Recensie

Recensie Muziek

Vasily Petrenko’s Tiende van Sjostakovitsj smeult lang na

Klassiek De mens als wisselgeld van de macht, dirigent Vasily Petrenko en het Oslo Filharmonisch bewezen dat de Tiende van Sjostakovitsj actueler en schrijnender is dan ooit.

Pianist Leif-Ove Andsnes speelde samen met het Oslo Filharmonisch Orkest onder leiding van Vasily Petrenko.
Pianist Leif-Ove Andsnes speelde samen met het Oslo Filharmonisch Orkest onder leiding van Vasily Petrenko. Foto Gregor Hohenberg

De grote zaal van het Concertgebouw is een instrument, en Richard Strauss is een van de verraderlijkste componisten die je er kunt vertolken. Want hij tuigt zijn symfonische gedichten op met grote orkesten, maar verlangt daarvan een kamermuzikale helderheid. Dit leek in Don Juan soms wat veel gevraagd van het Oslo Filharmonisch Orkest en zijn dirigent Vasily Petrenko, dan begon de klank te klonterden. Dat ze het heus wel kunnen, bewijst hun mooie onlangs verschenen Strauss-album, met diens drie opstandige helden Don Juan, Don Quixote en Till Eulenspiegel.

Hoe anders weerklonk het Pianoconcert van de Noor Edvard Grieg, met aan de vleugel landgenoot Leif Ove Andsnes. Dit meesterwerk zit in de genen van het orkest en de muziek klaterde met de doorzichtigheid van een bergbeek in de zomerzon. In het tweede deel riep de hoorn stille verten op en halverwege de finale liet Andsnes als balsem heldere waterdruppels uit zijn vingers vallen. De natuur toonde zich groots en intiem tegelijk. Petrenko hield zijn – hiervoor afgeslankte – orkestrale krachten deze keer in volmaakt evenwicht.

Dat gold ook voor de grillige Tiende Symfonie van de Rus Sjostakovitsj, die in première ging vlak na de dood van Sovjet-dictator Stalin, onder wiens bewind de componist in voortdurende vrees leefde. Niets is wat het lijkt in de muziek, zelfs de meest troostende melodie in de houtblazers wringt, doodsangst vormt een onderstroom die op gezette tijden met de stuwkracht van een vulkaan naar de oppervlakte spuwt, om vervolgens nog lang in het gehoor na te smeulen.

Een eenzame klarinet, fluit, hobo of fagot probeerde het gemoed soms even te verlichten, maar werd al snel meegesleurd in het marsgeweld van slagwerkers, nachtmerrieachtige walsen of de donkere afgronden van de lage strijkers. De mens is wisselgeld van de macht. Petrenko en zijn musici kerfden dat gevoel diep in de ziel. Wie dezelfde avond de Turkse voetballers na het gelijkspel in Frankrijk zag salueren als steun voor Erdogan, besefte hoe schrijnend actueel deze symfonie nog altijd is.