. In Rutte III is volgens betrokkenen nu de afspraak: pas vanaf volgend jaar september laten we elkaar ‘los’ voor de campagne.

In het debat in de Tweede Kamer over Syrië, afgelopen donderdag, bleek rond middernacht opnieuw hoe erg Mark Rutte het vond dat VVD-minister Blok door D66 was uitgemaakt voor „apatisch”. „Dames en heren”, zei hij, „iedereen heeft zijn eigen stijl. Ik praat wat enthousiaster dan Blok.” Wat hijzelf belangrijk vond over Syrië, dat vond Blok net zo goed belangrijk. „Maar dat zie je aan mij dan wat meer dan aan hem.”