De spagaat van de NBA: geld versus geweten

NBA vs. China Uitspraken van superster LeBron James legden in de ‘Chinakwestie’ bloot hoe de NBA worstelt met moraliteit als er geld op het spel staat.

Demonstranten in Hongkong met een foto van Lebron James voor hun gezicht.
Demonstranten in Hongkong met een foto van Lebron James voor hun gezicht. Foto Mark Schiefelbein/AP

Een demonstrant heeft een foto van een ogenschijnlijk huilende LeBron James als masker op zijn gezicht, in zijn hand klemt hij een briefje van honderd Chinese yuan met daarop de beeltenis van Mao. Shirtjes van James met brandvlekken, vertrapt op straat. Zoals amper een week geleden Chinese basketbalfans zich tegen Houston Rockets keerden, zo was nu de woede van demonstranten in Hongkong gericht op Los Angeles Lakers-speler James, de bekendste basketballer ter wereld.

Eén tweet opende een wond voor de NBA (National Basketball Association) in China, en die wond blijft etteren. De NBA-leiding, de clubs en de spelers willen dat de controverse verdwijnt – het nieuwe seizoen begint volgende week. Maar de dagen sinds Daryl Morey, algemeen directeur van de Rockets, vorige week op Twitter zijn steun voor de pro-democratiedemonstranten in Hongkong uitsprak, zijn een aaneenschakeling van pijnlijke momenten geweest. Hoe snel hij de tweet ook verwijderde. Het zijn momenten die de spagaat laten zien waarin de NBA zit, tussen moralisme en kapitalisme. En tegelijk het gevecht met de eigen identiteit, die van een activistische sportcompetitie.

Lees ook: Verenigde Staten verhogen druk op China met aparte Hongkong-wet.

Nadenken over gevolgen

LeBron James vormt het nieuwste hoofdstuk in de China-saga. Hij sprak zich maandag tegenover journalisten voor het eerst uit over de kwestie en viel daarbij Morey af. „Als je niet goed geïnformeerd bent of ergens niets over hebt geleerd – en dan heb ik het alleen over de tweet zelf – weet je niet wat de gevolgen zullen zijn. Zoveel mensen hadden geraakt kunnen worden, niet alleen financieel, ook lichamelijk, emotioneel, spiritueel.” Zijn woorden kwamen James op veel kritiek te staan, ook vanuit de Amerikaanse politiek.

James’ nadere uitleg, op Twitter, veranderde daar niets aan. „Laat ik de verwarring ophelderen. Ik denk niet dat er rekening werd gehouden met de gevolgen en effecten van de tweet. Ik ga het niet over de inhoud hebben. Anderen kunnen daarover praten.” En: „Mijn team en de competitie hebben een moeilijke week doorstaan. Ik denk dat mensen moeten begrijpen wat een tweet of statement met anderen kan doen. En ik denk dat niemand even stilstond en overwoog wat er zou gebeuren. (Hij) had een week kunnen wachten met het versturen.”

Lees ook: Wie het voor Hongkong opneemt, raakt omzet kwijt..

Twee dingen spelen een rol, met James als symbool voor de complete NBA. Allereerst de druk van het grote geld. China is de belangrijkste buitenlandse afzetmarkt voor het Amerikaanse basketbal. Er worden sinds 2004 bijna elk jaar oefenwedstrijden in het voorseizoen gespeeld. Er zitten belangrijke sponsoren die veel geld binnenbrengen. Het exacte bedrag is onduidelijk, maar volgens schatting van de Amerikaanse hoogleraar sportrecht Steven Weisman per jaar zeker zo’n 500 miljoen dollar (450 miljoen euro), zo zei hij tegen CBS News.

Verschillende sponsoren trokken zich na de bewuste tweet, en een reactie van NBA-directeur Adam Silver waarin hij Moreys vrijheid van meningsuiting verdedigde, terug. De streamingservice Tencent, goed voor een vijfjarig contract ter waarde van 1,5 miljard dollar, besloot de eerste twee Chinese NBA-duels niet uit te zenden, maar zendt inmiddels weer wedstrijden uit. Dan zijn er nog spelers die individueel deals hebben met Chinese sponsoren. Zo heeft Klay Thompson, speler van Golden State Warriors, een tienjarig contract met het Chinese schoenenmerk Anta, ter waarde van 9 miljoen dollar per jaar.

Boze demonstranten staken shirts van LeBron James in brand en vertrapten ze. Foto Mark Schiefelbein/AP

Conflicten mijden vanwege geld

James heeft geen Chinese sponsoren, maar toch wordt hem verweten aan zijn portemonnee te denken. Vandaar de demonstrant in Hongkong met het masker op zijn gezicht en het Chinese geld in zijn handen. Precies wat de kritiek is op de NBA als geheel: conflictmijdend om het geld te redden. Bronnen binnen de NBA vertelden Yahoo Sports dat gevreesd wordt dat door de Chinakwestie het salarisplafond met 10 tot 15 procent zou kunnen dalen volgend seizoen. Minder geld dus voor de spelers.

Waar James zich in ieder geval uitsprak voor één van beide kanten in het conflict, hebben veel collegaspelers meel in de mond. Populair: we zeggen niets, want we weten er te weinig van. Klaar. Toch?

Maar dan is er het tweede deel van de worsteling: de hypocrisie wat betreft activisme, zeker gezien het verleden van de NBA.

Van alle grote Noord-Amerikaanse sportcompetities heeft de NBA de reputatie dat het erkent dat sporters ook mensen zijn. Mensen met meningen, die ze mogen uiten zonder gevolgen. In het verleden was er bijvoorbeeld Kareem Abdul-Jabbar, de speler van de Lakers die actievoerde tegen raciale ongelijkheid. En de NBA verplaatste in 2017 nog de jaarlijkse All-Star Game uit Charlotte, North Carolina, omdat de staat een omstreden transgenderwet had aangenomen.

James wordt nu door zijn critici ook hypocrisie verweten. Hij is misschien wel de meest activistische speler in de NBA. Hij ageert fel tegen politiegeweld tegen zwarte Amerikanen, raciale ongelijkheid, en president Trump. Maar aan de Chinakwestie wil hij zijn handen niet branden en dat wordt hem in opiniestukken in Amerikaanse media ernstig aangerekend.

De NBA is verwikkeld geraakt in een strijd die het nooit had willen voeren en die het ook niet kan winnen. Financieel verlies of gezichtsverlies; zoals het er nu naar uitziet , wordt het allebei.