Ook zonder meerderheid gaat coalitie vol vertrouwen door

Coalitie Of het kabinet nog wel gewoon kon blijven regeren met nog maar 75 zetels, wilde PvdA-leider Asscher weten. Geen enkel probleem, maakte de coalitie woensdagavond duidelijk.

Premier Mark Rutte en PvdA-leider Lodewijk Asscher in debat. Foto Jerry Lampen/ANP
Premier Mark Rutte en PvdA-leider Lodewijk Asscher in debat. Foto Jerry Lampen/ANP

Het was PvdA-leider Lodewijk Asscher die het debat had aangevraagd. Hij wilde van premier Rutte (VVD) horen hoe de coalitie dacht om te gaan „met het ontvallen van de meerderheid”, nu Wybren van Haga uit de VVD-fractie is gezet. Maar woensdagavond kreeg Asscher meteen ingepeperd dat hij zelf „ervaringsdeskundige” is, zoals Farid Azarkan (Denk) zei: het kabinet-Rutte II waarin Asscher vicepremier was, steunde ook maandenlang op 75 zetels in de Tweede Kamer. En in de Eerste Kamer had dat kabinet nota bene maar 21 (van de 75) zetels.

Op de dag dat het boerenprotest Den Haag platlegde en er ook een debat over de Turkse invasie in Syrië op de planning stond, debatteerden de fractievoorzitters woensdag over zichzelf. Sommigen deden dat met zichtbaar ongemak. Zoals VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff, die Kamervoorzitter Khadija Arib vroeg: „We hebben dit debat echt hè?” Om het daarbij te laten en weer terug te lopen naar zijn bankje. Of Jesse Klaver, partijleider van GroenLinks, die zich afvroeg waarom de fractievoorzitters wel bij dit debat kwamen opdraven, maar de debatten over Syrië en stikstof aan hun fractiespecialisten overlaten. Andere fractievoorzitters besloten hun vier minuten spreektijd te gebruiken om allerhande thema’s aan te snijden. Esther Ouwehand, de kersverse fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren, begon over het handelsverdrag CETA, Henk Krol (50Plus) over de pensioenen en de rekenrente.

PVV-leider Geert Wilders wilde het niet hebben over het zogenaamde verlies van de meerderheid van Rutte III, maar over het gebrek aan oppositie. Bij de Algemene Politieke Beschouwingen was iedereen „poeslief voor elkaar”, zei hij, „slijmen met de macht is de nieuwe hobby”. Dat GroenLinks op voorhand heeft aangekondigd vóór alle begrotingen en het Belastingplan te stemmen, snapt Wilders wel, sarde hij. „Rutte III is al een beetje Klaver I, vandaar die adoratie van Klaver.”

‘Rechtgeaarde liberaal’

Degene die de aanleiding had gevormd voor het debat, Wybren van Haga, had aan het begin nog een ordevoorstel, waarmee hij zijn collega’s het debat had willen besparen. De coalitie, zo zei hij, is de meerderheid helemaal niet kwijt. Dat Van Haga na 38 jaar VVD-lidmaatschap uit de fractie (en later ook uit de partij) is gezet, betekent niet dat hij geen „rechtgeaarde liberaal” meer is.

Alles wat in het regeerakkoord staat, steunt de ex-VVD’er voor „100 procent”. Bij nieuwe voorstellen vanuit de coalitie zal hij „als zelfstandig Kamerlid een zelfstandige afweging” maken, en hij voorspelt dat hij in „99 procent” van de gevallen met de coalitie mee zal stemmen. Alleen „nieuwe, slechte plannen uit de coalitie” zal hij niet steunen.

De fractievoorzitters van de coalitie die in tegenstelling tot Klaas Dijkhoff wél iets zeiden, benadrukten dat het verlies van de zetel van Wybren van Haga geen wezenlijk verschil maakt. Pieter Heerma (CDA) zei dat het zoeken naar een breed draagvlak de „essentie van ons polderdenken” is. De opdracht om naar steun van oppositiepartijen te zoeken lag er al, zei Heerma, en die zal niet veranderen. Rob Jetten (D66) wees naar het pensioen- en klimaatakkoord: twee belangrijke onderwerpen waarover de coalitie eerder dit jaar een akkoord sloot met steun vanuit de oppositie.

Na ruim een uur was het debat voorbij. Interrupties waren er nauwelijks, en premier Rutte liet de enkele inhoudelijke vraag die hem was gesteld onbeantwoord. Daarvoor vond hij het niet het geschikte moment, zei hij. Over het verlies van de meerderheid van de coalitie was hij kort: het kabinet zal doorgaan met zoeken naar breed draagvlak.