AOW neemt fors toe en compenseert deels de verwachte pensioenkorting

Verwacht wordt dat het totaalbedrag dat AOW-gerechtigden ontvangen per 1 januari ongeveer 2,4 procent hoger is dan nu.

De stijging van de AOW-uitkering is een opsteker voor pensioengerechtigden.
De stijging van de AOW-uitkering is een opsteker voor pensioengerechtigden. Foto Roos Koole/ANP

Dit en komend jaar stijgt de AOW-uitkering sterker dan de afgelopen 21 jaar. Het totaalbedrag dat AOW-gerechtigden ontvangen zal in juli 2020 zijn toegenomen met 8,3 procent ten opzichte van eind 2018. Dat heeft het economisch bureau van ABN Amro berekend op basis van de geldende regelgeving.

De AOW-uitkering voor alleenstaanden bedraagt momenteel 1228,28 euro bruto per maand. Per januari neemt dat dus toe met ruim 25 euro. ABN Amro verwacht per 1 januari een stijging van ongeveer 2,4 procent en per juli 2020 komt daar nog ruim 1 procent bovenop. Dat resulteert in de grootste stijging sinds de wijziging van de belastingwetten in 1998. De Sociale Verzekeringsbank maakt de definitieve stijging voor 1 januari bekend.

Lees ook: Het pensioenfonds voor priesters presteert nog prima

De verhoging van de AOW-uitkering wordt veroorzaakt door de loongroei, die dit jaar sneller gaat dan voorgaande jaren. Via het wettelijke minimumloon is de hoogte van de AOW-uitkering gekoppeld aan de cao-loonstijging. De verwachting is dat het wettelijke minimumloon zowel per 1 januari als per 1 juli 2020 met zo’n 1,3 procent stijgt.

AOW-gerechtigden profiteren ook van een belastingmeevaller die het kabinet heeft vastgelegd in het Belastingplan voor 2020. Die maatregel zou tot ruim een procent stijging van de AOW-uitkering leiden.

Kortingen lijken onvermijdelijk

De te verwachten stijging van de uitkering is een opsteker voor gepensioneerden die vrezen voor een korting van hun aanvullend pensioen. Vorige maand bleek dat de dekkingsgraad van de vier grote pensioenfondsen ruim onder de 100 procent ligt.

De dekkingsgraad van het grootste fonds ABP, voor ambtenaren en onderwijspersoneel, was in september 91 procent. Dit betekent dat het fonds 9 procent te weinig geld heeft om de toekomstige uitkeringen uit te kunnen betalen. Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW) heeft 8 procent te weinig in kas, Pensioenfonds van de Metalektro (PME) 7 procent en Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT) 5 procent.

Volgens de huidige pensioenwetgeving lijkt het onvermijdelijk dat deze en andere fondsen volgend jaar al hun pensioenuitkeringen en pensioenrechten van werknemers moeten verlagen. Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) is in gesprek met de pensioensector om tot een oplossing te komen die onnodige kortingen moet voorkomen. In november komt hij met een plan, beloofde hij woensdag aan de Tweede Kamer.

Lees ook: Geld sparen in een pensioenfonds, hoe slim is dat nog?

De pensioenfondsen zijn in de problemen gekomen door de dalende rente. Omdat de rente momenteel zeer laag ligt, zijn de fondsen verplicht meer geld in kas te hebben om toekomstige uitkeringen te kunnen garanderen. Wel maken de fondsen iedere maand winst op hun beleggingen, zij hebben zelfs een recordbedrag gespaard, maar voorlopig is dat bedrag onvoldoende om de gevolgen van de dalende rente op te vangen.

Overigens kampen niet alle pensioenfondsen met lage dekkingsgraden. Tientallen kleine fondsen hebben dit probleem niet dankzij hun hogere premies en betere bescherming tegen rentedaling.