Een grondig veldonderzoek naar de kneuterigheid van Nederland

Theater Hoe Nederlands zijn we? Een schrijver, een presentator en een fotograaf doen komisch veldonderzoek.

Roelof de Vries (links) en Marcel van Roosmalen in de voorstelling Dit is Nederland in Tiel.
Roelof de Vries (links) en Marcel van Roosmalen in de voorstelling Dit is Nederland in Tiel. Foto Niels Blekemolen

Fotograaf Jan Dirk van der Burg (1978) slaakt een vreugdekreetje als hij een tweede voortuin met palmboom spot. We zijn net met zijn Fiat Panda een buitenwijk van Tiel binnengereden. Met camera in de hand en oranje hesje aan – „Dan stellen mensen minder vragen omdat ze denken dat je voor de gemeente werkt” – sprint hij richting de licht-exotische versiering van de tuin. „Onlangs wees een bewoner me erop dat ik wel rekening moest houden met de privacybeschermingswet. Toen heb ik hem verzekerd dat ik de privacy van de palmboom in acht zou nemen.”

Samen met NRC-columnist en schrijver Marcel van Roosmalen (1968) en radiopresentator Roelof de Vries (1979) staat Van der Burg de komende maanden in de theaters van plaatsen als Uden en Veldhoven. Ze onderzoeken hoe ‘Nederlands’ het daar is, onder meer door het lied dat het aanwezige publiek bij zijn uitvaart wil draaien te vergelijken met het voorkeurslied van gemiddeld Nederland. Ze scheren langs meer heikele onderwerpen als politiek, vooral droogkomische criteria zijn bepalend. Zaken waar Van der Burg ook al jaren fotoseries over maakt, zoals hoe Nederlanders de paar vierkante meter voor hun huis personaliseren. De dag van de voorstelling gaan de makers ter plekke op onderzoek uit. Net als bij eerdere try-outs kijkt de fotograaf vandaag of er bewoners zijn met boeddha’s en palmbomen in de voortuin. Tot nu toe blijkt dat steeds het geval, ook in Ankeveen met minder dan 1600 inwoners.

De trailer van ‘Dit is Nederland’.

Als het drietal voor de voorstelling bij elkaar zit, zegt De Vries dat ze met dit onderwerp de zalen in wilden omdat ze een „originele kijk hebben op wat Nederlanders delen. Het gaat vaak over ‘kloven’ in Nederland maar als je hiernaar kijkt, zitten de meeste Nederlanders dichter op elkaar dan ze denken, qua opvattingen vaker in het midden dan op de flanken.” Hoewel het publiek volgens hem zelden zal toegeven hoe gemiddeld het is: „De meesten denken: dit gaat over ons, maar niet over mij, meer over mijn buurman.” De drie gastheren blijken het er zelf ook niet even gemakkelijk mee te hebben. De Vries: „Ik vind het in tegenstelling tot Marcel wél geruststellend dat ik best veel boxjes aanvink.”

Palm- en boeddha-arme omgeving

Die middag in de auto moet Van der Burg lachen om de opmerking dat hij als Fotograaf des Vaderlands vooral gespecialiseerd lijkt in het vastleggen van de kneuterigheid van zijn land. „Ik ben momenteel een ambassadeur van de fotografie, niet van Nederland als niet-lullig land.” Hij benadrukt dat hij met zijn fotoseries, bijvoorbeeld van gemiddelde Nederlandse mannen, niet de bedoeling heeft de spot te drijven. „Wel met humor te relativeren.” Nederland is een dankbaar onderwerp omdat hij er eerder „een betekenisvolle laag kan zien onder de oppervlakte” dan elders.

We zigzaggen ondertussen door een buurtje met identieke arbeiderswoningen en passeren enkele ramen versierd met het woord ‘Home’ in lopend schrift. Van Der Burg heeft eerder een serie van deze raamboodschap in dikke, houten letters gefotografeerd, is dit een lokale variant? „Of een aanbieding in de Action”, legt de deskundige in geveldecoratie uit.

De zoektocht verloopt ondertussen haastig; Tiel blijkt een palm- en boeddha-arme omgeving en Van der Burg is bang om iets te missen. Want Van Roosmalen zit in het centrum van Tiel te werken aan het stukje dat hij die avond zal voorlezen en laat weten dat er een smartlappenfestival gaande is, inclusief in fuchsia geklede koren van 65-plussers. Daar vallen beelden te vinden voor de voorstelling vanavond.

Zin om respons te krijgen

„Als ik aan Nederland denk, denk ik aan dit soort eenvormige wijken”, legt Van der Burg zijn fascinatie verder uit. „Het is trouwens aangenaam wonen hier. Daarachter loopt de Waal, kun je prachtig wandelen.” Als hij er de aantrekkingskracht van ziet, denkt de fotograaf er dan ooit over om Amsterdam te verruilen voor een wijk als deze? „Nee, ik ben al op zo’n plek opgegroeid, Zoetermeer, het is niet iets waar ik naar terug wil.”

Roelof de Vries en hijzelf komen oorspronkelijk uit Friesland en Velp, benadrukt Van Roosmalen als ik die avond suggereer dat ze kunnen overkomen als randstedelingen die anderen de maat nemen. De reden om de theaters in te trekken was dat Van Roosmalen zin had om respons te krijgen op de stukjes die hij schrijft, te kijken wat grappig en herkenbaar is, legt hij uit.

Het leek slim niet alleen met tekst te werken: Van der Burg, met wie Van Roosmalen door het land trekt voor reportages, stond eerder met een fotoshow op theaterfestival De Parade. De Vries en Van Roosmalen kennen elkaar ook langer en hebben al twee jaar een podcast, De Krokante Leesmap, waarin ze op subjectieve en amusante wijze tijdschriften beoordelen. Radiopresentator De Vries moet met zijn quizmasterachtig enthousiasme „een warm bad” vormen voor het publiek en de lokale gasten die altijd even langskomen.

Het drietal vult elkaar inderdaad naadloos aan. Terwijl een van hen op eigen wijze – van cynisch tot hyperenthousiast – het publiek een spiegel voorhoudt, zitten de anderen in een ander hoekje van het podium zichzelf te zijn: voor zich uit starend aan een tafeltje of bellend naar een lokale pizzeria voor een item later in de voorstelling.

Les in nederigheid

En zijn de reacties wat Van Roosmalen ervan had verwacht? Net als in zijn columns schetst hij in zijn onderdeel immers een weinig flatterend beeld van wat hij tegenkomt. Elke voorstelling begint met een korte samenvatting van zijn observaties na een dag rondhangen. Na een zuchtend „Je weet bij een tour als deze altijd dat er hoogte- en dieptepunten zullen zijn”, volgde in Delft bijvoorbeeld een verwijzing naar Willem de Zwijger en de opmerking dat „een moord nog nooit zo goed heeft uitgepakt voor een stad als in Delft.” Over Tiel meldde de schrijver dat het een stad is waar je verwijtende blikken krijgt als je weigert deel te nemen aan een polonaise op de kreet ‘schudden met dat kontje’.

In de twee bovenstaande steden lachte het publiek smakelijk om dit intro. Dat blijkt niet overal het geval, merkt Van Roosmalen tot zijn verbazing. „Ik zou mij persoonlijk niet aangesproken voelen als iemand Velp beledigt, ik zou het hoogstens geestig vinden.” In Goor stuitten de drie de hele voorstelling op „een muur van stilte”. Ze hadden ook de pech dat een lokaal smartlappenkoor die avond in de buurt stond geprogrammeerd. Iets waarvan het drietal, zoals regionale krant Tubantia later meldde „op zowat alle fronten verloor”, van de vierhonderd stoelen waren er 78 bezet. De Vries: „We worden achtervolgd door smartlappen.”

Op welke reactie hopen ze eigenlijk? Van Roosmalen: „Achteraf gezien is iedere reactie goed, ook die in Goor.” Voordat hij zich verder gaat voorbereiden op de voorstelling van vanavond, zegt hij nog dat ze geen grootse ambities hebben met hun programma. „Ik vind het gewoon avontuurlijk : dat je niet weet wat er gaat gebeuren.” „Eigenlijk zitten we hier met z’n drieën ter inspiratie van columns van Marcel”, lacht De Vries.

Het blijkt ook een les in nederigheid. Zo was voor Van Roosmalen de grootste verrassing dat er geregeld mensen in de zaal zitten die niet voor de drie mannen komen maar voor hun woonplaats. Het valt de columnist op dat hoe hoger het publiek is opgeleid, hoe leuker het het vindt om om zichzelf te lachen. „Mensen die echt trots zijn op hun dorp of stad, hebben er niets mee.” In Wormer, zijn woonplaats, waar hij vaker vileine stukjes over schrijft, riep iemand dat hij terug moest naar de Randstad.

Lees ook: In Wormer vindt iedereen altijd hetzelfde

Willen ze eigenlijk vaker in grote steden spelen? Van der Burg: „In kleinere steden staat er meer op het spel. Als ik een gevel fotografeer in Den Haag, zou die evengoed in een andere stad kunnen staan. Als je een palmboom uit Ankeveen toont, is er iemand in de zaal die roept: ‘Oh, dat is bij Connie in de tuin.’”

Dit is Nederland gaat op zaterdag 19 oktober in première in Zoetermeer en toert door het land tot en met 16 februari 2020. Speellijst: ditisnederland.com.