Céline Sciamma: ‘De vrouwelijke blik is niet zo ingewikkeld’

Interview Céline Sciamma ‘Portrait de la jeune fille en feu’ van de Franse regisseur Céline Sciamma draait om de passie tussen een achttiende-eeuwse schilder en haar model. „Ik geef lesbische liefde een cultureel verleden.”

Voor veel filmliefhebbers was Portrait de la jeune fille en feu van de Franse filmmaker Céline Sciamma (1980) eerder dit jaar de morele winnaar van Cannes. Terwijl de Zuid-Koreaanse misdaadkomedie Parasite van Bong Joon-ho er met de Gouden Palm vandoor ging, kreeg Sciamma ‘slechts’ een scenarioprijs.

Als je haar over haar film hoort praten dan blijkt inderdaad hoeveel tijd en aandacht er in dat scenario zit. Sciamma is zelf de scenarist van de film en schrijft ook scenario’s voor anderen, zoals voor Quand on a 17 ans van André Téchiné of voor de animatiefilm Ma vie de Courgette. Maar Sciamma is eerst en vooral de maker van echte auteursfilms als Tomboy (2011) en Bande de filles (‘Girlhood’) (2014): beeldrijke films die vanuit een zelfbewuste contemporaine vrouwelijke blik naar de levens en lichamen van opgroeiende meisjes kijken.

Ook Portrait de la jeune fille gaat over kijken. Tamelijk letterlijk zelfs, want de film draait om de liefde tussen een achttiende-eeuwse schilderes en haar model. Maar vanaf het begin af aan zijn de rollen in dit spel diffuus. Nu eens kijkt de een naar de ander, dan weer kijkt de ander terug. Soms kijken ze elkaar aan. De film werd bejubeld om zijn ‘female gaze’: de vrouwelijke blik die vrouwelijke personages niet objectiveert, maar ze toont als mensen van vlees en bloed, met een autonoom gevoelsleven. Sciamma: „Die vrouwelijke blik is niet zo ingewikkeld, maar hij is nog veel te weinig ingeburgerd. Nog steeds wordt in de filmgeschiedenis naar vrouwen gekeken in plaats van dat vrouwen degenen zijn die kijken. Daarom is deze film voor mij politiek en noodzakelijk. Maar ook romantisch en erotisch: hij gaat ook over het verlangen om gezien te worden.”

De openingsscène geeft de kijker meteen een les portretschilderen We horen: „Begin met de omtrek, vul het niet te snel in.”

„De sleutelzin in die scène en misschien ook wel van de hele film is: ‘Neem de tijd om naar me te kijken.’ Daarom heb ik voor het maken van deze film ook de tijd genomen. Ik heb de rol van Héloïse geschreven met Adèle Haenel [Sciamma’s levenspartner, red.] in gedachten. Het proces was als een gecontroleerde dagdroom. Het begon met beelden, korte dialogen. Het moest een liefdesgeschiedenis worden die volledig geleefd zou worden. Die eerste scène was er al snel. We zien hoe schilderes Marianne (Noémie Merlant) zowel docent als model is. Ik wilde de esthetische conventies van het kijken omdraaien. Daardoor wordt die zin ook een metafoor voor de film zelf.

„De rol van de vrouw in de kunstgeschiedenis is altijd die van muze of model geweest. Toen ik aan het schrijven was nam iedereen automatisch aan dat Adèle de schilder zou spelen, wat iedereen als de hoofdrol zag, want ze is een ster, en een sterke persoonlijkheid. Voor haar was van meet af aan duidelijk dat ze het model zou zijn, vanwege de parallellen met acteren: acteurs zijn ook modellen, al heeft de acteur natuurlijk ook de ruimte om een personage zelf te scheppen.”

Lees hier de recensie van ‘Portrait de la jeune fille en feu’

Uw ideeën over kijken hebben ook gevolgen voor de visuele stijl.

„Ik wist dat ik veel gebruik zou moeten maken van het klassieke principe van shot-tegenshot, omdat het gaat over de schilder en het model, en het kijken van de een naar de ander. Het is niet een stijl die ik per se apprecieer, of die ik vaak toepas. Maar neem de eerste keer dat Héloïse voor Marianne poseert en de vonk tussen hen overslaat. Marianne vraagt haar naar haar te kijken. Het goeie van shot-tegenshot is dat je je helemaal op één acteur, op één gezichtspunt kunt concentreren. Maar dat geldt alleen als je slechts met één camera draait, en niet met twee zoals tegenwoordig door de invloed van televisie steeds gebruikelijker is geworden; ook omdat het goedkoper is. Ik film Noémie, terwijl ze zegt: ‘Kijk naar me.’ En ik zie iets in haar ogen gebeuren waarvan ik denk: wow. Maar ik weet niet wat er aan de andere kant gebeurt als Adèle tegenspel geeft. Pas door de wisselwerking krijgt Noémies blik in die situatie betekenis. In mijn vorige films ging het ook altijd over verlangen, maar allereerst over de ontdekking van jezelf. In deze film staat het verlangen centraal. Ook mijn eigen verlangen naar de beelden die ik wil maken.”

Is dat liefde op het eerste gezicht? De film wekt de indruk dat er al een soort verliefdheid is vóór die eerste blik.

„Dat komt omdat de film niet alleen een liefdesgeschiedenis is, maar ook de herinnering aan een liefdesgeschiedenis. De personages weten dat niet. De acteurs kunnen dat niet spelen. Maar de toeschouwer is door de eerste scène al in die positie van een terugblik in het verleden geplaatst, en voelt de hele film door behalve de liefde ook het verlies. Dat heeft een romantische kant, maar draagt ook bij aan de machtsdynamiek. We realiseren ons dat dit niet het traditionele verhaal is van een schilder die verliefd wordt op een model, maar van een model dat de schilder verleidt.

„En dan is er nog de bedscène waarin ze hun liefde bekennen door de ander te vragen: ‘Wanneer wist je dat je verliefd op me werd? Wanneer wilde je me voor het eerst kussen?’ En dan realiseer je je dat er altijd een moment is vóór het moment waarop je verliefd denkt te zijn geworden, dat je eigenlijk al verliefd bent.”

Waarom koos u ervoor om dit verhaal in de achttiende eeuw te situeren?

„De rol van vrouwen is systematisch buiten de kunstgeschiedenis gehouden. Toen ik met mijn research begon wist ik relatief weinig van de vrouwelijke kunstenaars uit die tijd, op enkele uitzonderingen na zoals Elisabeth Vigée Le Brun of Artemisia Gentileschi. Als je naar hun schilderijen kijkt, dan kijk je ook naar de geschiedenis van hun afwezigheid. Ik heb hun plek in de canon willen herstellen. Hetzelfde geldt voor lesbische liefdesgeschiedenissen. We hebben geen verleden. Ik heb ons een cultureel verleden willen geven.”