Opinie

Komt een unicorn bij de dierenarts

Maarten Schinkel

Wordt WeWork het Symbool van de overmoed op de beurzen van vandaag? De verhuurder van tijdelijke kantoorruimte stond op het punt naar de beurs te gaan als miljardenbedrijf. Een paar maanden later wankelt het, en het is onduidelijk of het wel overleeft. Het ene moment zien aandeelhouders een snelgroeiend megabedrijf met een gouden toekomst en een potentiële beurswaarde van een miljard of zevenenveertig. Het volgende een verliesgevende tent zonder enig bezit van betekenis, die zichzelf kortlopend moet financieren met noodkrediet, terwijl ze langlopende huurverplichtingen heeft.

In deze fase van de typische sage van een probleembedrijf wordt nog gepraat over keuzes, tussen kapitaalinjecties van aandeelhouder Softbank of een dure kredietlijn onder leiding van de bank JP Morgan Chase. Maar het zou niet moeten verbazen als het gewoon afgelopen is met WeWork. Het gaat er misschien alleen om dat de betrokkenen nog niet in de acceptatiefase zijn beland.

De laatste instapper bepaalt de waarde van alle aandelen

Hoe het ook met WeWork afloopt, elke fase, elk tijdperk heeft zijn voorbeelden van de hoogmoed die op het hoogtepunt om zich geen grijpt. Nee, Bear Stearns, de wankelende zakenbank, had vlak voor het uitbreken van de financiële crisis geen hulp nodig. Ga weg. De overname van uitgever Time Warner door internetbedrijf America Online begin 2000 was geniaal: hoera, nieuwe economie koopt oude economie. Het bleek een luchtspiegeling. In Nederland hebben we de beursgang van World Online om verbaasd op terug te kijken.

Daarvoor was er, eind jaren tachtig het feest van overnames gefinancierd met junk bonds, hoogrentende riskante leningen. Maar dat tijdperk, Tom Wolfes Bonfire of the Vanities, doofde in een poel van onbetaald krediet.

Maar wacht: al die unicorns van tegenwoordig dan, die jonge bedrijven met een waarde van meer dan een miljard? Daar moet toch wat inzitten?

Tja. Stel je voor dat we een bedrijf oprichten. We noemen het Furniturely. Het speelt in op de wens van jonge professionals om ongebonden te zijn, en speelt tegelijk in op hun behoefte aan een eigen identiteit. Wie meedoet, betaalt 150 euro in de maand, krijgt van Furniturely een IKEA-catalogus en mag voor 3.000 euro zijn appartement inrichten. Twee leuke gozers in een Furniturely-busje komen voorrijden en schroeven alles in elkaar. Bij een verhuizing demonteren de leuke gozers alles en loopt de klant zonder verplichting weg.

Wie weet werkt het wel. Amsterdam, Parijs, Berlijn: overal rijden opeens de Furniturely-busjes (met zo’n leuke F op de zijkant). Er komen catalogi van andere merken bij. Iedereen blij. Het enige wat nodig is, zijn wat financieringsrondes waarin beleggers telkens aandelen kopen tegen oplopende prijzen, en daarmee een vermogen creëren waarmee de expansie kan worden betaald en waartegen kan worden geleend.

De laatste aankoop, al is het maar van een handvol aandelen, bepaalt de waarde van álle aandelen. Zo kan je met betrekkelijk weinig geld een bedrijf een enorme papieren waarde geven. En vóór Furniturely uit zijn aanloopverliezen is, kan het halsoverkop naar de beurs worden gebracht zodat iedereen die er al in zat tegen een hoge koers kan uitstappen. Pfoei, net op tijd.

Het enige wat hier voor nodig is, is het vertrouwen van de toekomstige beleggers bij de beursgang dat het bedrijfsmodel van Furniturely werkt. En, belangrijker nog, dat er na hen een nog grotere idioot is die de aandelen weer van hen koopt. Tot dat vertrouwen er op een kwade dag niet meer is. WeWork, het wonder dat niet was, brengt dat moment dichterbij.

Maarten Schinkel schrijft over economie en financiële markten.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.