Opinie

Te weinig leiderschap, te veel kleinhartigheid

Tom-Jan Meeus

Vier jaar terug zat ik op de vloer van een verkiezingsdebat van RTL 4, en even, een paar seconden maar, zag ik een blik van totale ontzetting bij toenmalig CDA-voorman Buma. RTL 4 legde zes partijleiders een stelling voor: landgenoten die als jihadist naar Syrië of Irak zijn gereisd, kunnen beter daar sneuvelen dan terugkeren naar Nederland. Rutte antwoordde als enige bevestigend, en toen gebeurde het. Een flits waarin je zag wat Buma werkelijk dacht: een premier die landgenoten de dood toewenst, was in zijn ogen een onverantwoorde windvaan.

Hoe je dit ook beoordeelt: Rutte creëerde destijds een politiek feit waarmee het land nog steeds opgezadeld zit. Minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) liet vorig jaar in Pauw doorschemeren dat hij hoopte op terugkeer van kalifaatkinderen – en trok dit schielijk in. Ook de CDA-fractie nam Ruttes standpunt over, en zelfs D66-minister Kaag (Buitenlandse handel) verdedigde begin dit jaar de blokkade op terugkeer: ze zei in de Kamer dat er „geen indicatie” was dat Syrische Koerden „strijders en families vrij zullen laten”.

Na het weekeinde weten we dat dit gevaar levensgroot is, en zo betalen we de prijs voor het feit dat het beleid jarenlang is bepaald door een verkiezingsnummertje: wat eerst een comfortabel standpunt was, vormt nu het reële gevaar voor terugkerende Syrië-gangers in bomvesten.

Wie leiderschap verwart met lafheid, komt uiteindelijk altijd op de koffie.

Je zag het ook bij de wending die de boerenacties maandag namen. Twee weken terug verwelkomden politici, ook van coalitiepartijen, protesterende boeren op het Malieveld. Het land lag plat, ze reden hekken kapot, en de politicus die ze tegensprak werd de mond gesnoerd. Toch was het goed, hoorde je die dag, dat deze authentieke ondernemers zich roerden.

Evengoed was toen al duidelijk dat de breed geuite politieke belofte aan boeren – geen ‘gedwongen’ krimp – valse hoop bood: allerlei boeren meenden ‘geen krimp’ te horen. Maar kabinet en provincies laten daar in hun voorlopige beleid wel degelijk ruimte voor. Zo kwam het tot de acties bij de provincies. Vier daarvan trokken in confrontatie met boeren hun voorlopige maatregelen snel weer in, maar toen de provincie Groningen maandag voet bij stuk hield waren die authentieke ondernemers ineens zo gezellig niet meer.

Zo zagen we in twee kwesties wat er ontstaat als politici moed veinzen maar kleinhartigheid tonen.

Den Haag eist deze week vast weer ‘opheldering’ – maar je zou hopen dat ze ook toekomen aan de kern: dat Den Haag te goed is geworden in handige tekstjes, en te weinig de ongemakkelijke werkelijkheid benoemt.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Lotfi El Hamidi.