Recensie

Recensie Uit eten

Afghaans ‘avontuur’ met laagdrempelige instap

Foto Walter Herfst
Foto Walter Herfst

We waren voorafgaand aan ons dinertje al een paar keer aan het restaurant voorbijgereden, zonder dat we ook maar een moment de indruk kregen dat we er nog eens ooit om een plekje zouden moeten bedelen. Kite leek ons groot genoeg om er óók op een zaterdagavond onaangemeld te kunnen binnenstappen. De werkelijkheid bleek toch anders. Al vanaf half zeven stroomt de zaak er in het weekend met gemak helemaal vol, zoals het ook in de aanpalende eetgelegenheden dan al overal hutjemutje zit. Om twee redenen nogal verbazingwekkend. Ten eerste is de Westblaak toch allesbehalve een straat die je de allure van een uitgaansboulevard toedicht. En ten tweede is Kite een Afghaans restaurant, wat op zijn minst de veronderstelling wettigt dat het een doelgroep in de niche van het Rotterdamse uitgaansleven bedient.

Maar dat hebben we dus ook mis. Wanneer we na de nodige herberekeningen in het dikke reserveringsboek alsnog een tafel krijgen toegewezen, valt vooral op hoe gemêleerd het publiek in Kite is. Turkse en Marokkaanse Rotterdammers, Surinamers en Antillianen, witte plaatsgenoten en dan ongetwijfeld ook nog een aanzienlijk contingent Afghanen. De meesten zijn twintigers, net als eigenaar Ali Aslam. Hij runt het restaurant met zijn vader (de kok in de keuken) en andere leden van zijn familie, en combineert dat ondernemerschap met een studie civiele techniek aan de TU Delft. Los van de kaart zal het de sfeer zijn die borg staat voor de toeloop in Kite. Een dj met dreadlocks draait er de muziek, en volgens onze piepjonge kelner Arjan mogen we er rustig vanuit gaan dat er in de late uurtjes ook nog gaat worden gedanst.

Het menu in Kite is onderverdeeld in vijf verschillende 'bites', tien gerechtjes in de categorie shared dining, en de specials van de chef in vier, vijf of zes gangen. We kiezen voor de optie-vijf. Die reeks begint met een appetizer van versgebakken, knapperig naanbrood met drie "dippertjes". Dat in één ervan nota bene parmezaanse kaas is verwerkt, zal iets te maken hebben met de laagdrempeligheid die Ali Aslam in Kite voorstaat; we zien de bediening bijvoorbeeld ook met schalen frites en mayonaise passeren. De Ash die we daarna geserveerd krijgen, versterkt die indruk. De traditionele kippensoep van de Afghanen verschilt, althans in Kite, maar nauwelijks van die waarmee onze oma's vroeger de zondagmiddag opluisterden. Zelfs de vermicelli ontbreekt niet. "Het smaakt alles bij elkaar toch een beetje als de Olvarit van het Midden-Oosten", doet mijn gezelschap haar eigen duit in het zakje.

De samoza, die ook weer met kip en overige uit de soep herkenbare groentetjes is gevuld, roept opnieuw herinneringen op aan het tijdperk waarin de frituurpan nog de belangrijkste aanjager was van de oer-Hollandse gezelligheid. Het pasteitje is vettig, weinig krokant, en hoeft het ook van zijn presentatie verder niet te hebben. Prima als tussendoortje in de toko of als snack voor bij de tv, maar tamelijk ondermaats als gangetje in het "culinaire avontuur" dat ons toch is beloofd. De ervaring in het eveneens Afghaanse restaurant Helai op Zuid (NRC, 17-11-2018) leert dat het in een chef's special allemaal best wat authentieker en aangekleder kan.

Goed, tot zover dan wel het gemopper, want vervolgens wordt er door vader Aslam wel degelijk aardig uitgepakt. Als de nationale 'rijsttafel' eenmaal wordt uitgeserveerd, snap je al meteen een stuk beter waarom er intussen al drie restaurants van Afghaanse origine (naast Helai ook Afsana op Zuid) in de stad zijn gevestigd. Het plateau in Kite omvat onder andere mantoe (dumpling), lams-, kip- en aardappelkorma, naast schoteljes met gebakken aubergine en spinazie, en niet te vergeten die geurige chalaw-rijstgerechten met Perzische zuurbesjes, saffraan en amandelen. Het dessert (ijs op een dik bed van sesampasta) is in Kite daarna eigenlijk echt te veel, maar kunnen we natuurlijk niet laten staan. Bijkomend dingetje wel: van Afghaans dansen op de beats van de dj komt het dan al helemáál niet meer.

Wim de Jong is culinair recensent.