Rotterdam in glas

Donner Boekhandel Donner opent volgend weekend (eindelijk) officieel. Omdat ook de restauratie van het bankgebouw klaar is wordt het trappenhuis met het raam van Copier weer publiek toegankelijk.

Het raam van Copier bestaat uit vijf verticale raampartijen in het monumentale trappenhuis, die van de kelder oplopen tot aan de derde verdieping.
Het raam van Copier bestaat uit vijf verticale raampartijen in het monumentale trappenhuis, die van de kelder oplopen tot aan de derde verdieping. Foto Novi Zijlstra

De Laurenskerk staat fier in het midden. Aan de voet van de toren zit de Nederlandse leeuw. Rechts daarvan de bogen van de oude Maasbruggen. We zien havenkranen en schepen op de rivier. Zeilbootjes varen op de Kralingse of Bergse Plas. Het wemelt van de bloemen, vissen en vogels.

Het Raam van Copier is een zoekplaatje. En vanaf nu kan iedereen mee zoeken naar herkenbare gebouwen en plekken. De restauratie van het bankgebouw van ABN Amro aan de Coolsingel – onderdeel van het vastgoedproject Forum – is voltooid. Het raam in het monumentale trappenhuis, jarenlang verborgen gebleven voor het publiek, is weer te bewonderen, alle bijna 180 afzonderlijke gezandstraalde ruiten die samen een bonte ode aan Rotterdam brengen.

Volgend weekeind verricht burgemeester Aboutaleb de opening van het vernieuwde Donner. De boekhandel zat al een paar jaar antikraak in het pand, en is nu samen met de bank de vaste bewoner. Onderdeel van het openingsprogramma is een kleine tentoonstelling over de glaskunstenaar Copier, de maker en naamgever van het raam. De expositie, die zaterdag 26 oktober om 15.00 uur officieel wordt geopend, is ingericht door zijn kleinzoon Laurens Geurtz, die ook boeken over zijn grootvader samenstelde.

Andries Dirk Copier (1901-1991) werd geboren in het stadje waar al sinds mensenheugenis glas wordt geblazen: Leerdam. Al op jonge leeftijd kwam hij in de Leerdamse Glasfabriek te werken, waar zijn talent opviel. Op kosten van de fabriek kreeg hij de kans zich te ontwikkelen, eerst op de Vakschool voor de Typografie in Utrecht en van 1922 tot 1924 aan de Academie van Beeldende Kunsten in Rotterdam. Zijn leraar Jac Jongert, bekend van zijn moderne reclamewerk voor Van Nelle, nam hem mee naar museum Boijmans om hem de collectie Perzisch glaswerk te tonen. Die zou een blijven inspiratiebron blijken te zijn. „Rotterdam is van essentieel belang geweest in de artistieke ontwikkeling van Copier”, zegt Geurtz.

Glaspanelen

Terug in Leerdam werkte hij zich op als artistiek leider en hoofdontwerper van de Glasfabriek. Het legde zich vooral toe op vazen en servies, waarvan de massaproductie in die jaren op gang kwam. Ook werkte hij in opdracht voor derden. In 1938 werd hij gevraagd voor het ontwerpen van glaspanelen aan boord van het s.s. Nieuw Amsterdam, een schip van de Holland-Amerika Lijn (HAL). Een jaar later kreeg hij eenzelfde opdracht voor het m.s. Oranje van de Amsterdamse Koninklijke Nederlandse Stoomboot Maatschappij (KNSM).

Dat waren grote objecten, maar geen omvangrijker kunstwerk dan het raam dat hij na de oorlog ontwierp voor de nieuwbouw van toen nog de Rotterdamsche Bankvereeniging op de Coolsingel. „Nee”, zegt Geurtz na enig nadenken. „Volgens mij is dit het grootste werk dat Copier ooit heeft gemaakt. Daar komt niets bij in de buurt.”

Het Raam is niet één raam, maar bestaat welbeschouwd uit vijf verticale raampartijen die van de kelder oplopen tot aan de derde verdieping aan de achterkant van het gebouw. Aan weerszijden zijn ze dertien ruiten hoog, de drie middelste zijn elf ruiten hoog, en overal drie ruiten breed. Omdat de afbeeldingen op de ruiten in elkaar overlopen, komt het werk toch als één geheel over.

Het kunstwerk is voor zover bekend nog nooit systematisch in kaart gebracht
Foto Novi Zijlstra
Het tapijt en de bij passende stoelen in het atrium van Boekhandel Donner.
Foto Novi Zijlstra
De afbeeldingen zijn figuratief, maar met een vertekening
Foto Novi Zijlstra
Foto Novi Zijlstra

Lyrisch

Over de ontstaansgeschiedenis ervan is weinig bekend. Geurtz beheert het privé-archief van zijn grootvader, maar daar is er vrijwel niets over te vinden. „Copier bewaarde veel, maar juist in die periode is hij veel verhuisd, waarbij veel verloren is gegaan.” Wel verwijst hij in enkele brieven aan zijn vrouw over het werk dat hij voor de bank maakt. Die brieven, geschreven toen mevrouw Copier met de Nieuw Amsterdam op reis was naar de Verenigde Staten, zijn te zien op de expositie in Donner.

Navraag bij ABN Amro Kunst en Historie leert dat ook bij de bank geen opdrachtbrieven of correspondentie in het archief bewaard zijn gebleven, noch schetsen of tekeningen. Wel is er in 1998 een klein boekje verschenen toen de glasplaten boven de loketten, ook van de hand van Copier, naar de lunchkamers op de dertiende verdieping van de nieuwbouw op de Van Oldenbarneveltplaats werden verplaatst, de toren die nu wordt omgebouwd tot appartementencomplex, eveneens een deelproject van Forum. De ruiten – sommige gebarsten – werden tijdens de restauratie aangetroffen in houten kratten. Nu hangen ze als losse panelen op de eerste verdieping van Donner, boven de tussenverdieping.

Het boekje uit 1998 geeft geen uitsluitsel over hoe de opdracht aan Copier tot stand is gekomen, alleen dat het ‘niet verwonderlijk’ was dat hij werd aangezocht, als ‘bekendste glasontwerper van Nederland’. Wel vermeldt het dat de kunstenaar zich heeft laten inspireren door het lange gedicht ‘Dat is Rotterdam’ van Jan Prins uit 1937, een lyrische beschrijving van zwerftochten langs straten en kades.

Lyrisch is dan ook het karakter van het raam. Het is een zwierig geheel, met bloemen en bomen die overal doorheen aderen en vogels die rondfladderen. De afbeeldingen zijn figuratief, maar met een vertekening, zodat de stijl een beetje aan Chagall of aan Picasso doet denken. Kijk bijvoorbeeld naar het hoofd van de vrouw die vissen uitdeelt: in haar gezicht is een tweede gezicht verwerkt, met een surrealistisch effect.

Door die licht abstracte toets is niet alles direct herkenbaar. Zien we daar de torens van de Hef, maar dan zonder middendeel? En is dat blokkendoosje met de horizontale raampartijen niet de voormalige Bijenkorf, die destijds nog niet was gesloopt? Volgens de auteurs van het boekje zijn ook Spanjaardbrug en de geven van het vooroorlogse bankgebouw aan de Boompjes afgebeeld. Voor zover bekend is het kunstwerk nog nooit systematisch in kaart gebracht en beschreven.

School

Tekenend voor de stijl van Copier en zijn school zijn de schapen onderin. Met slechts enkele lijnen die om elkaar heen kringelen is een heel wollig dier uitgebeeld. De kop is eenvoudig maar raak: zo kijkt een schaap.

Volgens Geurtz zijn de afbeeldingen op het raam (en op ander glaswerk van Copiers hand) niet zozeer de uitingen van een individuele kunstenaar, maar als het gezamenlijke werk van een school, gericht op de decoratie van functioneel glas. Dezelfde afbeeldingen komen op verschillende werken voor omdat de ruit is ontstaan op het hoogtepunt van de Glasschool Leerdam die Copier aan het begin van de jaren veertig had ingericht. Ontwerpen werden gebruikt voor verschillende objecten en dienden voornamelijk om de ontwerpers en ambachtslieden te trainen.

Zo zien we op een van de glasplaten in het Atrium en matroos die een accordeon bespeelt voor een vrouw achter een raam; het zou heel goed een scene uit de rosse buurt op Katendrecht kunnen zijn. Maar die scene is vrijwel gelijk aan een tekening voor een vaas van Floris Meydam, een leerling van Copier.

Anders dan op het raam zijn de taferelen op de losse panelen uit de voormalige kassiersruimte niet direct te herleiden tot specifieke plaatsen of gebouwen in Rotterdam. Er landt een vliegtuig, maar vliegveld Waalhaven was eind jaren veertig niet meer in gebruik en Zestienhoven moest nog worden aangelegd. We zien een paar schepen, een wirwar van masten en kranen, zeilbootjes op een plas, vogels in de lucht, molens in een veld. Maar nergens iets dat herkenbaar Rotterdams is.

Het glaskunstwerk in het bankgebouw zijn niet de enige nalatenschap van Copier in Rotterdam. Museum Boymans van Beuningen heeft meer dan 700 objecten van de glaskunstenaar in zijn collectie. Zolang de renovatie van het museum en de bouw van het Depot ernaast duren, is deze verzameling niet te zien. Maar het Raam, dat heeft de stad weer terug.