Verdwenen in Ruinerwold: ‘Het voelt alsof we hebben gefaald’

Geïsoleerd gezin Jarenlang leidde een groep van zeven mensen in het Drentse lintdorp Ruinerwold een geïsoleerd bestaan. Dorpsbewoners trekken het zich aan. ‘Maar hoe zou je dit scenario hebben kunnen bedenken?’

De boerderij aan de Buitenhuizerweg in Ruinerwold waar deze week een groep geïsoleerd levende mensen werd aangetroffen
De boerderij aan de Buitenhuizerweg in Ruinerwold waar deze week een groep geïsoleerd levende mensen werd aangetroffen Foto Kees van de Veen

Iets wat afwijkt van de dagelijkse patronen, wordt snel opgemerkt in Ruinerwold. Als ’s nachts een paar keer een onbekende auto door de straat rijdt, lezen de bewoners dat de volgende dag in de buurtapp. Naoberschap, noemen ze dat. De plicht om elkaar bij te staan.

Annemieke Knevel, ze woont een paar straten van het dorpscentrum, zegt dat ze de avondwinkel miste nadat ze vanuit Rotterdam naar Ruinerwold was gekomen. Ze verhuisde in 1993 naar een woonboerderij in het Drentse lintdorp ten noordoosten van Meppel. „In Rotterdam had je avondwinkels”, reageerde haar overbuurvrouw, „hier heb je buren”. Toen haar man, kunstschilder Cor Koppenol, op een dag een nieuw busje voor de boerderij parkeerde, vroegen de buren haar wat er aan de hand was.

Hoe kan juist in zo’n kleine gemeenschap een gezin jarenlang een verborgen bestaan hebben geleid?

Dinsdag maakte de politie bekend dat zes kinderen en een vader jarenlang onopgemerkt in een woonboerderij in Ruinerwold hebben geleefd. Ze werden aangetroffen in een provisorisch ingerichte, „af te sluiten” ruimte. Alleen de vader staat ingeschreven in de Basisregistratie Personen. De kinderen zeggen dat ze meerderjarig zijn.

Nog dezelfde dag werd een man gearresteerd omdat hij het politieonderzoek belemmerde, het zou om de 58-jarige Oosterijker Josef B. gaan. Hij is de huurder van het pand. Donderdag werd ook de vader aangehouden.

Wereldnieuws

Het gezin werd wereldnieuws, het dorp ook. Tientallen journalisten uit allerlei landen begeven zich deze week tussen de vierduizend inwoners, op zoek naar antwoorden die zij ook niet hebben. „Mensen in de rest van het land hoor ik zeggen: ik dacht dat ze elkaar kenden, in dat dorp”, zegt Ronald Buld. Voor veel bewoners voelt dat als een aanval, zegt hij, voor hem ook. „Het is alsof een dorpsbewoner om hulp vroeg, maar we niet geholpen hebben.” Zijn bijnaam in het dorp is Multibuldtie, zo heeft hij dus ook zijn bedrijf genoemd. Hij is muzikant, docent en eigenlijk bij elke dorpsactiviteit betrokken. „Het voelt alsof we hebben gefaald.”

Het antwoord op de vraag waarom het gezin zo lang verborgen kon blijven, zegt Buld, vind je op de kaart. De boerderij ligt aan de Buitenhuizerweg, een straat buiten de kern van het dorp. Veel boerderijen zijn hier omgebouwde woningen, met opgeknapte rieten daken. Door de straat rijden Audi’s, BMW’s en af en toe een trekker. Op de Buitenhuizerweg zit zo honderd meter tussen de huizen. Een plek waar je best kunt verdwijnen.

Wat zich precies op de boerderij heeft afgespeeld is nog niet bekend. In de media gaan al snel verhalen: de vader zou een herseninfarct hebben gehad en in bed zijn aangetroffen, de moeder zou in de tuin begraven zijn. De kinderen zouden verwilderd zijn, als een roedel wolven. Door de politie worden die verhalen niet bevestigd. Het verhaal van de moeder wordt ontkend – zij was al overleden voordat het gezin in Ruinerwold kwam wonen.

Het past niet bij de mentaliteit van het dorp om zo veel te zeggen maar zo weinig te weten. „Een doorsnee-Drent zegt weinig en slikt de helft van zijn woorden ook nog in”, zegt Buld. Bewoners die dingen vertellen die ze niet zeker weten, worden daar door de rest op aangesproken. „Nuchterheid is hier genetisch bepaald.” Eigenlijk wil hij ook liever niet over deze zaak praten. „Dit gezin woonde in Ruinerwold, maar komt er niet vandaan. Sterker nog, het is niet eens ingeschreven.”

Ergens vorige week bezocht de oudste zoon, 25 jaar oud, een paar keer een dorpskroeg, café de Kastelein. Hij leek verward en zei volgens gasten dat hij was „ontsnapt” en al negen jaar niet buiten was geweest. De kroegeigenaar belde zondagavond de politie.

Cafe De Kastelein in het centrum van Ruinerwold,

Foto Kees van de Veen

Auto met strobalen

Saskia Glazenburg zit maandag in de tuin te lunchen als ze twee agenten ziet. Ze loopt naar de rand van haar erf op de Buitenhuizerweg. Daar staan politieauto’s, witte busjes, een ambulance. Voor de oprit van het huis waar negen jaar eerder een man is komen wonen. Haar buurman, Josef B.

Een dag later vertrekt ze met haar man naar Noorwegen, voor een vakantie. Maar „het gebeuren” laat hen niet los. Ze zien hun buurmeisjes bij het Jeugdjournaal. Ze mailt vijf kantjes, met haar verhaal.

„Het gerucht ging dat onze nieuwe buurman het huis achter ons zou opknappen. Hij zou het huis met strobalen willen isoleren. Ik zag in gedachten al een antroposofisch type voor me, dat met leem en stro een huis wilde bouwen. Niets mis mee. Inderdaad zagen wij op een goede dag een auto met strobalen verschijnen.’

De kennismaking, een paar weken later, was kort. „Zijn blik was vriendelijk, maar ontwijkend. Hij sprak Nederlands met een accent en ik vroeg hem waar hij vandaan kwam. Ik bedoelde natuurlijk uit welk land, maar hij antwoordde: ‘Uit Meppel’. Ik durfde mijn vraag niet te expliciteren, dus meer kwam ik niet te weten.”

Ja, achteraf, zeggen ook de andere omwonenden die Josef B. regelmatig in zijn blauwe Volvo voorbij zagen rijden. Achteraf was er zeker iets vreemds aan de hand.

Het perceel van Josef B. is alleen bereikbaar via een onverharde weg. Het wordt afgeschermd door de aangeplante bomen. Toen ze eens met een verrekijker overstekende reeën volgde, zag Glazenburg dat wat zij had aangezien voor een uilenkast eigenlijk een met hout omlijste camera was. Het terrein werd bewaakt door ganzen, die begonnen te kwekken als er iemand in de buurt kwam. Glazenburg begon haar buurman Heinrich Hekker te noemen. Sommige buren hadden het over ‘Fort Zeelandia’. Op uitnodigingen voor buurtactiviteiten reageerde B. niet, zelfs niet met een afwijzing.

De buurt kreeg ook ontzag voor deze buurman, „met zoveel timmertalent en liefde voor bloemen en planten”. Zijn verwilderde stukje land veranderde in een aangeharkte tuin, met groenten en gekleurde bloemen. „Een zonderlinge man van wie wij dachten: leven en laten leven. Wij wilden ons niet opdringen.”

Het pand werd aan Josef B. verhuurd door een dorpsbewoner. Zij zei in De Telegraaf de afgelopen jaren wel op het terrein te zijn geweest, maar niets opmerkelijks gezien te hebben. De vrouw is op vakantie, zegt haar zoon in de deuropening. Hij weet zelf ook niet wat er precies aan de hand is, zegt hij. Hij zag het perceel voor de eerste keer op de dronefoto’s van het ANP. Dinsdag liepen er opeens journalisten door zijn koeienstallen.

Honderd volgers op LinkedIn

Het gebeurt niet vaak dat Ruinerwold landelijk in het nieuws is. Een van de laatste keren was in 1998, toen het nummer ‘Ben je Geil of Wil je een Koekje’ een hit was. Ronald Buld was de zanger, maar wil het er niet meer over hebben. „Het is iets van vroeger.” Het lied was een grapje, slecht gespeeld ook, maar al snel werden hij en zijn band, boerenjongens van begin twintig, in een geblindeerde Chrysler het land doorgereden. In het dorp werd hij aangesproken, hoe durfde hij zo’n tekst op televisie te zingen?

Lees ook: Online deelde Jan foto’s van bomen

Opoes Erfenis, in de hoofdstraat van het dorp, is ingericht als een kruidenierszaak uit 1930. Ze verkopen artikelen ‘van vrogger’. Raggers, stijfsel, keukentextiel. Met de media wil de eigenaar „niets meer te maken” hebben. „Kijk dit nou”, wijst hij. Langs de ramen loopt de zoveelste cameraploeg. Het verhaal vindt hij steeds ongeloofwaardiger worden.

Op woensdag blijkt de oudste zoon van het gezin helemaal niet zo geïsoleerd te zijn geweest als eerst werd gedacht. Zijn Facebookaccount wordt ontdekt. Hij heeft ook Twitter, LinkedIn en twee Instagramaccounts. Sinds het voorjaar plaatst hij er berichten. Over het klimaat, de bomen rondom zijn huis, marketing en webshops. Op LinkedIn heeft Jan honderd volgers. Hij blijkt zelfs verbonden aan drie bedrijfjes, waaronder een timmerbedrijf. Ze vallen onder Native Creative Economy: op naam van Josef B.

„Leugenaar”, schrijven mensen op Jans profielen op sociale media.

Hoe meer er over het gezin aan de Buitenhuizerweg naar buiten komt, hoe vreemder de dorpsbewoners het verhaal vinden worden.

Op donderdag meldt RTV Drenthe dat het gezin bij een sekte zou horen, de Moon-sekte, uit Zuid-Korea. Elk half uur zouden ze in een circkel moeten bewegen. In het huisje van het bungalowpark waar ze na hun ontdekking zijn ondergebracht lukte dat niet, dus liepen ze buiten rondjes. „Op het moment dat andere gasten op het bungalowpark dat zagen gebeuren, en er foto’s van maakten, is besloten het boerderijgezin elders onder te brengen”, schrijft de regionale omroep.

De organisatie, door volgelingen ‘Verenigingskerk’ genoemd, laat vrijdag weten dat de vader in de jaren 80 kort lid is geweest, en dat hij psychische problemen had. Na zijn vertrek richtte hij volgens bestuurslid Johannes Campman zijn eigen beweging op.

Saskia Glazenburg schrijft: „Hebben de buurkinderen in buurmans huis de blijde stemmen en het geroep en gezang van ons en onze kleinkinderen gehoord? Hebben ze ons door de bosjes bespied en verlangd naar een dergelijk leven? Of hebben ze ons verafschuwd, omdat wij zo losbandig leven?”

Zij en haar man hebben in ieder geval niets gehoord. „Dat verwijt ik mezelf wel. Maar als je niets slechts denkt van mensen, hoe zou je dit scenario dan hebben kunnen bedenken?”

Rare mensen op televisie

Wanneer wijkt iets zodanig af dat je optreedt? Josef B. die twee keer per dag in zijn Volvo over de Buitenhuizerweg reed, was na jaren óók een vertrouwd beeld geworden.

Als de gordijnen van de overbuurman te lang dicht zitten, dan belt Annemieke Knevel zijn zoon. Maar ze heeft ook buren die ze eigenlijk niet zo goed kent, omdat zij niet zo’n zin lijken te hebben in contact. Wat nu als daar iets mee is?

Naoberschap, zegt Ronald Buld, betekent ook dat je mensen met rust laat als ze dat willen.

Een monteur van garage Dolfsma kent het naoberschap óók, hij woont een paar dorpen verderop. Hij zegt dat naoberschap voortduurt tot het ongemakkelijk wordt. „Tot je wordt geconfronteerd met iets anders dan je gewend bent, tot een ander een groot probleem heeft dat je niet het jouwe wilt maken.” Daarom, zegt hij, kijken we het liefst naar rare mensen op televisie. „Vanaf een veilig afstandje, zodat het niet in de buurt hoeft te komen.”

Op vrijdag zijn de journalisten nog altijd niet uit het dorp verdwenen. „Soms staan vijf camera’s naast elkaar hetzelfde beeld te maken”, zegt Ronald Buld. Inmiddels is „de helft van de inwoners van Ruinerwold” door de media benaderd.