Nobelprijs voor Economie naar drietal voor bijdrage aan armoedebestrijding

Abhijit Banerjee, Esther Duflo en Michael Kremer krijgen de Nobelprijs voor hun “zorgvuldig ontworpen experimenten” die helpen de “wereldwijde armoede te bestrijden”.

Borstbeeld van Alfred Bernhard Nobel, die zijn nalatenschap gebruikte om de Nobelprijzen op te richten.
Borstbeeld van Alfred Bernhard Nobel, die zijn nalatenschap gebruikte om de Nobelprijzen op te richten. Foto Jonathan Nackstrand/AFP

Aan de Indiër Abhijit Banerjee, de Française Esther Duflo en de Amerikaan Michael Kremer is de Nobelprijs voor Economie 2019 toegekend. Dat heeft de Koninklijke Zweedse Academie voor Wetenschappen maandag bekendgemaakt. De drie economen hebben de onderscheiding gekregen voor hun werk dat zich richt op bestrijding van wereldwijde armoede.

Banerjee en Duflo zijn beiden verbonden aan het Massachusetts Institute of Technology. Michael Kremer werkt voor de eveneens nabij Boston gelegen Harvard University. De economen krijgen elk 3 miljoen Zweedse kronen (ruim 275.000 euro).

Lees ook dit artikel over het werk van Banerjee en Duflo: Een fles chloor bij elke dorpspomp

Volgens de jury hebben de laureaten „een nieuwe aanpak geïntroduceerd” die leidt tot „de beste manieren om wereldwijde armoede te bestrijden”. Ze hebben het grote armoedeprobleem in „kleinere, beter beheersbare vragen” onderverdeeld, zoals: hoe kunnen de „onderwijsresultaten of gezondheid van kinderen” worden verbeterd? Met behulp van „zorgvuldig ontworpen experimenten onder de mensen die het meest getroffen zijn”, zo schrijft de Zweedse Academie, kunnen deze kleinere, preciezere vragen worden beantwoord.

Met name de praktische toepasbaarheid van hun werk is reden geweest voor toekenning van de prijs. Het resultaat van een van hun onderzoeken was volgens de jury dat meer dan vijf miljoen Indiase kinderen profiteerden van effectief extra onderwijs op scholen. Ook heeft het werk geleid tot de invoering van „flinke subsidies voor preventieve gezondheidszorg in veel landen”, aldus de Zweedse Academie.

In de vijftig jaar dat de Nobelprijs voor Economie wordt vergeven, won slechts één keer eerder een vrouw de prestigieuze prijs. De oudste Nobelprijswinnaar voor Economie was 90 toen hij de onderscheiding ontving, de jongste 51.

Luister ook naar de speciale afleveringen van NRC‘s wetenschapspodcast Onbehaarde Apen over meerdere Nobelprijswinnaars

Eerdere Nobelprijzen en nieuwe controverses

De onderscheiding voor het drietal is de laatste Nobelprijs die dit jaar wordt toegekend. Eerder wonnen al twee Zwitsers en een Canadees de Nobelprijs voor Natuurkunde voor hun onderzoek naar respectievelijk exoplaneten en de vorm en samenstelling van het heelal. De prijs voor de Vrede ging dit jaar naar de Ethiopische premier Abiy Ahmed, die vrede sloot met buurland Eritrea. Een Amerikaan, Brit en Japanner wonnen de Nobelprijs voor Scheikunde voor hun werk aan de oplaadbare lithium-ionbatterij.

De eerste Nobelprijs dit jaar ging naar twee Amerikanen en een Brit die vanwege hun onderzoek naar zuurstofwaarneming van cellen de Nobelprijs voor Geneeskunde wonnen. Tot slot was er nog de prijs voor Literatuur. Die ging voor 2019 naar de Oostenrijkse schrijver Peter Handke en werd ook voor 2018 alsnog toegekend aan de Poolse auteur Olga Tokarczuk. Vorig jaar werd de prijs namelijk niet uitgereikt vanwege een #metoo-schandaal binnen de Zweedse Academie. Op de toekenning van die twee literatuurprijzen volgden felle reacties: in eigen land is Tokarczuk geliefd én gehaat om haar feminisme en linkse overtuigingen en Handke is omstreden vanwege diens steun aan Slobodan Milosevic.

Lees ook: Beveiligd en gehaat: dit zijn de twee omstreden winnaars van de Nobelprijs voor Literatuur